Hun beleid zorgt er dus voor dat spaarders op hun vermogen moeten inleveren.

Daarnaast "helpt" de overheid ook mee. Allereerst door de fiscale heffing. Het valt niet te verwachten dat op korte termijn de overheden de fiscale behandeling van spaargeld zullen veranderen.

Wellicht zal men eerder meer gaan heffen. En als het even tegenzit zal de spaarder een deel van zijn geld moeten inleveren als de bank in de problemen komt. De overheid helpt niet mee.

Sparen bij een bank die geen overheidsbank is, is derhalve een hachelijke zaak. Maar als het wel een overheidsbank is zal de rente niet hoog zijn. Meer zekerheid heet dat dan. Maar de overheidsbank profiteert wel fors van deze zekerheid. En dus uiteindelijk de overheid zelve.

Ondanks al deze negatieve aspecten is het bedrag dat op spaarrekeningen het hoogste ooit, zowel in Nederland als in België. Onzekerheid is de reden.

Met enige fantasie kan worden gesproken van een bubbel. Immers veel geld naar een product en de vergoeding is er nauwelijks. En wie profiteert van het leeglopen van deze bubbel? De overheid.

Zij leent tegen soms negatieve rente en ziet haar schulden verdampen door inflatie. Er is dus een duidelijke overdracht tussen de "haves" en de "haves not".

Hun beleid zorgt er dus voor dat spaarders op hun vermogen moeten inleveren. Daarnaast "helpt" de overheid ook mee. Allereerst door de fiscale heffing. Het valt niet te verwachten dat op korte termijn de overheden de fiscale behandeling van spaargeld zullen veranderen. Wellicht zal men eerder meer gaan heffen. En als het even tegenzit zal de spaarder een deel van zijn geld moeten inleveren als de bank in de problemen komt. De overheid helpt niet mee. Sparen bij een bank die geen overheidsbank is, is derhalve een hachelijke zaak. Maar als het wel een overheidsbank is zal de rente niet hoog zijn. Meer zekerheid heet dat dan. Maar de overheidsbank profiteert wel fors van deze zekerheid. En dus uiteindelijk de overheid zelve. Ondanks al deze negatieve aspecten is het bedrag dat op spaarrekeningen het hoogste ooit, zowel in Nederland als in België. Onzekerheid is de reden. Met enige fantasie kan worden gesproken van een bubbel. Immers veel geld naar een product en de vergoeding is er nauwelijks. En wie profiteert van het leeglopen van deze bubbel? De overheid. Zij leent tegen soms negatieve rente en ziet haar schulden verdampen door inflatie. Er is dus een duidelijke overdracht tussen de "haves" en de "haves not".