De euro stond vrijdag tijdelijk op 67 roebel en de dollar op 61 roebel, voor het eerst sinds maart. Dat gebeurde minder dan een uur na de aankondiging van de Russische centrale bank.

Aan de vooravond stonden de munteenheden nog respectievelijk op 65 en iets minder dan 60 roebel.

De Russische centrale bank verlaagde het belangrijkste rentetarief met een half procentpunt naar 11 procent. Dat was in overeenstemming met de verwachtingen van de meeste economen.

Olieprijs

De Russische munt raakte in de tweede helft van vorig jaar in een vrije val, door de enorme daling van de olieprijs en de aanhoudende spanningen tussen Rusland en het Westen. In december vorig jaar plaatste de centrale bank het belangrijkste rentetarief plotseling op 17 procent, om die vrije val tegen te gaan. De afgelopen maanden volgde dan een reeks verlagingen. De munt herstelde begin dit jaar, maar verloor de afgelopen twee maanden weer flink aan waarde.

Inflatie

De verzwakking van de roebel maakt goederen die uit het buitenland worden gehaald duurder, waardoor de inflatie oploopt. De inflatie in Rusland steeg eind juli tot bijna 16 procent en is daarmee ongeveer vier keer hoger dan het peil dat de centrale bank van het land nastreeft.

De Russische economie kromp in het tweede kwartaal met 4,4 procent, na een achteruitgang met ruim 2 procent in de eerste drie maanden van het jaar. De recessie in Rusland kan volgens de centrale bank zeker twee jaar duren, als de olieprijs lager blijft dan 60 dollar per vat. (Belga/BO)