Donderdag komen er cijfers uit over de bedrijvigheid in de meeste geavanceerde economieën. De voorlopige cijfers van vorige week wezen op een aanzienlijke vertraging die waarschijnlijk eind deze week zal worden bevestigd. Daarmee blijft het giswerk voortduren of we op een recessie afstevenen en hoe zwaar die zal zijn voor bedrijven en huishoudens.

Fed-voorzitter Jerome Powell heeft tijdens zijn speech op Jackson Hole de recessiekansen verhoogd. De Amerikaanse centrale bank zal de rente blijven verhogen totdat de inflatie dood en begraven is, klonk het. De financiële markten doken prompt in het rood.

Maar voorlopig zijn er weinig recessiesignalen te vinden in het resultatenseizoen dat op zijn einde loopt. Het is dus een goed moment om de algemene trends van de halfjaarcijfers op een rij te zetten. Dat is een gemengd beeld. Over het algemeen hebben bedrijven in de voornaamste beursindexen solide resultaten neergezet, wat goed nieuws is gezien de vele onzekerheden momenteel. Verrassend veel bedrijven hebben de stijgende kosten gedreven door inflatie kunnen doorrekenen aan hun klanten.

Winstgroei stokt

Maar daarnaast lijkt de winstgroei te stokken. Voor de S&P 500 lag de winst dit kwartaal bijna 7 procent hoger tegenover dezelfde periode vorig jaar. Maar een belangrijke drijfveer achter die winstgroei is de energiesector, die dankzij de recordprijzen voor olie en gas een winstgroei neerzette van net geen 300 procent. Als men die sector uit de index zou halen, dan zijn de winsten van de rest van de bedrijven 4 procent lager gegaan dan een jaar voordien.

Daarnaast klopte het merendeel van de Amerikaanse bedrijven met hun resultaten de analistenverwachtingen, maar die verrassingen waren minder talrijk en minder groot dan het gemiddelde van het afgelopen vijf jaar. Tenslotte is dat spel van verwachtingen en vooruitzichten een grote komedie waarin bedrijven voor het resultatenseizoen de verwachtingen temperen om dan bij de bekendmaking over de lager gelegde lat te springen. Underpromise and overdeliver. Bedrijven blijven dus met hun resultaten verrassen, maar minder overtuigend dan vroeger.

De markt reageert bovendien feller op die verrassingen, met fellere koersstijgingen dan gemiddeld bij een positieve verrassing en zwakkere koersafstraffingen wanneer de resultaten tegenvallen. Beleggers lijken elke strohalm vast te grijpen om de post-covid-haussemarkt die eind vorig jaar uitdoofde, nieuw leven in te blazen.

In Europa gebeurt het omgekeerde. Ongeveer de helft van de Stoxx Europe 600 heeft zijn resultaten bekendgemaakt en de winstgroei en positieve verrassingen lagen daar boven de historische gemiddeldes.

Waarde boven

Een van de verklaringen voor dat rooskleuriger beeld in Europa, dat even goed tijdelijk kan zijn, is de samenstelling van de indexen. De Amerikaanse sterindex S&P 500 bestaat veel meer uit groeiaandelen terwijl er in de Stoxx Europe 600 veel meer traditionele waardeaandelen zitten. Groeiaandelen, en daarmee ook de S&P, hebben de jongste maanden een veel hardere dreun gekregen, omdat zij kwetsbaarder zijn voor een toenemende inflatie en stijgende rentes dan waardeaandelen.

Dat kadert in de rotatie die al sinds eind 2020 aan de gang is: waardebeleggen zet betere beursprestaties neer dan groeibeleggen. Sinds 1 oktober 2020 staat de S&P 500 Value-index op 32 procent winst en zijn Growth-tegenhanger op 18 procent. De waarde-index heeft sinds begin dit jaar ook veel minder sterke klappen gekregen (-5%) tegenover groei (-18%). Dat maakt de jarenlange mindere prestatie van waarde tegenover groei nog niet goed. In de afgelopen tien jaar leverde groei 130 procent meer rendement op dan waarde.

Maar er zijn voldoende argumenten die erop wijzen dat die betere prestatie van waardeaandelen nog even kan aanhouden. Zo is het waarderingsverschil van waarde- tegenover groeiaandelen nog altijd heel groot. Aangezien de waardering voor een groot deel toekomstige rendementen voorspelt, ziet dat er voor value goed uit de komende periode. Ondanks de koersstijgingen van waardeaandelen in het laatste jaar, staan ze nog laag gewaardeerd. Daarnaast doen waardeaandelen het beter wanneer de rentes wat hoger staan, en dat zit er de komende jaren wel aan te komen.

null, .
null © .
Donderdag komen er cijfers uit over de bedrijvigheid in de meeste geavanceerde economieën. De voorlopige cijfers van vorige week wezen op een aanzienlijke vertraging die waarschijnlijk eind deze week zal worden bevestigd. Daarmee blijft het giswerk voortduren of we op een recessie afstevenen en hoe zwaar die zal zijn voor bedrijven en huishoudens.Fed-voorzitter Jerome Powell heeft tijdens zijn speech op Jackson Hole de recessiekansen verhoogd. De Amerikaanse centrale bank zal de rente blijven verhogen totdat de inflatie dood en begraven is, klonk het. De financiële markten doken prompt in het rood.Maar voorlopig zijn er weinig recessiesignalen te vinden in het resultatenseizoen dat op zijn einde loopt. Het is dus een goed moment om de algemene trends van de halfjaarcijfers op een rij te zetten. Dat is een gemengd beeld. Over het algemeen hebben bedrijven in de voornaamste beursindexen solide resultaten neergezet, wat goed nieuws is gezien de vele onzekerheden momenteel. Verrassend veel bedrijven hebben de stijgende kosten gedreven door inflatie kunnen doorrekenen aan hun klanten.Maar daarnaast lijkt de winstgroei te stokken. Voor de S&P 500 lag de winst dit kwartaal bijna 7 procent hoger tegenover dezelfde periode vorig jaar. Maar een belangrijke drijfveer achter die winstgroei is de energiesector, die dankzij de recordprijzen voor olie en gas een winstgroei neerzette van net geen 300 procent. Als men die sector uit de index zou halen, dan zijn de winsten van de rest van de bedrijven 4 procent lager gegaan dan een jaar voordien.Daarnaast klopte het merendeel van de Amerikaanse bedrijven met hun resultaten de analistenverwachtingen, maar die verrassingen waren minder talrijk en minder groot dan het gemiddelde van het afgelopen vijf jaar. Tenslotte is dat spel van verwachtingen en vooruitzichten een grote komedie waarin bedrijven voor het resultatenseizoen de verwachtingen temperen om dan bij de bekendmaking over de lager gelegde lat te springen. Underpromise and overdeliver. Bedrijven blijven dus met hun resultaten verrassen, maar minder overtuigend dan vroeger.De markt reageert bovendien feller op die verrassingen, met fellere koersstijgingen dan gemiddeld bij een positieve verrassing en zwakkere koersafstraffingen wanneer de resultaten tegenvallen. Beleggers lijken elke strohalm vast te grijpen om de post-covid-haussemarkt die eind vorig jaar uitdoofde, nieuw leven in te blazen.In Europa gebeurt het omgekeerde. Ongeveer de helft van de Stoxx Europe 600 heeft zijn resultaten bekendgemaakt en de winstgroei en positieve verrassingen lagen daar boven de historische gemiddeldes.Een van de verklaringen voor dat rooskleuriger beeld in Europa, dat even goed tijdelijk kan zijn, is de samenstelling van de indexen. De Amerikaanse sterindex S&P 500 bestaat veel meer uit groeiaandelen terwijl er in de Stoxx Europe 600 veel meer traditionele waardeaandelen zitten. Groeiaandelen, en daarmee ook de S&P, hebben de jongste maanden een veel hardere dreun gekregen, omdat zij kwetsbaarder zijn voor een toenemende inflatie en stijgende rentes dan waardeaandelen.Dat kadert in de rotatie die al sinds eind 2020 aan de gang is: waardebeleggen zet betere beursprestaties neer dan groeibeleggen. Sinds 1 oktober 2020 staat de S&P 500 Value-index op 32 procent winst en zijn Growth-tegenhanger op 18 procent. De waarde-index heeft sinds begin dit jaar ook veel minder sterke klappen gekregen (-5%) tegenover groei (-18%). Dat maakt de jarenlange mindere prestatie van waarde tegenover groei nog niet goed. In de afgelopen tien jaar leverde groei 130 procent meer rendement op dan waarde.Maar er zijn voldoende argumenten die erop wijzen dat die betere prestatie van waardeaandelen nog even kan aanhouden. Zo is het waarderingsverschil van waarde- tegenover groeiaandelen nog altijd heel groot. Aangezien de waardering voor een groot deel toekomstige rendementen voorspelt, ziet dat er voor value goed uit de komende periode. Ondanks de koersstijgingen van waardeaandelen in het laatste jaar, staan ze nog laag gewaardeerd. Daarnaast doen waardeaandelen het beter wanneer de rentes wat hoger staan, en dat zit er de komende jaren wel aan te komen.