In het eerste halfjaar van 2012 heeft SBM Offshore een omzet van 1,69 miljard dollar gerealiseerd t.o.v. 1,46 miljard dollar in

dezelfde periode van 2011.

Deze omzetgroei met 14% is voor een belangrijk deel te danken aan de "sleutel-op-dedeursystemen" (volledig afgwerkte productiesystemen) waarvoor in 2011 heel wat nieuwe orders werden binnengehaald.

Belangrijker nog is dat de Nederlandse groep opnieuw rendabel is geworden: de nettowinst bedroeg 157,80 miljoen dollar in het eerste halfjaar vs een verlies van 250,80 miljoen dollar in 2011.

Brazilië wordt een belangrijke markt

Brazilië is het nieuwe Eldorado voor de oliebedrijven omwille van zijn uitgebreide reserves en dit land is reeds goed voor 40% van de omzet en dit gewicht zal zeker nog toenemen in de komende jaren. De koers van SBM Offshore is volgens Arnaud Delaunay nauw gelinkt aan de olieprijs.

Hoe hoger de olieprijs, hoe meer investeringsprojecten van de grote oliegroepen rendabel worden en hoe meer er dus in olieinstallaties (zoals FPSO's, drijvende productie- en opslaginstallaties die door SBM Offshore gebouwd worden) wordt geïnvesteerd.

Daarnaast leiden de dalende oliereserves van de grote oliegroepen tot meer investeringen in exploratiesystemen.

Met een K/W van rond de 5 (17 voor de sector) en een brutodividendrendement van 7,96% is het aandeel vanuit fundamenteel standpunt zeer interessant. Op de weekgrafiek is het belangrijk te noteren dat het aandeel zich nog steeds in een dalende trend bevindt.

Niettemin is het aandeel de afgelopen jaren reeds tweemaal opgeveerd vanaf de belangrijke steun op 9 euro. En dit steeds met een positieve divergentie met de RSI-indicator. Besluit: het aandeel bezit heel wat potentieel en lijkt niet onder de 9 euro te

willen dalen.

Op de daggrafiek doen zich echter de belangrijkste koersbewegingen voor. Delaunay wijst op de volgende ontwikkelingen: ten eerste, de positieve divergentie met de RSI-indicator heeft ertoe geleid dat het aandeel op drie weken tijd gestegen is van 9 euro tot 12 euro (+33%) en tevens uit zijn dalend trendkanaal is geschoten. Ten tweede: op de dag van de resultatenpublicatie is het aandeel door de weerstand van 11,50 euro gestegen.

Tenslotte kan de hoge stand van de RSI-indicator aanleiding geven tot een korte technische terugval die gevolgd kan worden met een hernieuwde stijging richting 13 euro.

In het eerste halfjaar van 2012 heeft SBM Offshore een omzet van 1,69 miljard dollar gerealiseerd t.o.v. 1,46 miljard dollar in dezelfde periode van 2011. Deze omzetgroei met 14% is voor een belangrijk deel te danken aan de "sleutel-op-dedeursystemen" (volledig afgwerkte productiesystemen) waarvoor in 2011 heel wat nieuwe orders werden binnengehaald. Belangrijker nog is dat de Nederlandse groep opnieuw rendabel is geworden: de nettowinst bedroeg 157,80 miljoen dollar in het eerste halfjaar vs een verlies van 250,80 miljoen dollar in 2011.Brazilië wordt een belangrijke markt Brazilië is het nieuwe Eldorado voor de oliebedrijven omwille van zijn uitgebreide reserves en dit land is reeds goed voor 40% van de omzet en dit gewicht zal zeker nog toenemen in de komende jaren. De koers van SBM Offshore is volgens Arnaud Delaunay nauw gelinkt aan de olieprijs. Hoe hoger de olieprijs, hoe meer investeringsprojecten van de grote oliegroepen rendabel worden en hoe meer er dus in olieinstallaties (zoals FPSO's, drijvende productie- en opslaginstallaties die door SBM Offshore gebouwd worden) wordt geïnvesteerd. Daarnaast leiden de dalende oliereserves van de grote oliegroepen tot meer investeringen in exploratiesystemen. Met een K/W van rond de 5 (17 voor de sector) en een brutodividendrendement van 7,96% is het aandeel vanuit fundamenteel standpunt zeer interessant. Op de weekgrafiek is het belangrijk te noteren dat het aandeel zich nog steeds in een dalende trend bevindt. Niettemin is het aandeel de afgelopen jaren reeds tweemaal opgeveerd vanaf de belangrijke steun op 9 euro. En dit steeds met een positieve divergentie met de RSI-indicator. Besluit: het aandeel bezit heel wat potentieel en lijkt niet onder de 9 euro te willen dalen. Op de daggrafiek doen zich echter de belangrijkste koersbewegingen voor. Delaunay wijst op de volgende ontwikkelingen: ten eerste, de positieve divergentie met de RSI-indicator heeft ertoe geleid dat het aandeel op drie weken tijd gestegen is van 9 euro tot 12 euro (+33%) en tevens uit zijn dalend trendkanaal is geschoten. Ten tweede: op de dag van de resultatenpublicatie is het aandeel door de weerstand van 11,50 euro gestegen. Tenslotte kan de hoge stand van de RSI-indicator aanleiding geven tot een korte technische terugval die gevolgd kan worden met een hernieuwde stijging richting 13 euro.