In België is slechts een handvol landbouwfondsen beschikbaar. De beste hebben de afgelopen vijf jaar een gemiddeld jaarlijks rendement tussen 5,9 en 7,2 procent gehaald. Dat is vrij weinig in vergelijking met fondsen die focussen op Amerikaanse aandelen of de technologiesector. De volatiliteit van de landbouwfondsen was wel lager (13,2 % per jaar, tegenover 15,5 % voor de beste technologiefondsen). Daardoor is landbouw een aantrekkelijk alternatief voor beleggers die volatiliteit willen vermijden en willen investeren in een structureel groeiende sector.
...

In België is slechts een handvol landbouwfondsen beschikbaar. De beste hebben de afgelopen vijf jaar een gemiddeld jaarlijks rendement tussen 5,9 en 7,2 procent gehaald. Dat is vrij weinig in vergelijking met fondsen die focussen op Amerikaanse aandelen of de technologiesector. De volatiliteit van de landbouwfondsen was wel lager (13,2 % per jaar, tegenover 15,5 % voor de beste technologiefondsen). Daardoor is landbouw een aantrekkelijk alternatief voor beleggers die volatiliteit willen vermijden en willen investeren in een structureel groeiende sector. "Er is in de landbouw een structureel onevenwicht tussen de vraag en het aanbod", zegt Stéphane Soussan, de beheerder van het fonds Amundi Funds Equity Global Agriculture, een van de beste fondsen in die categorie. "De groei van de wereldbevolking met 1 procent per jaar doet de vraag toenemen. Door de stijging van de inkomens in de opkomende landen gaat bovendien het calorieverbruik omhoog. Vooral de vraag naar vlees stijgt." Aangezien er 7 kilogram graan nodig is om 1 kilogram vlees te produceren, zullen de veranderingen in het consumptiegedrag voor een sterk vermenigvuldigingseffect zorgen. Daarnaast weegt een aantal beperkingen op het aanbod. Door de oprukkende verstedelijking kan het landbouwareaal de stijging van de wereldbevolking niet volgen, en in veel regio's is er een gebrek aan drinkbaar water. "Als je belegt in de landbouwsector, kun je ook investeren in technologie die de landbouwopbrengst verbetert, zoals in producenten van landbouwuitrusting, meststoffen, zaden en gewasbescherming", zegt Stéphane Soussan. "Die zullen aan de basis liggen van de groei van de landbouwsector op lange termijn." Op korte termijn moeten beleggers de wereldwijde oogsten goed volgen, vooral in grote landen zoals de Verenigde Staten (mais en kip), Europa (graan), Brazilië (mais, soja, rundvlees en suiker), Argentinië (soja) of Rusland (graan). Een slecht jaar zal spanningen veroorzaken op de internationale markten door de sterke vraag vanuit grote consumptielanden zoals China en India. Goede jaren zijn vooral gunstig voor dienstenbedrijven die zich bezighouden met de logistiek en de eerste verwerking van landbouwproducten. Ze worden betaald op basis van de verzette volumes. Goede oogsten spelen ook in het voordeel van de veeteeltsector. 70 procent van de kosten komt daar van voeding met graangewassen. "De oogsten in de grote regio's waren de afgelopen drie jaar goed. Begin 2017 ziet er nog altijd goed uit voor Latijns-Amerika. De prijzen van de landbouwproducten zitten dus al een tijd op een vrij laag niveau, waardoor de producenten geen grote investeringen doen in uitrusting of meststoffen. Wij zetten daarom sterk in op de veeteeltsector (ongeveer de helft van de activa) en in dienstverlenende bedrijven. Dat verklaart deels waarom het fonds de afgelopen drie jaar goed heeft gepresteerd", legt Sousson uit. "We investeerden niet in voedingsproducenten zoals Kraft Foods en AB InBev. We ondervonden dus geen impact van de daling van die sector in 2016." "Eén uitzonderlijke klimaatgebeurtenis kan alle scenario's op losse schroeven zetten." Om dat risico te compenseren belegt Sousson ook in de segmenten van de dierengezondheid, ingrediënten voor de farmaceutische industrie, de agrovoedingssector en hygiëneproducten, waarvan de resultaten losstaan van de prijzen van landbouwgrondstoffen. "Als onze analyse klopt en er zich geen uitzonderlijke gebeurtenissen voordoen, zullen de wissels in de portefeuille doorgaans beperkt blijven, in de buurt van 30 à 40 procent van de beheerde activa per jaar." De landbouwsector blijft sterk gericht op de Verenigde Staten, waar er veel grote spelers zijn. In Azië is de sector nog klein. "Europa is ondervertegenwoordigd in de portefeuille, aangezien veel spelers daar geen beursnotering hebben", aldus Sousson. Het is dus niet eenvoudig die blootstelling aan de Amerikaanse markt drastisch te verlagen. Bovendien kan de afschaffing van belangrijke handelsverdragen een impact hebben op de sector en op de prijzen. "Het blijft moeilijk die evolutie te voorspellen, aangezien de exportstromen vaak vertrekken van de Verenigde Staten richting China en India, die een grote bevolking moeten voeden."