Het begon allemaal iets minder dan tien jaar geleden. In september 2008 kocht Arco, de holding van de christelijke arbeidersbeweging ACW, voor 350 miljoen euro aandelen van Dexia bij. De holding was een van de grote aandeelhouders van Dexia, die door de Belgische regering gevraagd werden de noodlijdende bank te stutten. Arco nam dat risico te midden van een financiële storm, en moest zelfs geld lenen bij Dexia om die aandelen van Dexia te kunnen kopen. In ruil kreeg Arco van de regering-Leterme de belofte dat er een staatswaarborg zou komen voor het geld van de Arco-coöperanten, naar het voorbeeld van de staatswaarborg voor het geld op de spaarrekeningen en in tak21-levensverzekeringen.

We wisten al langer dat de in 2008 beloofde staatswaarborg er niet zou komen, omdat die in strijd is met de Belgische en de Europese grondwet. De staatswaarborg werd zowel door het Europese Hof van Justitie als het Belgische Grondwettelijke Hof afgeketst en werd vervolgens vernietigd door de Raad van State. Volgens Geert Lenssens van het advocatenkantoor SQ Law, die de actiegroepen Arcoparia's en Geld terug van Arco begeleidt, staat de fout van de overheid zo goed als vast. Hij vindt het feit dat de staatswaarborg onwettig werd verklaard voldoende bewijs en hij stelt dat de overheid op voorhand had kunnen of moeten weten dat de staatswaarborg nooit juridisch stand zou houden.

Vertragingsmanoeuvres

Deze regering hield lang vol dat ze een andere oplossing zou uitwerken, waarmee de coöperanten 40 procent van hun inleg zouden terugkrijgen. N-VA-voorzitter Bart De Wever en Open Vld-voorzitter Gwendolyn Rutten lieten midden juni tijdens een debat op de nationale televisie echter verstaan dat hun handen gebonden zijn. Ze willen wel meewerken aan een oplossing, maar er is volgens de partijvoorzitters geen oplossing te bedenken die de juridische toets kan doorstaan.Ook bij CD&V, die het Arco-dossier koppelde aan de beursgang van Belfius, zou er volgens bepaalde media stilaan twijfel in de rangen sluipen over de haalbaarheid van een oplossing voor Arco. Een wantrouwige geest zou de regeringspartijen ervan kunnen verdenken dat ze vertragingsmanoeuvres uitvoeren, om de kans op verjaring te vergroten en om het probleem te laten uitdoven.

Het is ondertussen bijna tien jaar geleden dat de overheid druk zette op de grote aandeelhouders om in te schrijven op de kapitaalverhoging van Dexia en in ruil een staatswaarborg beloofde. Volgens Bomans is het mogelijk, maar niet voor de hand liggend, om de overheid juridische fouten aan te wrijven. Bomans: "Bovendien gelden ook korte verjaringstermijnen voor vorderingen tegen de staat."

Als de Belgische overheid een fout maakte, dan was het in 2008 volgens Bomans toen ze Arco en andere grote aandeelhouders van Dexia onder druk zette om Dexia van vers kapitaal te voorzien, en in 2011 toen een ongeldige staatsgarantie werd toegekend. Het koninklijk besluit dat nodig was om de staatswaarborg voor Arco te activeren, werd immers pas in 2011 na de val van Dexia ondertekend. De mogelijkheid voor financiële coöperatieven om een waarborg aan te vragen, werd wel al eerder in de wet geschreven.

Kleine bedragen

Niemand weet hoeveel Arco-coöperanten het voorbije decennium het loodje hebben gelegd, maar het zullen er wel wat zijn. Het is ook duidelijk dat hun erfgenamen minder geneigd zijn juridische stappen te zetten en ook minder kans maken op een schadevergoeding.

"Een vennoot moet de aankoopdatum kunnen bewijzen", voegt Bomans er nog aan toe. Dat blijkt niet zo vanzelfsprekend, want de aankopen dateren uit een tijdperk van lang voor de digitalisering. Veel coöperanten hebben niets op papier en ook de aandeelhoudersadministratie van Arco is blijkbaar een zootje. Deminor heeft namelijk aan Arco gevraagd die informatie vrij te geven in het kader van de procedure.

Het gaat meestal om beperkte bedragen. We spreken over bedragen van om en bij 3000 euro per vennoot. Voor erfgenamen die de koek moeten verdelen, is het vaak niet de moeite waard erachter aan te gaan. Er zijn wel veel gezinnen, waar beide ouders aandelen kochten op hun eigen naam en op naam van hun kinderen. Daar gaat het al snel om 10.000 à 15.000 euro.

Lopende procedures

Voor de Arco-spaarders die nog iets van hun geld willen terugzien, zit er weinig anders op dan juridische stappen te ondernemen en via de rechtbank een schadevergoeding te eisen van de betrokken partijen. Maar kan dat nog wel op dit moment? Want feiten verjaren. Voor zover wij weten lopen er momenteel twee juridische procedures.

  • 1. Deminor

"Het grootste deel van de coöperatieve aandelen werd verkocht voor 1998", zegt Bomans. Bacob had geld nodig voor de overname van Paribas Bank België, om mee te kunnen doen aan de consolidatiegolf in de bankensector. De bank hanteerde een vrij agressieve commerciële strategie om die coöperatieve aandelen te plaatsen bij de klanten. Deminor en Lenssens verzamelden brochures en folders waarin het veilige, stabiele en zelfs gegarandeerde karakter van de coöperatieve aandelen wordt benadrukt.

"De verjaringstermijn voor de burgerlijke aansprakelijkheid bedraagt 20 jaar", stipt Bomans aan. De rekensom is snel gemaakt. Enkel wie verkeerd geïnformeerd werd bij de aankoop van aandelen die dateren van de zomer van 1998, of later, kan eventueel nog stappen ondernemen. Gedupeerden kunnen vandaag niet meer toetreden tot de hangende procedure ingeleid door Deminor.

Om geen verdere vertraging te voorzaken in deze procedure, heeft de belangengroep de inschrijvingen afgesloten en aan de rechtbank een pleitdatum gevraagd. Bomans: "We waren wel enigszins teleurgesteld dat we pas in 2021 de zaak mogen bepleiten voor de rechtbank." Gedupeerden kunnen zich wel nog registreren. Er is een waterkans dat Deminor in de toekomst nog een nieuwe burgerlijke procedure start voor de laatkomers.

"Wij hebben in 2013 verschillende keren gewaarschuwd in de pers dat er verjaring dreigde en dat coöperanten actie moesten ondernemen", zegt Bomans. Bij Arco valt er wellicht niet zo veel meer te rapen. Het geld uit de vereffening is bijna volledig richting de bevoorrechte schuldeisers gevloeid, met name Belfius. Daarom heeft Deminor ook Françine Swiggers, de voormalige Arco-topvrouw, gedagvaard voor het verstrekken van misleidende informatie.

  • 2. SQ Law

Lenssens en zijn advocatenkantoor SQ Law zien de zaak enigszins anders dan Deminor. "De wet laat de verjaring pas starten wanneer het bestaan van de schade vaststaat. Daarom hebben de verenigingen gewacht op de definitieve uitspraken over de staatswaarborg", legt hij uit.

Lenssens heeft voor Arcoparia's en Geld terug van Arco een burgerlijke procedure in gang gezet, maar hij heeft nog geen kalender aan de rechtbank gevraagd. De actiegroepen vragen zoveel mogelijk coöperanten schriftelijk tussen te komen in de burgerlijke procedure die zij hebben ingespannen. Lenssens: "De actiegroepen hebben een soort handleiding gepubliceerd op hun Facebook-pagina en ongeveer 4300 coöperanten hebben aan die oproep voldaan. Als er nog coöperanten willen tussenkomen, dan raad ik ze aan niet te lang meer te wachten. Verjaring is heel ingewikkeld, maar die dreigt wel te spelen als we nog lang wachten. We gaan in het najaar vragen aan de rechtbank om een kalender op te stellen en dan kunnen er geen nieuwe coöperanten meer bijkomen."

Lenssens voegt eraan toe dat schriftelijk tussenkomen volgens de wet op zich gratis is, maar er komen wel wat formaliteiten aan te pas. Hij heeft goede hoop dat er binnen twee jaar na de start van het burgerlijke proces een uitspraak over de schadevergoeding kan zijn. "We gaan voor de volledige inleg plus intresten. De vennoten hebben twee kansen. Ze kunnen verhaal halen bij Belfius of bij de Belgische overheid", zegt Lenssens.

Commerciële geste Belfius

Het is moeilijk voor niet-juristen om de slaagkansen van de burgerlijke procedures in te schatten. Het zou ook best kunnen dat sommige juridische procedures niet enkel gericht zijn op het verhalen van de schade, maar ook dienen om druk uit te oefenen op de politiek en om het thema in de aandacht te houden.

Het is in ieder geval duidelijk dat het nog jaren zal duren vooraleer er een uitspraak is en vooraleer er dus eventueel een schadevergoeding is. Niets belet Belfius een commerciële geste te doen naar de benadeelde coöperanten, die vaak nog altijd trouwe klant zijn bij de bank. Europa zal daar geen problemen over maken. Belfius hoeft daarvoor zelfs geen schuldbekentenis te doen of geen enkele aansprakelijkheid op zich te nemen.

Voor de coöperanten is het jammer dat de beursgang van Belfius op de lange baan is geschoven, want het had een breekijzer kunnen zijn om tot een oplossing te komen. Beleggers houden niet van onzekerheid. De erfenis van Bacob en Dexia die Belfius meesleept en de mogelijke claims die daaruit kunnen voortvloeien, zorgt voor onzekerheid. De Belgische staat zal wellicht een hogere prijs kunnen vragen voor haar Dexia-aandelen, als die erfenis er niet meer is.