Faber scoort een punt wanneer hij stelt dat de aandelen op de huidige koersniveaus onmogelijk goedkoop kunnen worden genoemd. Vanaf de bodem in maart 2009 zijn de koersen al in waarde verdubbeld, terwijl de winsten niet aan hetzelfde tempo zijn gestegen.

Van peperdure waarderingen is anderzijds ook geen sprake, maar Faber blijft toch op zijn hoede. In zijn modelportefeuille is hij nog slechts voor 25% in aandelen belegd, evenals voor 25% in bedrijfsobligaties. De beleggers krijgen van hem het advies om vooral niet te euforisch te worden.

Faber scoort een punt wanneer hij stelt dat de aandelen op de huidige koersniveaus onmogelijk goedkoop kunnen worden genoemd. Vanaf de bodem in maart 2009 zijn de koersen al in waarde verdubbeld, terwijl de winsten niet aan hetzelfde tempo zijn gestegen. Van peperdure waarderingen is anderzijds ook geen sprake, maar Faber blijft toch op zijn hoede. In zijn modelportefeuille is hij nog slechts voor 25% in aandelen belegd, evenals voor 25% in bedrijfsobligaties. De beleggers krijgen van hem het advies om vooral niet te euforisch te worden.