Rond het sluitingsuur van de Europese beurzen stond Wall Street al licht in het rood door gemengde cijfers over de huizenbouw en een daling van de detailverkopen van Caterpillar met 4% (die beschouwd worden als een indicator voor de wereldwijde conjunctuur). Het verlies werd uitgediept na de publicatie van de nota's van de laatste bijeenkomst van de Amerikaanse centrale bank (de Fed).

Hoewel alle bestuursleden van de Fed de heilzame effecten van de kwantitatieve monetaire versoepeling op de Amerikaanse economie erkennen, zijn er toch verschillende onder hen die gewezen hebben op de risico's van het blijven aankopen van Amerikaanse overheidsobligaties en hypotheekeffecten à rato van 85 miljard dollar per maand. De belangrijkste risico's aan een overvloed van liquiditeiten zijn een opstoot van de inflatie en een mogelijke destabilisatie van het financiële systeem door de vorming van nieuwe speculatieve zeepbellen. Het stoppen of afbouwen van de aankopen betekent wel het einde van een belangrijke steunfactor van het beursherstel. Het gedrag van de Fed zal de komende maanden dus een grote zorg worden voor de markten.

Daarnaast kregen beleggers ook te horen dat de Chinese premier Wen Jiabao de lokale overheden heeft opgeroepen om de vastgoedspeculatie te bestrijden. Die speculatie creëert op de middellange termijn risico's voor bijvoorbeeld de banken, maar is momenteel wel een belangrijke steun voor de Chinese economie dankzij de hoge bouwactiviteit.

Ten slotte werd ook koud water gegooid over de hoop op een herstel van de economie in de eurozone. Uit voorlopige cijfers voor februari blijkt dat de PMI, de index van de aankoopmanagers, van de industrie in de eurozone gezakt is van 47,9 naar 47,8 punten. Een cijfer onder 50 wijst op een daling van de activiteit. Economen mikten op een stijging naar 48,4. Het PMI-cijfer voor de dienstensector is nog slechter, met een daling van 48,6 naar 47,3 (economen mikten op een stijging naar 49,2). De daling van de activiteit is merkbaar in alle grote landen van de eurozone, met uitzondering van Duitsland waar de groei wel is vertraagd in plaats van versneld.

Rond het sluitingsuur van de Europese beurzen stond Wall Street al licht in het rood door gemengde cijfers over de huizenbouw en een daling van de detailverkopen van Caterpillar met 4% (die beschouwd worden als een indicator voor de wereldwijde conjunctuur). Het verlies werd uitgediept na de publicatie van de nota's van de laatste bijeenkomst van de Amerikaanse centrale bank (de Fed).Hoewel alle bestuursleden van de Fed de heilzame effecten van de kwantitatieve monetaire versoepeling op de Amerikaanse economie erkennen, zijn er toch verschillende onder hen die gewezen hebben op de risico's van het blijven aankopen van Amerikaanse overheidsobligaties en hypotheekeffecten à rato van 85 miljard dollar per maand. De belangrijkste risico's aan een overvloed van liquiditeiten zijn een opstoot van de inflatie en een mogelijke destabilisatie van het financiële systeem door de vorming van nieuwe speculatieve zeepbellen. Het stoppen of afbouwen van de aankopen betekent wel het einde van een belangrijke steunfactor van het beursherstel. Het gedrag van de Fed zal de komende maanden dus een grote zorg worden voor de markten.Daarnaast kregen beleggers ook te horen dat de Chinese premier Wen Jiabao de lokale overheden heeft opgeroepen om de vastgoedspeculatie te bestrijden. Die speculatie creëert op de middellange termijn risico's voor bijvoorbeeld de banken, maar is momenteel wel een belangrijke steun voor de Chinese economie dankzij de hoge bouwactiviteit.Ten slotte werd ook koud water gegooid over de hoop op een herstel van de economie in de eurozone. Uit voorlopige cijfers voor februari blijkt dat de PMI, de index van de aankoopmanagers, van de industrie in de eurozone gezakt is van 47,9 naar 47,8 punten. Een cijfer onder 50 wijst op een daling van de activiteit. Economen mikten op een stijging naar 48,4. Het PMI-cijfer voor de dienstensector is nog slechter, met een daling van 48,6 naar 47,3 (economen mikten op een stijging naar 49,2). De daling van de activiteit is merkbaar in alle grote landen van de eurozone, met uitzondering van Duitsland waar de groei wel is vertraagd in plaats van versneld.