Tom Debusschere, Deceuninck CEO, gaf volgende toelichting op de halfjaarcijfers: "De omzet van het eerste semester bevestigde het broze herstel van de wereldwijde economie en de regionale verschillen in de vraag. Terwijl het jaar eerder veelbelovend startte, verzwakte vanaf mei de vraag in de Verenigde Staten, Centraal Europa en in Rusland. In de Benelux, Frankrijk, Duitsland en Turkije evolueerde de vraag verder gunstig. De grondstofkosten bleven continu stijgen tot mei, waardoor de jaar-op-jaar gemiddelde prijsindex met 18% steeg. Vanaf juni verminderde de opwaartse druk van de grondstofprijzen. Eind juni 2011 was de PVC-prijsindex 9% hoger dan op het einde van 2010. De brutowinst werd beschermd door een verder verbeterde productiviteit en hogere verkoopprijzen. Door kostenbesparende maatregelen daalden de operationele kosten met 3,8% ondanks de inflatie van de loonkost. Door deze maatregelen bedraagt de EBITDA € 24,6 miljoen (9,2%) en het nettoresultaat € 3,1 miljoen."

Debusschere gaf ook een guidance voor het volledige boekjaar 2011: "Bij het begin van het derde kwartaal bevestigt het verkochte volume de trend van het tweede

kwartaal en dit in overeenstemming met de verzwakkende macro-economische indicatoren. De grondstofprijzen stabiliseren op recordhoogtes en de hiermee gepaard gaande gestegen verkoopprijzen compenseren nu geleidelijk aan deze gestegen kosten. Met het oog op de bescherming van zijn winstgevendheid, zet Deceuninck zijn productiviteitsverbeterings- en kostenbesparingsprojecten verder.

In de huidige economische omstandigheden, herhalen we onze verwachting, die in juli werd gepubliceerd, dat de omzet en het nettoresultaat voor het volledige jaar 2011 vergelijkbaar zullen zijn met het niveau van 2010."

Tom Debusschere, Deceuninck CEO, gaf volgende toelichting op de halfjaarcijfers: "De omzet van het eerste semester bevestigde het broze herstel van de wereldwijde economie en de regionale verschillen in de vraag. Terwijl het jaar eerder veelbelovend startte, verzwakte vanaf mei de vraag in de Verenigde Staten, Centraal Europa en in Rusland. In de Benelux, Frankrijk, Duitsland en Turkije evolueerde de vraag verder gunstig. De grondstofkosten bleven continu stijgen tot mei, waardoor de jaar-op-jaar gemiddelde prijsindex met 18% steeg. Vanaf juni verminderde de opwaartse druk van de grondstofprijzen. Eind juni 2011 was de PVC-prijsindex 9% hoger dan op het einde van 2010. De brutowinst werd beschermd door een verder verbeterde productiviteit en hogere verkoopprijzen. Door kostenbesparende maatregelen daalden de operationele kosten met 3,8% ondanks de inflatie van de loonkost. Door deze maatregelen bedraagt de EBITDA € 24,6 miljoen (9,2%) en het nettoresultaat € 3,1 miljoen." Debusschere gaf ook een guidance voor het volledige boekjaar 2011: "Bij het begin van het derde kwartaal bevestigt het verkochte volume de trend van het tweede kwartaal en dit in overeenstemming met de verzwakkende macro-economische indicatoren. De grondstofprijzen stabiliseren op recordhoogtes en de hiermee gepaard gaande gestegen verkoopprijzen compenseren nu geleidelijk aan deze gestegen kosten. Met het oog op de bescherming van zijn winstgevendheid, zet Deceuninck zijn productiviteitsverbeterings- en kostenbesparingsprojecten verder. In de huidige economische omstandigheden, herhalen we onze verwachting, die in juli werd gepubliceerd, dat de omzet en het nettoresultaat voor het volledige jaar 2011 vergelijkbaar zullen zijn met het niveau van 2010."