Bijgevolg bedroeg de nettowinst 1,136 miljard euro in de eerste negen maanden van het jaar, tegenover een nettoverlies van 2,77 miljard euro in de eerste negen maanden van 2009 (dat omvatte een aanzienlijk CDO-gerelateerd verlies in het eerste kwartaal van 2009).

Als de uitzonderlijke posten buiten beschouwing worden gelaten, bedroeg het 'onderliggende' nettoresultaat voor het kwartaal 445 miljoen euro, vergeleken met 554 miljoen euro in het tweede kwartaal van 2010 en 631 miljoen euro in het derde kwartaal van 2009.

Jan Vanhevel, Groeps-CEO: 'Een derde kwartaal wordt vaak beïnvloed door seizoenseffecten en daarmee rekening houdend zijn we tevreden met het resultaat. Onze kernstrategie, die zich concentreert op bankverzekeren in België en geselecteerde Centraal-Europese landen, leverde 445 miljoen euro op dankzij een combinatie van stabiele inkomsten en goed gecontroleerde exploitatiekosten en ondanks de hogere kredietkosten. Het belangrijkste uitzonderlijke element van het voorbije kwartaal was een waardestijging van de CDO-portefeuille. Alle uitzonderlijke elementen samen hadden een positieve invloed van 100 miljoen euro, wat heeft geleid tot een gerapporteerde winst voor het derde kwartaal van 545 miljoen euro.'

Over de CDO-portefeuille wou Vanhevel het volgende kwijt: "Het kwartaal werd ook gekenmerkt door een aantal eenmalige of uitzonderlijke elementen die niet behoren tot de gewone bedrijfsuitoefening en daarom niet zijn opgenomen in de onderliggende resultaten. Gezamenlijk hadden ze in het derde kwartaal 2010 een positieve invloed van 0,1 miljard euro. Naast enkele kleinere posten was het belangrijkste niet-operationele element in het derde kwartaal de stijging van de waarde van de CDO's in portefeuille met 0,2 miljard euro, hoofdzakelijk als gevolg van een vernauwing van de creditspreads tussen eind juni 2010 en eind september 2010."

Bijgevolg bedroeg de nettowinst 1,136 miljard euro in de eerste negen maanden van het jaar, tegenover een nettoverlies van 2,77 miljard euro in de eerste negen maanden van 2009 (dat omvatte een aanzienlijk CDO-gerelateerd verlies in het eerste kwartaal van 2009). Als de uitzonderlijke posten buiten beschouwing worden gelaten, bedroeg het 'onderliggende' nettoresultaat voor het kwartaal 445 miljoen euro, vergeleken met 554 miljoen euro in het tweede kwartaal van 2010 en 631 miljoen euro in het derde kwartaal van 2009. Jan Vanhevel, Groeps-CEO: 'Een derde kwartaal wordt vaak beïnvloed door seizoenseffecten en daarmee rekening houdend zijn we tevreden met het resultaat. Onze kernstrategie, die zich concentreert op bankverzekeren in België en geselecteerde Centraal-Europese landen, leverde 445 miljoen euro op dankzij een combinatie van stabiele inkomsten en goed gecontroleerde exploitatiekosten en ondanks de hogere kredietkosten. Het belangrijkste uitzonderlijke element van het voorbije kwartaal was een waardestijging van de CDO-portefeuille. Alle uitzonderlijke elementen samen hadden een positieve invloed van 100 miljoen euro, wat heeft geleid tot een gerapporteerde winst voor het derde kwartaal van 545 miljoen euro.' Over de CDO-portefeuille wou Vanhevel het volgende kwijt: "Het kwartaal werd ook gekenmerkt door een aantal eenmalige of uitzonderlijke elementen die niet behoren tot de gewone bedrijfsuitoefening en daarom niet zijn opgenomen in de onderliggende resultaten. Gezamenlijk hadden ze in het derde kwartaal 2010 een positieve invloed van 0,1 miljard euro. Naast enkele kleinere posten was het belangrijkste niet-operationele element in het derde kwartaal de stijging van de waarde van de CDO's in portefeuille met 0,2 miljard euro, hoofdzakelijk als gevolg van een vernauwing van de creditspreads tussen eind juni 2010 en eind september 2010."