De organische omzet groeide in de eerste jaarhelft 2010 met 8,2% (exclusief Intimacy). Gegeven de lage economische groei in Europa en de USA, is Van de Velde zeer tevreden met die ontwikkeling en dankt haar klanten en consumenten voor het vertrouwen. Elk land, wereldwijd, toonde groei.

Uitschieters waren de USA en Canada, maar ook de Europese kernmarkten toonden sterke groeicijfers.

De omzetgroei is vooral te danken aan een sterke volumestijging. Wisselkoersen (versus €) hadden een positief effect van iets meer dan 1%.

Zoals eerder aangegeven bleef de omzet van Sarda in het voorjaar dalen, maar is er in het najaar 2010 een kentering die duidelijk groei toont versus najaar 2009. Ook de eerste signalen van het voorjaar 2011 bevestigen die kentering.

Als gevolg van bovenstaande, groeit de ebitda (exclusief Intimacy) met 24,7%. De netto winst (exclusief Intimacy) groeit met 39,3%. De cijfers van 2009 werden weliswaar negatief beïnvloed door eenmalige reorganisatiekosten en een afschrijving op de CDO portefeuille, wat in 2010 niet het geval is. Zonder deze factoren groeit de Rebitda (recurrente ebitda) met bijna 19%.

De organische omzet groeide in de eerste jaarhelft 2010 met 8,2% (exclusief Intimacy). Gegeven de lage economische groei in Europa en de USA, is Van de Velde zeer tevreden met die ontwikkeling en dankt haar klanten en consumenten voor het vertrouwen. Elk land, wereldwijd, toonde groei. Uitschieters waren de USA en Canada, maar ook de Europese kernmarkten toonden sterke groeicijfers. De omzetgroei is vooral te danken aan een sterke volumestijging. Wisselkoersen (versus €) hadden een positief effect van iets meer dan 1%. Zoals eerder aangegeven bleef de omzet van Sarda in het voorjaar dalen, maar is er in het najaar 2010 een kentering die duidelijk groei toont versus najaar 2009. Ook de eerste signalen van het voorjaar 2011 bevestigen die kentering. Als gevolg van bovenstaande, groeit de ebitda (exclusief Intimacy) met 24,7%. De netto winst (exclusief Intimacy) groeit met 39,3%. De cijfers van 2009 werden weliswaar negatief beïnvloed door eenmalige reorganisatiekosten en een afschrijving op de CDO portefeuille, wat in 2010 niet het geval is. Zonder deze factoren groeit de Rebitda (recurrente ebitda) met bijna 19%.