De Belgische plantageholding Sipef, dat palmolie- en rubberplantages bezit in Indonesië en Papoea-Nieuw-Guinea, kan tevreden terugblikken op 2011. De productie van zijn belangrijkste product, palmolie, steeg met 7,9% tot 258.099 ton. De gemiddelde prijs voor een ton palmolie lag in 2011 ook 25% hoger dan in 2010 (1125 dollar per ton in 2011 tegenover 901 dollar per ton in 2010). Palmolie is daarmee goed voor 78% van de totale omzet en 79% van de brutowinst.

Ook voor rubber, goed voor 16,5% van de brutowinst, lag de prijs in 2011 hoger dan in 2010, al zakte het productievolume met 12% door de extreme droogte in Sumatra in het derde kwartaal, gevolgd door een te natte periode in het vierde kwartaal. Ook de theeproductie had te lijden onder het weer - veroorzaakt door het weersfenomeen La Niña - en viel terug met 15%. De bananenproductie in Ivoorkust leed op zijn beurt onder de burgeroorlog in de eerste jaarhelft. Deze twee producten - thee en bananen - staan echter maar in voor 2,5% van de totale brutowinst.

Dankzij het hogere productievolume en de hogere prijs voor palmolie verbeterde de bedrijfskasstroom met 34% tot 104,3 miljoen dollar. Sipef heeft geen schulden en gebruikt de kasstroom voor verdere uitbreidingen van zijn areaal. In 2011 werd een licentie verkregen voor 19.500 hectare nieuwe plantages in Zuid-Sumatra.

Voor dit jaar heeft Sipef al 45% van de verwachte jaarproductie van palmolie verkocht aan een gemiddelde prijs van 1100 dollar. Deze prijs ligt in lijn met de prijs van vorig jaar. Het bedrijf verwacht de goede resultaten van 2011 dan ook te herhalen dit jaar. Aandeelhouders kunnen rekenen op een bruto dividend van 1,70 EUR per aandeel. Dit is 25% van de nettowinst per aandeel (6,8 EUR).

Het aandeel noteert aan minder dan 10 keer de verwachte winst voor dit jaar, maar de onzekerheid rond het economische herstel weegt toch op de prijzen. Ons advies is het aandeel bij te houden en te wachten op een correctie onder 55 EUR om bij te kopen.

Mathias Nuttin

Twitter: @MathiasNuttin

De Belgische plantageholding Sipef, dat palmolie- en rubberplantages bezit in Indonesië en Papoea-Nieuw-Guinea, kan tevreden terugblikken op 2011. De productie van zijn belangrijkste product, palmolie, steeg met 7,9% tot 258.099 ton. De gemiddelde prijs voor een ton palmolie lag in 2011 ook 25% hoger dan in 2010 (1125 dollar per ton in 2011 tegenover 901 dollar per ton in 2010). Palmolie is daarmee goed voor 78% van de totale omzet en 79% van de brutowinst.Ook voor rubber, goed voor 16,5% van de brutowinst, lag de prijs in 2011 hoger dan in 2010, al zakte het productievolume met 12% door de extreme droogte in Sumatra in het derde kwartaal, gevolgd door een te natte periode in het vierde kwartaal. Ook de theeproductie had te lijden onder het weer - veroorzaakt door het weersfenomeen La Niña - en viel terug met 15%. De bananenproductie in Ivoorkust leed op zijn beurt onder de burgeroorlog in de eerste jaarhelft. Deze twee producten - thee en bananen - staan echter maar in voor 2,5% van de totale brutowinst.Dankzij het hogere productievolume en de hogere prijs voor palmolie verbeterde de bedrijfskasstroom met 34% tot 104,3 miljoen dollar. Sipef heeft geen schulden en gebruikt de kasstroom voor verdere uitbreidingen van zijn areaal. In 2011 werd een licentie verkregen voor 19.500 hectare nieuwe plantages in Zuid-Sumatra.Voor dit jaar heeft Sipef al 45% van de verwachte jaarproductie van palmolie verkocht aan een gemiddelde prijs van 1100 dollar. Deze prijs ligt in lijn met de prijs van vorig jaar. Het bedrijf verwacht de goede resultaten van 2011 dan ook te herhalen dit jaar. Aandeelhouders kunnen rekenen op een bruto dividend van 1,70 EUR per aandeel. Dit is 25% van de nettowinst per aandeel (6,8 EUR). Het aandeel noteert aan minder dan 10 keer de verwachte winst voor dit jaar, maar de onzekerheid rond het economische herstel weegt toch op de prijzen. Ons advies is het aandeel bij te houden en te wachten op een correctie onder 55 EUR om bij te kopen.Mathias NuttinTwitter: @MathiasNuttin