Sluit je een contract af met je bank of vermogensbeheerder met betrekking tot een effectenrekening, dan wordt er soms gevraagd of de effecten uitgeleend mogen worden. Vaak moet je gewoon een kruisje zetten bij ja of neen en valt dat niet echt op.

Als je toestemt dat de effecten mogen worden uitgeleend, dan betekent dit concreet dat de bank je effecten (doorgaans aandelen) mag uitlenen aan derde partijen zoals andere banken of fondsbeheerders. De bank krijgt daarvoor dan een vergoeding, waarvan zij dan soms een stuk doorstort naar jou als cliënt of waardoor ze je minder kosten aanrekent als compensatie.

Lage vergoeding, verhoogd risico

De vergoeding die je daarvoor doorgaans krijgt is klein of zelfs verwaarloosbaar, dus daarvoor moet je het alvast niet doen. Bovendien is uitlenen ook niet geheel zonder risico. De lener van je effecten kan bijvoorbeeld niet solvabel genoeg zijn om je effecten terug te betalen of zelfs failliet gaan.

In de praktijk is het uiteraard zo dat je bank dat risico uiteraard tot een minimum zal beperken en desnoods zelf zal tussenkomen als er ongelukken gebeuren. Maar gezien de beperkte vergoeding, is het toch af te raden om toestemming te geven tot uitlenen.

Kan je bank uitlenen?

Houd er ook rekening mee dat banken niet altijd even transparant zijn of zij het wel of niet je effecten kunnen uitlenen. Vraag er dus naar als je twijfelt wat er in het contract staat.