Risicovolle beleggingen als aandelen, grondstoffen en onroerend goed presteerden de eerste maanden van 2012 sterk, evenals de Italiaanse, Portugese en Ierse obligaties.

Gegeven de matige economische groei, de belangrijke verkiezingen in Griekenland en Frankrijk en de afzwakkende winstgroei blijven de analisten van de bank nog voorzichtig met risicovollere beleggingen.

Banken vertrouwen elkaar niet meer

De ECB heeft met het beschikbaar stellen van ruim Eur 1000 miljard via twee 3-jaarsleningen de liquiditeitspositie van de banken duidelijk verbeterd.

Banken vertrouwden elkaar niet meer, waardoor de interbancaire rentetarieven sterk opliepen, Amerikaanse banken geld uit Europa terugtrokken en enkele banken liquiditeitsproblemen kregen.

De ECB versoepelde de eisen voor het onderpand, waardoor vrijwel alle banken en financiële dochtermaatschappijen van bijvoorbeeld autoproducenten geld konden lenen voor een langere periode. De rente beweegt mee met het officiële tarief van de ECB en bedraagt bij aanvang slechts 1%.

Banken kunnen deze middelen winstgevend uitzetten en daarmee indirect hun balansen versterken. Dit helpt de banken om te voldoen aan de strengere kapitaalseisen die waaraan uiterlijk eind juni voldaan moet worden. Andere mogelijkheden zijn uitgifte van aandelen of het afstoten van activiteiten; met dat laatste zijn Europese banken volop bezig.

Risicovolle beleggingen als aandelen, grondstoffen en onroerend goed presteerden de eerste maanden van 2012 sterk, evenals de Italiaanse, Portugese en Ierse obligaties. Gegeven de matige economische groei, de belangrijke verkiezingen in Griekenland en Frankrijk en de afzwakkende winstgroei blijven de analisten van de bank nog voorzichtig met risicovollere beleggingen. Banken vertrouwen elkaar niet meer De ECB heeft met het beschikbaar stellen van ruim Eur 1000 miljard via twee 3-jaarsleningen de liquiditeitspositie van de banken duidelijk verbeterd. Banken vertrouwden elkaar niet meer, waardoor de interbancaire rentetarieven sterk opliepen, Amerikaanse banken geld uit Europa terugtrokken en enkele banken liquiditeitsproblemen kregen. De ECB versoepelde de eisen voor het onderpand, waardoor vrijwel alle banken en financiële dochtermaatschappijen van bijvoorbeeld autoproducenten geld konden lenen voor een langere periode. De rente beweegt mee met het officiële tarief van de ECB en bedraagt bij aanvang slechts 1%. Banken kunnen deze middelen winstgevend uitzetten en daarmee indirect hun balansen versterken. Dit helpt de banken om te voldoen aan de strengere kapitaalseisen die waaraan uiterlijk eind juni voldaan moet worden. Andere mogelijkheden zijn uitgifte van aandelen of het afstoten van activiteiten; met dat laatste zijn Europese banken volop bezig.