We zien dat de economische verwachtingen met betrekking tot de Amerikaanse groei de voorbije maanden zijn verlaagd. Van meer dan 3% groei aan het jaarbegin zitten we nu rond 2,5% na een zwak eerste kwartaal met een krimp, mede door (andermaal) een strenge winter. De PMI (index van de aankoopdirecteuren) is in de States de jongste maanden ook teruggelopen, vooral dan de industriële component.

Behoedzame Fed

"Niet wild van Wall Street"

Het is dan ook duidelijk dat de Federal Reserve omzichtig moet omspringen met renteverhogingen. Het lijkt nu eerder een symbolisch verhaal te worden. De belofte van een ommekeer in de monetaire politiek wordt gehouden, maar om veel meer dan dat gaat het wellicht niet. Er zijn immers ook steeds meer studies die aangeven dat de 'industriële renaissance' van de VS, waarvan de voorbije jaren sprake, zeker niet mag worden overroepen. Het IMF heeft enkele dagen geleden nog de Amerikaanse centrale bank opgeroepen om tot 2016 met renteverhogingen te wachten.

Vermoeide Amerikaanse beurs

Des te sprankelender het beursvertoon was tot dus ver in 2015 op de Europese beurzen was, des te saaier is het eigenlijk op Wall Street. In de eerste vijf maanden van het jaar zat er tussen het hoogste en het laagste slotniveau amper iets meer dan 5% verschil voor de Standard&Poor's500-index. Voor de Eurostoxx50-index is dat afgerond het vijfvoud!

"De Amerikaanse beursklim zit reeds in een eindfase"

Wall Street neemt een afwachtende, gelaten houding aan in afwachting dat de eerste renteverhoging wordt doorgevoerd. Sinds QE werd beëindigd, kunnen we eigenlijk stellen dat de beursstijging is beginnen stagneren en de vaart er compleet uit is. De Amerikaanse beursklim is dan ook (erg) matuur en zit reeds in een eindfase, maar wellicht nog niet in blessuretijd. Maar meer dan 10% stijgingspotentieel zien we niet echt meer. We herhalen dan ook ons standpunt dat Amerikaanse indexwaarden ons niet of nauwelijks nog kunnen boeien. Onze focus ligt op Europa en de opkomende markten.

We zien dat de economische verwachtingen met betrekking tot de Amerikaanse groei de voorbije maanden zijn verlaagd. Van meer dan 3% groei aan het jaarbegin zitten we nu rond 2,5% na een zwak eerste kwartaal met een krimp, mede door (andermaal) een strenge winter. De PMI (index van de aankoopdirecteuren) is in de States de jongste maanden ook teruggelopen, vooral dan de industriële component. Het is dan ook duidelijk dat de Federal Reserve omzichtig moet omspringen met renteverhogingen. Het lijkt nu eerder een symbolisch verhaal te worden. De belofte van een ommekeer in de monetaire politiek wordt gehouden, maar om veel meer dan dat gaat het wellicht niet. Er zijn immers ook steeds meer studies die aangeven dat de 'industriële renaissance' van de VS, waarvan de voorbije jaren sprake, zeker niet mag worden overroepen. Het IMF heeft enkele dagen geleden nog de Amerikaanse centrale bank opgeroepen om tot 2016 met renteverhogingen te wachten. Des te sprankelender het beursvertoon was tot dus ver in 2015 op de Europese beurzen was, des te saaier is het eigenlijk op Wall Street. In de eerste vijf maanden van het jaar zat er tussen het hoogste en het laagste slotniveau amper iets meer dan 5% verschil voor de Standard&Poor's500-index. Voor de Eurostoxx50-index is dat afgerond het vijfvoud! Wall Street neemt een afwachtende, gelaten houding aan in afwachting dat de eerste renteverhoging wordt doorgevoerd. Sinds QE werd beëindigd, kunnen we eigenlijk stellen dat de beursstijging is beginnen stagneren en de vaart er compleet uit is. De Amerikaanse beursklim is dan ook (erg) matuur en zit reeds in een eindfase, maar wellicht nog niet in blessuretijd. Maar meer dan 10% stijgingspotentieel zien we niet echt meer. We herhalen dan ook ons standpunt dat Amerikaanse indexwaarden ons niet of nauwelijks nog kunnen boeien. Onze focus ligt op Europa en de opkomende markten.