Ralph Nelson Elliott ontdekte in de jaren twintig dat er op de aandelenmarkten geen chaos heerst: de markten bewegen in cycli. Ze worden veroorzaakt door emoties of massahysterie onder beleggers. Elliott ontdekte ook het fractale karakter van die marktbewegingen: een golfbeweging kan in kleinere golven worden opgesplitst. Bovendien voorspellen die golven de evolutie van de markten, stelde Elliott vast. Hij combineerde die voorspellingen met de Fibonacci-reeksen.

De inzichten van Elliott vormden de basis van het baanbrekende boek Elliott Wave Principles - Key to Market Behavior van A.J. Frost en Robert Robert Prechter jr., dat verscheen in 1978. De auteurs voorspelden er de bullmarkt van de jaren tachtig in en slaagden erin de crash van 1987 op tijd te voorspellen.

Volgens de wetten van de natuurkunde veroorzaakt elke actie een tegenreactie. Die regel gaat ook op voor de financiële markten. Daarom worden grote koersbewegingen verdeeld in drie trends (impulsgolven) en twee correcties: in totaal vijf golven. De kunst is de golven te herkennen. Daar bestaan richtlijnen voor. Een opsomming zou ons te ver leiden, maar de criteria bepalen in hoofdzaak wanneer er een vijfpatronengolf start en tot welk niveau een golf mag corrigeren. Corrigeert een verwachte golf bijvoorbeeld te veel, dan moet de belegger zijn analyse herzien en andere bodems en toppen kiezen. Op de grafieken worden de Elliott-golven toegepast op de Dow-Jonesindex.

Grafiek 1

Op de langetermijngrafiek van de Dow Jones is vanaf 1932 een grote opwaartse beweging tot 2007 merkbaar. Die beweging kan worden onderverdeeld in vijf Elliott-golfbewegingen, aangeduid met de Romeinse cijfers I, II, III, IV en V.

Grafiek 2

Volgens de fractale theorie kan elke golf worden opgesplitst in vijf nieuwe golven. Ze zijn aangeduid met de cijfers 1, 2, 3, 4 en 5. Op de recentste golf (van IV naar V) is de vijfde golf een feit.

Grafiek 3

De stijging van de eerste bodem naar de top-III en de stijging van de tweede bodem naar de top-V verlopen over dezelfde periode (33 en 34 jaar) en de koersstijging is gelijk (x24). De top van 2007 is daarom met grotere zekerheid het einddoel van het golfpatroon dat begon in 1932. Ook daarom is de laatste opwaartse koersbeweging sinds 2009 een berenrally: een opwaartse beweging in een dalende hoofdtrend.

Grafiek 4

De hoofdtrendlijn (R1) sinds 1903 is duidelijk zichtbaar. De negatieve doorbraak van die trendlijn in 2008 was krachtig en belangrijk. Na de bodem van maart 2009 steeg de beurs opnieuw tot precies de trendlijn (R1).

Grafiek 5

Uit de Dow-theorie weten we dat stijgende beurskoersen en stijgende volumes hand in hand moeten gaan ('volumes goes with the trend'). Een controle van het volume in de periode 2009-2012 toont echter een duidelijke negatieve divergentie.

Grafiek 6

Een andere vaststelling is dat de graadmeter van de volatiliteit op de beurs opnieuw noteert rond een dieptepunt. Die indicator wordt gemeten aan de hand van de verhandelde opties op de beurs van Chicago. Bodems op de VIX-index vallen samen met toppen op de beursindex en omgekeerd.

De trend voorspellen op basis van golfbewegingen is een interessant hulpmiddel. U verhoogt de betrouwbaarheid van uw analyse door meerdere hulpmiddelen te gebruiken, want er zijn tegenstanders van de Elliott-golven die beweren dat het mogelijk is andere bodems en toppen te kiezen. Daartegenover staat dat de theorie ook veel aanhangers heeft. De voorspelling van de bullmarket en de crash van 1987 was knap. Bovendien mag het effect van de massapsychologie niet worden onderschat: de believers staan vandaag aan de verkoopzijde en er is niet veel nodig om het sentiment van de non-believers ook te doen veranderen.

Paul Gins

Zaakvoerder CompuGraphics nv

Uitgever TransStock en www.beursgrafiek.be