De vraag wordt veel gesteld en bijna alle grote en kleine geleerden in deze wereld hebben er wel een mening over. Allerlei indicatoren verbeteren inderdaad iets, meestal vanaf belabberde niveaus. Voor een echt duurzaam herstel moet volgens ons aan ten minste drie voorwaarden worden voldaan:

-de conjunctuur moet zich herstellen
-de vermogensverliezen moeten stoppen
-het kredietkanaal moet weer vrij kunnen functioneren.

Op alle drie terreinen zijn er signalen dat de situatie aan het verbeteren is. In de Verenigde Staten kwamen ook deze week macro-economische indicatoren naar buiten die wijzen op afnemende dramatiek (consumentenvertrouwen, huizenverkopen, orders voor duurzame goederen).

Minister Timothy Geithner constateerde dat de economie kennelijk aan het uitbodemen is, al voorziet hij een lange en moeizame weg naar herstel.

In Europa kwam de Ifo-indicator iets hoger uit dan vorige maand en in Azië zijn er diverse hoopgevende signalen (deze week onder andere uit Singapore en India).

Geldmarkttarieven en enquêtes onder zakenbankiers maken duidelijk dat de kredietverlening aan bedrijven en consumenten zowel in de Verenigde Staten als in Europa terug aan het keren is naar normalere omstandigheden.

De vermogensverliezen op aandelen- en grondstoffenmarkten zijn duidelijk gestopt, terwijl het tempo van prijsdalingen op de huizenmarkt lijkt af te nemen.

Toch zijn er ook belangrijke minnen. De ontwikkelingen op het gebied van deflatie zijn zorgwekkend. In alle grote regio's in de wereld is er nu sprake van prijsdalingen, deels door basiseffecten zoals de lagere olieprijs maar ook door structurele factoren zoals overaanbod (de zogenoemde output gap).

Een andere zorg is het snel toenemende aantal wanbetalingen op consumptieve en private leningen. Zo is in de Verenigde Staten het aantal hypotheken met wanbetalingen in het eerste kwartaal van 2009 opgelopen tot het schrikwekkende 9,2% en meldde JP Morgan grote en verder oplopende verliezen te verwachten in haar creditcardbusiness.

Tot slot is de lange rente in de wereld aan het stijgen, alleen al in de Verenigde Staten gingen tienjarige treasuries in zes weken tijd van 2,5% naar 3,75%. Dit kan desastreus uitpakken voor ieder sprankje van economisch herstel, dus zo'n ontwikkeling kunnen we absoluut niet gebruiken.

Per saldo is ABN Amro zeker minder somber geworden, maar waarschuwt de bank wel voor al te veel optimisme. Hoge werkloosheid en torenhoge overheidsschulden zijn niet snel verdwenen en beperken het herstelpotentieel.

ABN Amro is zijn licht onderwogen in aandelen en onroerend goed en neutraal ten aanzien van obligaties en grondstoffen. De bank blijft gericht op kwaliteit en spreiding en adviseren alleen beleggers die actief de markt volgen en tegen een stootje kunnen om verder hun nek uit te steken.

De vraag wordt veel gesteld en bijna alle grote en kleine geleerden in deze wereld hebben er wel een mening over. Allerlei indicatoren verbeteren inderdaad iets, meestal vanaf belabberde niveaus. Voor een echt duurzaam herstel moet volgens ons aan ten minste drie voorwaarden worden voldaan:-de conjunctuur moet zich herstellen -de vermogensverliezen moeten stoppen -het kredietkanaal moet weer vrij kunnen functioneren.Op alle drie terreinen zijn er signalen dat de situatie aan het verbeteren is. In de Verenigde Staten kwamen ook deze week macro-economische indicatoren naar buiten die wijzen op afnemende dramatiek (consumentenvertrouwen, huizenverkopen, orders voor duurzame goederen). Minister Timothy Geithner constateerde dat de economie kennelijk aan het uitbodemen is, al voorziet hij een lange en moeizame weg naar herstel. In Europa kwam de Ifo-indicator iets hoger uit dan vorige maand en in Azië zijn er diverse hoopgevende signalen (deze week onder andere uit Singapore en India).Geldmarkttarieven en enquêtes onder zakenbankiers maken duidelijk dat de kredietverlening aan bedrijven en consumenten zowel in de Verenigde Staten als in Europa terug aan het keren is naar normalere omstandigheden. De vermogensverliezen op aandelen- en grondstoffenmarkten zijn duidelijk gestopt, terwijl het tempo van prijsdalingen op de huizenmarkt lijkt af te nemen.Toch zijn er ook belangrijke minnen. De ontwikkelingen op het gebied van deflatie zijn zorgwekkend. In alle grote regio's in de wereld is er nu sprake van prijsdalingen, deels door basiseffecten zoals de lagere olieprijs maar ook door structurele factoren zoals overaanbod (de zogenoemde output gap).Een andere zorg is het snel toenemende aantal wanbetalingen op consumptieve en private leningen. Zo is in de Verenigde Staten het aantal hypotheken met wanbetalingen in het eerste kwartaal van 2009 opgelopen tot het schrikwekkende 9,2% en meldde JP Morgan grote en verder oplopende verliezen te verwachten in haar creditcardbusiness.Tot slot is de lange rente in de wereld aan het stijgen, alleen al in de Verenigde Staten gingen tienjarige treasuries in zes weken tijd van 2,5% naar 3,75%. Dit kan desastreus uitpakken voor ieder sprankje van economisch herstel, dus zo'n ontwikkeling kunnen we absoluut niet gebruiken.Per saldo is ABN Amro zeker minder somber geworden, maar waarschuwt de bank wel voor al te veel optimisme. Hoge werkloosheid en torenhoge overheidsschulden zijn niet snel verdwenen en beperken het herstelpotentieel. ABN Amro is zijn licht onderwogen in aandelen en onroerend goed en neutraal ten aanzien van obligaties en grondstoffen. De bank blijft gericht op kwaliteit en spreiding en adviseren alleen beleggers die actief de markt volgen en tegen een stootje kunnen om verder hun nek uit te steken.