Belgische beleggers betalen voortaan minder taks op beursverrichtingen (TOB) als ze bepaalde trackers kopen of verkopen. "Het gaat zelfs om enkele duizenden trackers in ons aanbod", reageert Fadwa Lahssini, de woordvoerder van het beleggingsplatform BinckBank.
...

Belgische beleggers betalen voortaan minder taks op beursverrichtingen (TOB) als ze bepaalde trackers kopen of verkopen. "Het gaat zelfs om enkele duizenden trackers in ons aanbod", reageert Fadwa Lahssini, de woordvoerder van het beleggingsplatform BinckBank.Het betreft trackers die niet zijn geregistreerd in België, maar wel in een ander land van de Europese Economische Ruimte (EER). Die bestaat uit de 28 lidstaten van de Europese Unie, Noorwegen, IJsland en Liechtenstein. "Europa had bezwaar tegen de verschillende fiscale behandeling van bepaalde types trackers. De federale regering heeft gereageerd met een stroomlijning en een verlaging van de beurstaks", zegt Charles Symons, die verantwoordelijk is voor de vermogensbeheerder iShares België en Luxemburg.Voortaan geldt hetzelfde tarief voor trackers die zijn geregistreerd in België en in een ander land van de EER. De transactiebelasting voor die Europese trackers zakte van 0,35 naar 0,12 procent. Het plafond voor de belasting per transactie daalde van 1600 naar 1300 euro. "Voor trackers die niet zijn aangemeld in een land van de EER geldt nog altijd het tarief van 0,35 procent. Meestal zijn dat Amerikaanse producten." Er is één uitzondering: op kapitaliserende trackers die in België zijn geregistreerd, betalen beleggers 1,32 procent belasting. Op elke aan- en verkoop betalen ze dus meer dan tien keer zoveel belasting als voor een soortgelijke tracker die in een ander land van de EER is aangemeld.Kapitaliserende trackers keren niets uit aan de beleggers en herinvesteren de inkomsten. Distributietrackers keren wel dividenden uit. Alle Amerikaanse trackers zijn bijvoorbeeld distributietrackers, want zij zijn wettelijk verplicht alle inkomsten uit te keren. Mogelijk heeft de uitzondering voor kapitaliserende trackers die in België zijn geregistreerd, te maken met de beurstaks voor actief beheerde beleggingsfondsen. Wie intekent op die fondsen, betaalt geen beurstaks. Enkel bij de uitstap uit een kapitaliserend beleggingsfonds is eenmalig 1,32 procent beurstaks verschuldigd, met een maximum van 4000 euro per transactie. Het tarief is hetzelfde als dat voor in België geregistreerde kapitaliserende trackers, maar voor een tracker betaalt de belegger die belasting dus twee keer. Volgens Gorik Nelissen van Keytrade Bank laten de meeste uitgevers hun kapitaliserende trackers daarom niet registreren in ons land. "Als trackers niet zijn geregistreerd in België, mogen wij ze niet actief promoten bij particuliere beleggers. We mogen wel de distributievariant in de kijker zetten, als die in België is geregistreerd.""De klanten kunnen de kapitalisatievariant dan wel op eigen initiatief vinden via de zoekmotor. En we kunnen de trackers die in België niet zijn geregistreerd, wel gebruiken voor KeyPrivate, onze formule voor discretionair vermogensbeheer." Discretionair betekent dat de klanten het beheer van hun portefeuille volledig uit handen geven. De banken kunnen trackers die niet geregistreerd zijn in België dus niet adviseren aan klanten die finaal nog altijd zelf beslissen over hun beleggingen (adviesbeheer). Hans Heytens, de hoofdanalist van de vermogensbeheerder Weghsteen, heeft bedenkingen. "Voor het discretionaire beheer gebruiken we heel veel kapitaliserende trackers die niet in België geregistreerd staan. Dat is volledig wettelijk, maar daarmee bevoordelen we onze klanten in discretionair beheer. We mogen volgens de wet de klanten in adviesbeheer niet inlichten over die variant, terwijl die efficiënter is voor de opbouw van kapitaal." Europa heeft ook beslist dat voor elke tracker die aan particulieren wordt verkocht, een gestandaardiseerde informatiefiche beschikbaar moet zijn: het key information document (KID). "Dat is vooral een probleem voor Amerikaanse trackers", zegt Symons. "Die waren nooit bedoeld voor Europa. De wettelijk verplichte informatie voor een Amerikaanse particuliere belegger ziet er anders uit dan die voor een Europese particuliere belegger. Het is moeilijk de twee met elkaar te verzoenen."Het gevolg is dat de brokers mogelijk een aantal Amerikaanse trackers uit hun aanbod moeten verwijderen. "We krijgen elke week meer en meer documenten binnen", zegt Nelissen. "Maar Amerikaanse trackers blijven een probleem."Bij BinckBank klinkt het: "Geen enkele beheerder op ons platform heeft tot dusver geweigerd aan de wetgeving te voldoen. Klanten die kiezen voor trackers waarvan de documenten nog niet beschikbaar zijn, worden daarover geïnformeerd."Deutsche Bank heeft afgelopen zomer zijn assortiment al herbekeken, toen de bank besliste zich als eerste Belgische bank in de markt te zetten als adviseur voor trackers. "We hebben vijfhonderd trackers in de aanbieding, waarvoor alle informatie al beschikbaar is", zegt woordvoerder Jean-Michel Segers. Symons voegt eraan toe dat de uitgevers vaak Europese kopieën van populaire Amerikaanse trackers maken. "Het aanbod in Europa hoeft niet uit te dunnen. Integendeel: ik denk dat Europa voor veel trackers de uitvalsbasis wordt om de rest van de wereld te bedienen. Dat is goed nieuws voor Europese beleggers. Want hoe meer geld er in het Europese beursgenoteerde fonds zit, hoe lager de kosten kunnen zakken." Bij iShares vroegen ze zich af waarom Europese beleggers Amerikaanse trackers kopen. Symons: "Amerikaanse trackers zijn per definitie distributietrackers. De tracker betaalt in de Verenigde Staten belasting op de dividenden die binnenkomen. Vervolgens betaalt de Belgische belegger dubbele belasting op de dividenden die de tracker uitkeert. Uit een rondvraag blijkt dat beleggers denken dat de Amerikaanse trackers gemakkelijker verhandelen - wat niet altijd waar is - en sommige traders vinden het handig na hun werkuren te kunnen kopen en verkopen. Tja, daar hebben we geen antwoord op."Heytens voegt er nog aan toe dat kapitaliserende trackers efficiënter zijn door de automatische herinvestering van het dividend. "Vergeet ook niet dat de financiële instellingen vaak nog kosten aanrekenen voor het innen van de coupons van de trackers." Volgens de nieuwe Europese regels moeten de banken en de brokers hun klanten meer inzicht geven in de kosten van beleggingsproducten. Trackers komen doorgaans beter uit een vergelijking van de kosten dan fondsen. Door de doorgedreven kostentransparantie zou het best kunnen dat meer Europese beleggers in 2018 de weg naar trackers vinden. Nelissen: "We gaan vooraf een schatting geven van de kosten: de transactiekosten, de beheersvergoeding - en de retrocessies of het deel van de beheersvergoeding dat wij krijgen - voor wie het fonds een jaar bijhoudt.""Achteraf krijgt de belegger jaarlijks een overzicht van de werkelijke kosten in procenten én in centen. Daar kan een verschil op zitten. Als een fonds sterk in waarde stijgt, stijgt ook de vergoeding die de beheerder - en dus ook de bank - opstrijkt. Dat kunnen we vooraf niet voorspellen. De vergoeding is een percentage van de waarde van de belegging. Waardeschommelingen maken een verschil in de centen, maar niet in de procenten." Op het kostenoverzicht voor de trackers staat een lijntje minder, omdat het bij trackers nooit de gewoonte is dat een deel van de vergoeding van de beheerder terugvloeit naar de verkoper."De broker verdient enkel op de transacties in trackers", legt Symons uit. Op een beleggingsfonds rekent de bank geen transactiekosten aan, maar vaak wel instapkosten. In het verleden kregen de banken en de brokers ook standaard een deel van de vergoeding van de beheerders op hun rekening gestort. Dat mag van Europa alleen nog als de bank de klant daar uitdrukkelijk op wijst en als het voor de klant duidelijk is dat hij geen of geen onafhankelijk advies krijgt. Voor de klanten in discretionair beheer mag de bank geen retrocessies meer ontvangen. Er wordt voortaan een onderscheid gemaakt tussen onafhankelijk en niet-onafhankelijk advies. Onafhankelijke adviseurs mogen geen retrocessies meer krijgen van de beheerders.Niet-onafhankelijke adviseurs mogen nog wel retrocessies krijgen, maar ze moeten daarover eerlijk communiceren met hun klanten. En ten slotte zijn er ook nog banken voor doe-het-zelfbeleggers - execution only in het jargon. Ook zij moeten duidelijk rapporteren welke vergoedingen ze krijgen van de beheerders.Sommige banken, zoals MeDirect, bieden zowel execution only als discretionair vermogensbeheer aan. Patricia Boydens legt uit wat er bij MeDirect verandert. "Voor de klanten die het beheer van hun fondsenportefeuille aan ons hebben uitbesteed, hebben wij in november alle fondsenklassen met retrocessies verwisseld voor fondsenklassen zonder retrocessies. Voor sommige fondsenklassen was er al een variant zonder kosten beschikbaar, omdat Nederland al een hele tijd geleden een verbod op retrocessies heeft uitgevaardigd.""Voor andere fondsenklassen hebben de beheerders zo'n variant moeten maken. Wij krijgen dus geen retrocessies. Daarom hebben we onze vergoeding voor het vermogensbeheer opgetrokken van 0,6 naar 0,9 procent, btw inbegrepen. We verdienen netto nu minder dan vroeger aan het onlinevermogensbeheer." Daarnaast is MeDirect een tussenpersoon, waar beleggers op eigen houtje fondsen kunnen kopen. De bank zegt dat die klanten vooral de hoge beurstaks zullen opmerken op hun jaarlijkse kostenafrekening (bij de verkoop van kapitaliserende fondsen). De internetbank rekent doorgaans geen instap- of uitstapkosten aan en leeft van de retrocessies.Hoeveel retrocessies MeDirect opstrijkt, weten de beleggers al langer. Boydens: "Het platform en de informatie die we sinds de oprichting ter beschikking stellen, voldoen al lang aan de regelgeving. MeDirect is opgestart met de nieuwe regels voor kostentransparantie in gedachten." Keytrade Bank werkt met trackers voor zijn formule voor onlinevermogensbeheer en daar speelt het probleem van de retrocessies dus niet. Bij Deutsche Bank worden de retrocessies doorgestort naar de klanten in discretionair beheer. "Wij hebben niet op de nieuwe regels gewacht om dat principe toe te passen", laat Deutsche Bank weten. "We doen dit al jaren." Deutsche Bank heeft naast discretionair beheer en execution only ook nog klanten in adviesbeheer. Voor de klanten die zich laten adviseren, koos Deutsche Bank voor het label niet-onafhankelijk advies.Dat is verrassend, want de bank biedt al jaar en dag een gamma van fondsen van verschillende fondsenhuizen aan. De bank staat er niet om bekend dat ze vooral eigen beleggingsproducten slijt aan haar klanten. De keuze heeft alles te maken met het verbod op retrocessies en de verplichting om de kosten voor de dienstverlening van de bank apart af te rekenen.Segers: "De meeste klanten betalen liever geen - of geen al te hoge - adviesvergoedingen. Enkel in private banking is een aparte vergoeding voor advies de norm. Onafhankelijk advies is niet goedkoper. Integendeel: de som van de adviesvergoedingen en de kosten in het fonds kunnen hoger uitkomen."