Een spaarverzekering of tak 21

Er bestaan vandaag de dag twee soorten spaarverzekeringen of Tak 21. Er zijn er met een gegarandeerd rendement (bijvoorbeeld 1,25%) waarbij je nog een extra bonus kunt krijgen. Deze bonus is niet gegarandeerd, maar hangt af van de resultaten van het onderliggend fonds.

De andere tak 21 geeft geen gegarandeerd rendement (0%). Alles wat je kan verdienen is dus een bonus. Beide formules bieden wel kapitaalsgarantie en blijven populair omdat je geen roerende voorheffing betaalt als je binnen de 8 jaar geen geld opneemt.

Tak 21 met gewaarborgd rendement

Momenteel geven de meeste verzekeraars niet meer dan een gewaarborgd rendement van 1 à 1,25 procent per jaar op nieuwe stortingen. Bij dit soort tak 21 wordt je geld in de meeste gevallen voor meer dan 90 procent belegd in langlopende obligaties die een zeker rendement geven. De rest wordt op de beurs belegd. Hierdoor wordt er een meerwaarde ge­creëerd die (voor een stuk) uitgekeerd wordt in de vorm van een bonus.

Tak 21 zonder gewaarborgd rendement

Bij deze tak 21 wordt meer in aandelen belegt, biedt men geen gewaarborgd rendement, maar betaalt men alles uit in de vorm van een bonus. In principe moet dit op ­langere termijn tot een hoger rendement leiden, maar zekerheid heb je niet.

Optimaliseer je tak 21

In de meeste gevallen betaalt je 2 à 3 procent instapkosten en soms zelfs 5 procent, bovenop de 2 procent aan verzekeringstaks bij instap. Doorgaans worden er ook nog eens uitstapkosten aangerekend indien je toch binnen de acht jaar wilt uitstappen. Kortom, dit is enkel een geschikt product voor wie geen of weinig risico wil nemen en het ziet als een belegging op minstens 8 jaar.

Bij sommige banken en verzekeraars kan onderhandelen over de instapkosten. Dit hangt uiteraard ook samen met het bedrag dat je wenst te beleggen in een Tak 21. In principe is 1 à 1,50 procent een goed tarief.

Er bestaan vandaag de dag twee soorten spaarverzekeringen of Tak 21. Er zijn er met een gegarandeerd rendement (bijvoorbeeld 1,25%) waarbij je nog een extra bonus kunt krijgen. Deze bonus is niet gegarandeerd, maar hangt af van de resultaten van het onderliggend fonds. De andere tak 21 geeft geen gegarandeerd rendement (0%). Alles wat je kan verdienen is dus een bonus. Beide formules bieden wel kapitaalsgarantie en blijven populair omdat je geen roerende voorheffing betaalt als je binnen de 8 jaar geen geld opneemt.Momenteel geven de meeste verzekeraars niet meer dan een gewaarborgd rendement van 1 à 1,25 procent per jaar op nieuwe stortingen. Bij dit soort tak 21 wordt je geld in de meeste gevallen voor meer dan 90 procent belegd in langlopende obligaties die een zeker rendement geven. De rest wordt op de beurs belegd. Hierdoor wordt er een meerwaarde ge­creëerd die (voor een stuk) uitgekeerd wordt in de vorm van een bonus.Bij deze tak 21 wordt meer in aandelen belegt, biedt men geen gewaarborgd rendement, maar betaalt men alles uit in de vorm van een bonus. In principe moet dit op ­langere termijn tot een hoger rendement leiden, maar zekerheid heb je niet.In de meeste gevallen betaalt je 2 à 3 procent instapkosten en soms zelfs 5 procent, bovenop de 2 procent aan verzekeringstaks bij instap. Doorgaans worden er ook nog eens uitstapkosten aangerekend indien je toch binnen de acht jaar wilt uitstappen. Kortom, dit is enkel een geschikt product voor wie geen of weinig risico wil nemen en het ziet als een belegging op minstens 8 jaar.Bij sommige banken en verzekeraars kan onderhandelen over de instapkosten. Dit hangt uiteraard ook samen met het bedrag dat je wenst te beleggen in een Tak 21. In principe is 1 à 1,50 procent een goed tarief.