De problemen met de Amerikaanse banken blijken bovendien veel dieper te zitten dan op het eerste gezicht zou blijken. Tientallen, mogelijk zelfs honderden banken, zijn virtueel failliet, maar openen nog alle dagen de deuren.

De regelgevers geven er de voorkeur aan om de bank selectief en stapsgewijs te sluiten. Zo wordt paniek vermeden, maar wordt het ook makkelijker om een koper voor de banken in kwestie te vinden.

Bovendien kan er zo ook tijd worden gekocht, waardoor sommige banken uiteindelijk nog gered kunnen worden. De economie herstelt namelijk en dat geeft sommige banken wat meer zuurstof.

Het aantal banken dat zich kan herpakken, is echter relatief beperkt. Het economisch herstel verloopt namelijk erg traag en vooral bij de kleinere banken verslechtert de situatie nog.

Afgelopen weekend werden Partners Bank, Hillcrest Bank Florida en Flagship National Bank in Florida gesloten, evenals American United Bank of Lawrenceville, Georgia, Bank of Elmwood in Racine, Wisconsin, Riverview Community Bank in Otsego, Minnesota en First Dupage Bank in Westmont, Illinois.

Het sluiten van banken heeft garantiefonds Federal Deposit Insurance Corporation dit jaar al 25 miljard dollar gekost en de totale kostprijs zal tegen 2013 overigens oplopen tot 100 miljard dollar. De FDIC zit met een tekort in zijn garantiefonds, dat dringend aangevuld moet worden.

De lijst met banken in moeilijkheden wordt nog steeds langer, op 30 juni waren er dat 416 tegenover 305 op 31 maart en 252 op 31 december van vorig jaar. Het cijfer voor 30 september is nog niet bekend.

Toch lijkt het tempo van het aantal faillissementen te vertragen. De FDIC slotot 24 banken in juli, 11 in september en tot dusver ook 11 in oktober. De vraag is uiteraard hoeveel banken er gaan overleven.

De situatie rond de kredieten verslechtert nog steeds, maar daar staat tegenover dat de economie verbetert. Uiteraard draait alles om werkloosheid.

De problemen met de Amerikaanse banken blijken bovendien veel dieper te zitten dan op het eerste gezicht zou blijken. Tientallen, mogelijk zelfs honderden banken, zijn virtueel failliet, maar openen nog alle dagen de deuren. De regelgevers geven er de voorkeur aan om de bank selectief en stapsgewijs te sluiten. Zo wordt paniek vermeden, maar wordt het ook makkelijker om een koper voor de banken in kwestie te vinden. Bovendien kan er zo ook tijd worden gekocht, waardoor sommige banken uiteindelijk nog gered kunnen worden. De economie herstelt namelijk en dat geeft sommige banken wat meer zuurstof. Het aantal banken dat zich kan herpakken, is echter relatief beperkt. Het economisch herstel verloopt namelijk erg traag en vooral bij de kleinere banken verslechtert de situatie nog. Afgelopen weekend werden Partners Bank, Hillcrest Bank Florida en Flagship National Bank in Florida gesloten, evenals American United Bank of Lawrenceville, Georgia, Bank of Elmwood in Racine, Wisconsin, Riverview Community Bank in Otsego, Minnesota en First Dupage Bank in Westmont, Illinois. Het sluiten van banken heeft garantiefonds Federal Deposit Insurance Corporation dit jaar al 25 miljard dollar gekost en de totale kostprijs zal tegen 2013 overigens oplopen tot 100 miljard dollar. De FDIC zit met een tekort in zijn garantiefonds, dat dringend aangevuld moet worden. De lijst met banken in moeilijkheden wordt nog steeds langer, op 30 juni waren er dat 416 tegenover 305 op 31 maart en 252 op 31 december van vorig jaar. Het cijfer voor 30 september is nog niet bekend. Toch lijkt het tempo van het aantal faillissementen te vertragen. De FDIC slotot 24 banken in juli, 11 in september en tot dusver ook 11 in oktober. De vraag is uiteraard hoeveel banken er gaan overleven. De situatie rond de kredieten verslechtert nog steeds, maar daar staat tegenover dat de economie verbetert. Uiteraard draait alles om werkloosheid.