Als belegger kan je inspelen op de wisselkoersverschillen tussen de euro en andere munten zoals de Zwitserse frank of de Amerikaanse dollar.

De ontwikkelde industrieën hanteren de laatste jaren een soepel monetair beleid. Na QE 1 en QE 2 kondigde Bernanke niet geheel verrassend QE 3 aan. Dit gebeurde enkele dagen nadat zijn Europese collega Mario Draghi hetzelfde had aangekondigd en ook de Bank of Japan zijn soepel monetair beleid nog ging uitbreiden. Net zoals de vorige keer (ongeveer een jaar geleden), beroert dat mondiale monetaire geweld Brazilië. Bij monde van haar minister van financiën (Guido Mantega), verklaart Brazilië dat achter dit beleid eigenlijk een deviezenoorlog schuilgaat. Met name wordt het beleid niet gevoerd om de economie aan te zwengelen, maar wel de export. Waarom landen hun munt laag willen houden, is in de huidige context van beperkte groei (misschien zelfs recessie) evident. Door een goedkopere munt, verhoogt de concurrentiekracht. De export wordt bevorderd.

Grillige wisselkoersen

Wat moet de gewone belegger nu denken van dit geopolitieke spel? Kan hij er een voordeeltje bij doen? Alvorens hij zich hieraan waagt, moet deze belegger weten dat de wisselkoersen grillig zijn. De Zwitserse frank is bijvoorbeeld tegenover de euro in amper drie jaar tijd van 1,5 naar quasi pariteit gegaan om nu sedert een jaar kunstmatig op 1,2 te worden gehouden. Er kunnen grote wisselkoers resultaten gerealiseerd worden. Stel bijvoorbeeld dat iemand op 24 juli 2011 100.000 EUR voor een jaar heeft vastgezet in dollar. Gelet op de toenmalige wisselkoers, bedroeg zijn kapitaal 143.000 USD. Om dat kapitaal een jaar vast te zetten krijgt hij bijvoorbeeld 1,5% rente. Een jaar later, met name op 24 juli 2012 komt zijn termijnrekening vrij. De belegger wordt terugbetaald en krijgt zijn rente. Dat betekent een hoofdsom van 143.000 USD plus 2.145 USD interest. Het kapitaal is uiteraard niet belast. De interest is belast aan 21%. Mogelijkerwijs betaalt hij ook de rijkentaks van 4%. De belegger beslist evenwel zijn bedrag van 145.145 USD om te zetten in EUR. De koers op 24 juli 2012 bedraagt 1,2. Dat betekent dat hij een bedrag terugkrijgt van 120.954 EUR of een rendement van bijna 21%! Zowaar een mooi jaarrendement voor een loutere cash belegging.

Belastbaar?

Maar is dit rendement belast? Daarvoor moet worden teruggegrepen naar de fiscale definitie van 'interest'. Deze is ruim want interest wordt gedefinieerd als "interest, premies en alle andere opbrengsten". Voor vastrentende effecten (bv. een obligatie) komt daar nog ieder bedrag bij dat men krijgt bovenop de uitgifteprijs. Niettemin zijn er grenzen. Zo bepaalt de wet dat interest de door de schuldenaar betaalde prijs is voor het genot van het kapitaal. Het rendement moet ten laste vallen van de schuldenaar. Zo niet is het onbelast. Het type voorbeeld van zulk onbelast overig rendement is een wisselkoerswinst. Die wordt niet gedragen door de schuldenaar. Het onbelast zijn wordt erkend door de fiscus (Com. IB/92, nr. 19/5). Er is ook een keerzijde. Eventuele wisselkoersverliezen zijn fiscaal niet aftrekbaar.

Volg de discussie mee op twitter via @Anton_Rivus.

Anton van Zantbeek

Advocaat Rivus

Als belegger kan je inspelen op de wisselkoersverschillen tussen de euro en andere munten zoals de Zwitserse frank of de Amerikaanse dollar.De ontwikkelde industrieën hanteren de laatste jaren een soepel monetair beleid. Na QE 1 en QE 2 kondigde Bernanke niet geheel verrassend QE 3 aan. Dit gebeurde enkele dagen nadat zijn Europese collega Mario Draghi hetzelfde had aangekondigd en ook de Bank of Japan zijn soepel monetair beleid nog ging uitbreiden. Net zoals de vorige keer (ongeveer een jaar geleden), beroert dat mondiale monetaire geweld Brazilië. Bij monde van haar minister van financiën (Guido Mantega), verklaart Brazilië dat achter dit beleid eigenlijk een deviezenoorlog schuilgaat. Met name wordt het beleid niet gevoerd om de economie aan te zwengelen, maar wel de export. Waarom landen hun munt laag willen houden, is in de huidige context van beperkte groei (misschien zelfs recessie) evident. Door een goedkopere munt, verhoogt de concurrentiekracht. De export wordt bevorderd. Grillige wisselkoersenWat moet de gewone belegger nu denken van dit geopolitieke spel? Kan hij er een voordeeltje bij doen? Alvorens hij zich hieraan waagt, moet deze belegger weten dat de wisselkoersen grillig zijn. De Zwitserse frank is bijvoorbeeld tegenover de euro in amper drie jaar tijd van 1,5 naar quasi pariteit gegaan om nu sedert een jaar kunstmatig op 1,2 te worden gehouden. Er kunnen grote wisselkoers resultaten gerealiseerd worden. Stel bijvoorbeeld dat iemand op 24 juli 2011 100.000 EUR voor een jaar heeft vastgezet in dollar. Gelet op de toenmalige wisselkoers, bedroeg zijn kapitaal 143.000 USD. Om dat kapitaal een jaar vast te zetten krijgt hij bijvoorbeeld 1,5% rente. Een jaar later, met name op 24 juli 2012 komt zijn termijnrekening vrij. De belegger wordt terugbetaald en krijgt zijn rente. Dat betekent een hoofdsom van 143.000 USD plus 2.145 USD interest. Het kapitaal is uiteraard niet belast. De interest is belast aan 21%. Mogelijkerwijs betaalt hij ook de rijkentaks van 4%. De belegger beslist evenwel zijn bedrag van 145.145 USD om te zetten in EUR. De koers op 24 juli 2012 bedraagt 1,2. Dat betekent dat hij een bedrag terugkrijgt van 120.954 EUR of een rendement van bijna 21%! Zowaar een mooi jaarrendement voor een loutere cash belegging.Belastbaar?Maar is dit rendement belast? Daarvoor moet worden teruggegrepen naar de fiscale definitie van 'interest'. Deze is ruim want interest wordt gedefinieerd als "interest, premies en alle andere opbrengsten". Voor vastrentende effecten (bv. een obligatie) komt daar nog ieder bedrag bij dat men krijgt bovenop de uitgifteprijs. Niettemin zijn er grenzen. Zo bepaalt de wet dat interest de door de schuldenaar betaalde prijs is voor het genot van het kapitaal. Het rendement moet ten laste vallen van de schuldenaar. Zo niet is het onbelast. Het type voorbeeld van zulk onbelast overig rendement is een wisselkoerswinst. Die wordt niet gedragen door de schuldenaar. Het onbelast zijn wordt erkend door de fiscus (Com. IB/92, nr. 19/5). Er is ook een keerzijde. Eventuele wisselkoersverliezen zijn fiscaal niet aftrekbaar. Volg de discussie mee op twitter via @Anton_Rivus. Anton van ZantbeekAdvocaat Rivus