Vanaf dag één van zijn verkiezing was het duidelijk dat het presidentschap van Donald Trump geen wandeling door het park zou worden voor de internationale gemeenschap, en ook niet voor de financiële markten. De start was wel veelbelovend, met een Trump-rally van meer dan 15 procent. Maar de dag na zijn verkiezing schreven we al dat de eerste marktreactie geen indicatie geeft over de uiteindelijke prestatie tijdens zijn hele presidentschap. We moeten daarvoor niet verder kijken dan zijn voorganger, Barack Obama. Die start was slecht, maar uiteindelijk heeft Wall Street onder diens presidentschap een van de sterkste rendementen ooit neergezet.

"Trump maakt de beleggers zenuwachtig"

Vandaag zou alle aandacht op de Franse presidentsverkiezingen gevestigd moeten zijn. De markten vrezen een goede score van de twee extreme kandidaten. De rechts-populistische kandidaat Marine Le Pen dreigt met een referendum over een frexit - de uitstap van Frankrijk uit de Europese Unie en de eurozone. Het economische programma van de extreemlinkse kandidaat Jean-Luc Mélenchon is voor de markten moeilijk te verteren.

Maar de Franse presidentsverkiezingen worden minstens deels overschaduwd door de oorlogstaal van de 45ste Amerikaanse president. Het begon allemaal met de raketaanval op een Syrische luchtmachtbasis als vergelding voor het waarschijnlijke gebruik van gifgas door het regime van president Assad. Dat gebeurde dan nog tijdens het bezoek van de Chinese president Xi Jinping, en tot groot ongenoegen van de Russische president Vladimir Poetin, een bondgenoot van het Syrische regime.

Met de aanval in Syrië nog vers in het geheugen lijken de tweets van Trump over Noord-Korea minder onschuldig dan gewoonlijk. De Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un luistert niet naar de internationale gemeenschap en werkt naarstig voort aan de ontwikkeling van kernwapens. Dat zint Trump duidelijk niet.

Paniekgraadmeter

De toegenomen geopolitieke spanningen vertalen zich, voor het eerst sinds het aantreden van Trump als president, in een stijging van de VIX-index. Die index geeft de volatiliteit en de beweeglijkheid van de Amerikaanse beurs weer, en is een indicatie van hoe gerust of hoe paniekerig de beleggers zijn. Sinds november stond de index historisch bekeken bijzonder laag, wat erop wees dat de beleggers veel vertrouwen in Trump hadden. Maar de jongste dagen klom de VIX van 10 à 11 naar 15 à 16 punten. Dat zijn nog altijd verre van extreme niveaus. Want na het brexitreferendum piekte de VIX op bijna 27, en bij de verkiezing van Trump in november zaten we op 23 punten.

Op datzelfde moment zagen we ook de goudprijs oplopen. De indexen houden voorlopig vrij goed stand, maar het is toch al geleden van 1 maart - of bijna anderhalve maand geleden - dat de S&P500-index een nieuwe piek heeft bereikt. Ook dat is nog niet gebeurd sinds Trump aan de macht is.