DEFENSIEVE AANDELEN (4/5)

Tot de aandelen die als defensief worden beschouwd, worden doorgaans ook de oliemajors gerekend. Natuurlijk zijn die bedrijven afhankelijk van de economische conjunctuur. Zelfs als de vraag naar olie maar licht daalt, kan de olieprijs al een fors knauw oplopen. Total en zijn concurrenten ondervinden nooit veel moeilijkheden om olie te verkopen, maar de prijs blijft heel volatiel. Dat is de laatste jaren wel gebleken: eerst daalde de prijs van 150 naar 30 dollar voor een vat Brent, daarna was er een stijging tot 125 dollar, gevolgd door een nieuwe daling tot 90 dollar.

Die grote prijsschommelingen hebben slechts gedeeltelijk gevolgen voor de oliegroepen, aangezien een deel van de productie - vooral van gas - is gebonden aan langetermijncontracten. Dat verklaart dat de nettowinst van Total is gestegen van 8,5 miljard euro in 2009 tot 12,3 miljard euro in 2011. Het jaarlijkse brutodividend is in die periode stabiel gebleven op 2,28 euro.

Total heeft zijn oliereserves de laatste jaren fors uitgebreid, deels door overnames, zoals voor de ontginning van teerzanden in Canada, deels door de exploratie van nieuwe olie- en gasreserves, onder meer langs de kust van Frans-Guyana en in Azerbeidzjan. De groep voert bovendien een beleid om te investeren in diverse soorten energieën: ze zet in op gas (waaronder vloeibaar aardgas), participeert in de bouw van de tweede European Pressurized Reactor-kerncentrale (EPR) in Frankrijk, produceert biobrandstoffen en heeft de meerderheid in het kapitaal van Sunpower verworven. Daarnaast investeert ze nog in 'propere steenkool' en nieuwe brandstoffen zoals waterstof en methanol.

De belangrijkste handicap van Total is dat het dividend dubbel wordt belast, zodat van het brutodividendrendement van 6,6 procent netto slechts 3,7 procent overblijft.

Cédric Boitte

www.accioz.be

DEFENSIEVE AANDELEN (4/5)Tot de aandelen die als defensief worden beschouwd, worden doorgaans ook de oliemajors gerekend. Natuurlijk zijn die bedrijven afhankelijk van de economische conjunctuur. Zelfs als de vraag naar olie maar licht daalt, kan de olieprijs al een fors knauw oplopen. Total en zijn concurrenten ondervinden nooit veel moeilijkheden om olie te verkopen, maar de prijs blijft heel volatiel. Dat is de laatste jaren wel gebleken: eerst daalde de prijs van 150 naar 30 dollar voor een vat Brent, daarna was er een stijging tot 125 dollar, gevolgd door een nieuwe daling tot 90 dollar.Die grote prijsschommelingen hebben slechts gedeeltelijk gevolgen voor de oliegroepen, aangezien een deel van de productie - vooral van gas - is gebonden aan langetermijncontracten. Dat verklaart dat de nettowinst van Total is gestegen van 8,5 miljard euro in 2009 tot 12,3 miljard euro in 2011. Het jaarlijkse brutodividend is in die periode stabiel gebleven op 2,28 euro.Total heeft zijn oliereserves de laatste jaren fors uitgebreid, deels door overnames, zoals voor de ontginning van teerzanden in Canada, deels door de exploratie van nieuwe olie- en gasreserves, onder meer langs de kust van Frans-Guyana en in Azerbeidzjan. De groep voert bovendien een beleid om te investeren in diverse soorten energieën: ze zet in op gas (waaronder vloeibaar aardgas), participeert in de bouw van de tweede European Pressurized Reactor-kerncentrale (EPR) in Frankrijk, produceert biobrandstoffen en heeft de meerderheid in het kapitaal van Sunpower verworven. Daarnaast investeert ze nog in 'propere steenkool' en nieuwe brandstoffen zoals waterstof en methanol.De belangrijkste handicap van Total is dat het dividend dubbel wordt belast, zodat van het brutodividendrendement van 6,6 procent netto slechts 3,7 procent overblijft.Cédric Boittewww.accioz.be