Volgens hen zouden de wettelijk opgelegde rendementen op de meeste aanvullende pensioenplannen - 3,25 % op werkgeversbijdragen, 3,75 % op werknemersbijdragen - niet gewaarborgd kunnen blijven. Daarom willen ze die nu door de overheid verlaagd zien. Volgens Test-Aankoop is deze vraag onterecht.

Recent beslisten de verzekeraars zelf al om hun gegarandeerde rente voor groepsverzekeringen te verlagen. Velen bieden slechts een gegarandeerde rente tot 2,25 of zelfs 1,75 %, en dus niet langer 3,75 of 3,25 %.

Dat zou de situatie voor de werkgevers kunnen veranderen. Volgens de Wet op de Aanvullende Pensioenen (WAP) moeten zij immers het eventuele tekort bijpassen als het totale rendement dat de verzekeraar biedt, kleiner zou uitvallen dan het percentage dat wettelijk is vooropgesteld.

Volgens Test-Aankoop overdrijven de verzekeraars echter zwaar in dit dossier:

Ten eerste, als men de zaken in een historisch perspectief plaatst, stelt Test-Aankoop vast dat de rente bijna altijd hoger lag dan 3,25 %. Ook heden is dat nog altijd het geval voor een groot deel obligaties op lange termijn en zelfs nog voor nieuwe obligaties (10/09/2013 3,80 % op 30 jaar).

Ten tweede konden de verzekeraars de afgelopen vijf jaar geregeld obligaties aankopen die meer dan 4 % opleverden.

Ten derde zwijgt de verzekeringssector vandaag over de mooie hogere rentevoeten van nog oudere obligaties die ze nog altijd in portefeuille hebben. Al bij al halen de verzekeraars gemiddeld dan ook nog een behoorlijk rendement.

Ten vierde moeten de werkgevers dat minimumrendement van 3,25 % of 3,75 % niet elk jaar opnieuw halen. Het wordt meestal verrekend over de totale duur van het contract. Het is dus geen ramp als die doelstelling niet wordt gehaald in 2013 of 2014.

Ten vijfde zijn die gegarandeerde rendementen van 3,75 % of 3,25 % niet van toepassing in de eerste vijf jaren dat een werknemer in dienst is.

Volgens hen zouden de wettelijk opgelegde rendementen op de meeste aanvullende pensioenplannen - 3,25 % op werkgeversbijdragen, 3,75 % op werknemersbijdragen - niet gewaarborgd kunnen blijven. Daarom willen ze die nu door de overheid verlaagd zien. Volgens Test-Aankoop is deze vraag onterecht. Recent beslisten de verzekeraars zelf al om hun gegarandeerde rente voor groepsverzekeringen te verlagen. Velen bieden slechts een gegarandeerde rente tot 2,25 of zelfs 1,75 %, en dus niet langer 3,75 of 3,25 %. Dat zou de situatie voor de werkgevers kunnen veranderen. Volgens de Wet op de Aanvullende Pensioenen (WAP) moeten zij immers het eventuele tekort bijpassen als het totale rendement dat de verzekeraar biedt, kleiner zou uitvallen dan het percentage dat wettelijk is vooropgesteld. Volgens Test-Aankoop overdrijven de verzekeraars echter zwaar in dit dossier: Ten eerste, als men de zaken in een historisch perspectief plaatst, stelt Test-Aankoop vast dat de rente bijna altijd hoger lag dan 3,25 %. Ook heden is dat nog altijd het geval voor een groot deel obligaties op lange termijn en zelfs nog voor nieuwe obligaties (10/09/2013 3,80 % op 30 jaar). Ten tweede konden de verzekeraars de afgelopen vijf jaar geregeld obligaties aankopen die meer dan 4 % opleverden. Ten derde zwijgt de verzekeringssector vandaag over de mooie hogere rentevoeten van nog oudere obligaties die ze nog altijd in portefeuille hebben. Al bij al halen de verzekeraars gemiddeld dan ook nog een behoorlijk rendement. Ten vierde moeten de werkgevers dat minimumrendement van 3,25 % of 3,75 % niet elk jaar opnieuw halen. Het wordt meestal verrekend over de totale duur van het contract. Het is dus geen ramp als die doelstelling niet wordt gehaald in 2013 of 2014. Ten vijfde zijn die gegarandeerde rendementen van 3,75 % of 3,25 % niet van toepassing in de eerste vijf jaren dat een werknemer in dienst is.