Millennials aan het woord
...

Het idee dat de kleine jonge belegger volledig overgeleverd is aan de genade van de veel machtigere grote beleggers, klopt niet. Natuurlijk kan hij het beursspel niet op dezelfde manier spelen. Maar dat is ook niet nodig. De kleine jonge belegger moet uitgaan van zijn eigen voordelen en kwaliteiten. Als die goed worden ingezet, kunnen ze echte superkrachten zijn. Onlangs spanden kleine beleggers samen in de strijd tegen de grote hedgefondsen. Zo werd de superkracht van de hedgefondsen, het shorten van aandelen, tegen hen gebruikt. Het toont aan dat de grote beleggers geen onoverwinnelijke superschurken zijn waartegen kleine beleggers geen schijn van kans maken. Natuurlijk beschikken kleine jonge beleggers niet over dezelfde vaardigheden en middelen als de grote jongens. Maar ze hebben eigen unieke krachten die ze in de strijd kunnen werpen. In dit artikel neem ik je graag mee op een ontdekkingstocht naar de superkrachten van de kleine jonge belegger. Ik zie er minstens vier. Juggernaut, de krachtpatser in de populaire X-Men-reeks, is zo goed als onkwetsbaar. Zodra hij begint te lopen, bouwt hij steeds meer momentum op waardoor hij niet meer te stoppen is en dwars door alle obstakels heen loopt. Het rente-op-rente-effect doet iets vergelijkbaars met je beleggingen. De rente die je ontvangt op je eerste beleggingen, investeer je opnieuw op de beurs. Het volgende jaar krijg je rente op het initiële bedrag, maar ook op de rente die je opnieuw hebt geïnvesteerd. Daardoor stijgt het totaalbedrag niet lineair, maar exponentieel. Dat fenomeen komt langzaam op gang, maar zodra het begint te werken, versterkt het zichzelf en versnelt het tot een niet te stoppen momentum. Wolverine, een andere personage uit X-Men, herstelt heel snel van verwondingen. Dat is ook handig op de beurs, waar je veel financiële schade kunt oplopen door een correctie of beurscrash. De tabel hiernaast toont een overzicht van de beleggingscategorieën en hun maximale verlies ¬ drawdown in het jargon. Je ziet er ook hoelang het gemiddeld duurt voordat dat verlies weer is goedgemaakt door een herstel van de koersen. De logica is simpel: hoe risicovoller de belegging, hoe groter het potentiële verlies, en hoe langer het duurt eer de belegger herstelt van dat verlies. Wie dus jong begint te beleggen, heeft meer tijd om een verlies weer goed te maken. Hoe ouder een belegger is, hoe korter zijn beleggingstermijn, en hoe kleiner de kans dat hij een verlies kan goedmaken. Calimero zou het er niet mee eens zijn, maar klein zijn heeft ook voordelen. Vraag het maar aan Ant-Man, die in zijn krimppak ongemerkt overal kan binnen- en buitenglippen. Aandelen van kleine bedrijven presteren over een lange termijn gebruikelijk een stuk beter dan die van grotere bedrijven. De MSCI World Small Cap, een index met kleine aandelen, leverde over de afgelopen twintig jaar jaarlijks 11,47 procent op. Dat is 2,53 procentpunt beter dan de aandelen in de bredere MSCI World Index. Uit de tabel blijkt dat die lijn ook kan worden doorgetrokken op regionaal vlak. De voornaamste reden is het liquiditeitsrisico: kleine aandelen worden minder verhandeld. Dat is vooral een risico voor de grote, professionele beleggers. Zij beheren grote portefeuilles en moeten dus grote posities innemen om een effect te kunnen hebben. Doordat kleine aandelen maar in beperkte volumes verhandelen, zouden grote orders de koers heel sterk doen schommelen. Dat is niet interessant voor grote beleggers. Een kleine belegger heeft dat probleem veel minder, hij kan met gemak in en uitstappen. Zo kan hij profiteren van het grotere groeipotentieel van kleine bedrijven, die net als mieren enorme gewichten kunnen dragen in vergelijking met hun lichaamsgewicht. Belgische beleggers hebben bovendien het geluk dat onze beurs veel kleine aandelen rijk is, denk maar aan bedrijven als Smartphoto, Jensen, Deceuninck en Ter Beke. De Fantastic Four-superheld Mr. Fantastic is extreem elastisch en kan zich tot elke vorm en omvang buigen en plooien. De kleine belegger heeft eenzelfde voordeel. Hij kan zo flexibel beleggen als hij maar wil. Hij kan beleggen in elk product en elke regio die hem nuttig lijkt, en kan uit de markt gaan als hij wil. De grote beleggers niet. Die moeten voldoen aan heel wat regelgeving en zijn vaak beperkt tot een aantal producten of markten. Sommige fondsen mogen enkel in bepaalde regio's beleggen, andere mogen maar een bepaald percentage aandelen of obligaties aanhouden. De kleine belegger plooit zich echter vrijelijk in elke richting naargelang zijn voorkeur en inzichten. Bovendien moeten professionele beleggers verantwoording afleggen aan hun werkgevers en klanten. Dat werkt vaak remmend en zorgt ervoor dat veel fondsbeheerders liever op veilig spelen. Een flexibele kleine belegger hoeft enkel aan zichzelf verantwoording af te leggen, waardoor hij meer kan handelen voor de lange termijn.