Vooral tegenvallend macro-economisch nieuws lag aan de basis van deze neerwaartse beweging. In de eurozone en China vielen indicatoren over de verwerkende nijverheid tegen en dit

voedde enkel maar de reeds bestaande recessievrees.

De daling van maandag duwde de meeste indices volgens Geert Van Herck van Leleux in oververkocht terrein en dit gaf op de grafieken signalen dat een opvering mogelijk werd. Op het vlak van de bedrijfsresultaten zien we wel een tegenstelling tussen de VSA, waar de meeste bedrijven beterdan-verwachte resultaten publiceren (zie o.a. Apple, Caterpillar en Alcoa), en Europa waar er toch wat tegenvallers tussenzitten (o.a. Siemens).

Niettemin zullen aandachtige waarnemers al opgemerkt hebben dat al dat goede Amerikaanse resultatennieuws de S&P 500 weinig steun gegeven heeft. Voor aanvang van het resultatenseizoen stond de index nog op een nieuw jaarrecord (slotkoers 2 april 2012: 1.419 punten). De daggrafiek van de S&P 500 toont de stijging vanaf oktober vorig jaar. Sinds begin april 2012 is de index in een neerwaartse correctie terechtgekomen.

Neerwaartse uitbraak uit horizontaal consolidatiepatroon verwacht

De afgelopen weken zien we een horizontaal verloop tussen 1.360 en 1.390 punten. Van Herck verwacht de komende weken een neerwaartse uitbraak uit dit horizontaal consolidatiepatroon. Eerste koersdoelzone wordt de horizontale steun op 1.340 punten. Het belangrijkste steunniveau op deze grafiek is de top van 27 oktober 2011 op 1.293 punten. Zolang de index boven dit niveau blijft, is de stijgende trend van de S&P 500 niet in gevaar.•

De STOXX Europe 600 is al wel door zijn overeenkomstig steunniveau gezakt. Maandag bereikte de index een intradydieptepunt op 251 punten. De koerstop van oktober 2011 bedroeg 251,40 punten. Het is miniem maar wel

belangrijk.

De daling van maandag leidde wel tot een positieve divergentie tussen index en RSI-indicator (onderste lijn). Dit pleit voor een tijdelijke opvering van de markten. De STOXX Europe 600 zou in de komende dagen minimum de 260 punten moeten kunnen halen. Van Herck verwacht niet dat deze opvering tot een nieuwe top boven 272,90 punten zal leiden.

Vooral tegenvallend macro-economisch nieuws lag aan de basis van deze neerwaartse beweging. In de eurozone en China vielen indicatoren over de verwerkende nijverheid tegen en dit voedde enkel maar de reeds bestaande recessievrees. De daling van maandag duwde de meeste indices volgens Geert Van Herck van Leleux in oververkocht terrein en dit gaf op de grafieken signalen dat een opvering mogelijk werd. Op het vlak van de bedrijfsresultaten zien we wel een tegenstelling tussen de VSA, waar de meeste bedrijven beterdan-verwachte resultaten publiceren (zie o.a. Apple, Caterpillar en Alcoa), en Europa waar er toch wat tegenvallers tussenzitten (o.a. Siemens). Niettemin zullen aandachtige waarnemers al opgemerkt hebben dat al dat goede Amerikaanse resultatennieuws de S&P 500 weinig steun gegeven heeft. Voor aanvang van het resultatenseizoen stond de index nog op een nieuw jaarrecord (slotkoers 2 april 2012: 1.419 punten). De daggrafiek van de S&P 500 toont de stijging vanaf oktober vorig jaar. Sinds begin april 2012 is de index in een neerwaartse correctie terechtgekomen. Neerwaartse uitbraak uit horizontaal consolidatiepatroon verwacht De afgelopen weken zien we een horizontaal verloop tussen 1.360 en 1.390 punten. Van Herck verwacht de komende weken een neerwaartse uitbraak uit dit horizontaal consolidatiepatroon. Eerste koersdoelzone wordt de horizontale steun op 1.340 punten. Het belangrijkste steunniveau op deze grafiek is de top van 27 oktober 2011 op 1.293 punten. Zolang de index boven dit niveau blijft, is de stijgende trend van de S&P 500 niet in gevaar.• De STOXX Europe 600 is al wel door zijn overeenkomstig steunniveau gezakt. Maandag bereikte de index een intradydieptepunt op 251 punten. De koerstop van oktober 2011 bedroeg 251,40 punten. Het is miniem maar wel belangrijk. De daling van maandag leidde wel tot een positieve divergentie tussen index en RSI-indicator (onderste lijn). Dit pleit voor een tijdelijke opvering van de markten. De STOXX Europe 600 zou in de komende dagen minimum de 260 punten moeten kunnen halen. Van Herck verwacht niet dat deze opvering tot een nieuwe top boven 272,90 punten zal leiden.