De goudprijs is dit jaar gestegen met liefst dertig procent. Eerder deze maand werd voor het eerst de magische kaap van 2000 dollar per troy ounce goud gerond, of omgerekend ongeveer 56 euro per gram. Goud wordt traditioneel gezien als een veilige haven in tijden van crisis. Ook dit keer doet een combinatie van economische onzekerheid, politieke spanningen, niet-aflatende stromen aan vers geld, en een verzwakte dollar, beleggers teruggrijpen naar het edelmetaal.

De globalisering van de goudmijnbouw

De expansie van de goudmarkt is geen nieuw fenomeen. Sinds de ontmanteling van het Bretton Woods systeem (dat de goudprijs koppelde aan de dollar), de geleidelijke liberalisering van de goudmarkt, en de crisis van 2008-2009, is de globale goudvraag spectaculair gestegen. Naast toegenomen interesse vanwege beleggers, is ook de vraag vanuit China en India -twee landen met een diepgewortelde culturele affiniteit met goud- sterk gegroeid.

Is investeren in goud wel zo verantwoord?

Toenemende vraag en dito prijstoenames stimuleren ook de groei van de mijnbouwindustrie. Ondanks de aandacht voor gerecycleerd goud, bestaat het globale goudaanbod nog steeds voor driekwart uit nieuw gemijnd goud. Voor het grootste deel van de vorige eeuw werd de globale goudproductie gedomineerd door Zuid-Afrika. De laatste decennia zagen we echter de opkomst van nieuwe goudproducenten als China, Peru, en Indonesië. De globalisering van de mijnbouw heeft vooral in de kaart gespeeld van multinationale bedrijven als Newmont Goldcorp en Anglogold Ashanti, hoewel we de laatste jaren ook een toenemend belang zien van (met name Chinese) staatsbedrijven.

Naast de industriële mijnbouw hebben vele nieuwe mijnbouwlanden echter ook een sterke opmars gekend van artisanale goudmijnbouw: arbeidsintensieve mijnbouwactiviteiten, die veelal plaatsvinden zonder de nodige vergunningen. Dit is geen marginaal fenomeen. Afhankelijk van de schattingen zou de artisanale mijnbouw wereldwijd tot veertig miljoen mensen tewerkstellen, en zou ze verantwoordelijk zijn voor ongeveer een vijfde van de totale goudproductie.

Boom voor iedereen?

Op korte termijn was de goudmijnbouw geenszins immuun voor de gevolgen van de pandemie. Terwijl industriële mijnbouwprojecten wereldwijd werden stilgelegd, waren artisanale mijnbouwers in landen als Peru of de Filipijnen door overheidsmaatregelen niet meer in staat om de mijnen te bereiken, of om hun goud aan een eerlijke prijs te verkopen. Op middellange termijn zijn de uitzichten positiever, en zal een hogere goudprijs de winstmarges van mijnbouwers -industrieel én artisanaal- spectaculair doen stijgen.

Nog meer dan in andere sectoren dienen we bij goudmijnbouw echter ook rekening te houden met de sociale en ecologische gevolgen. De mijnbouwindustrie heeft reeds decennia te kampen met toenemende kritiek omwille van een lange reeks schandalen, gaande van de onteigening van lokale gemeenschappen in het amazonewoud, tot desastreuze dambreuken in Roemenië of de Filipijnen. En terwijl de artisanale goudmijnbouw een cruciale inkomstenbron is voor tientallen miljoenen mensen, heeft ook deze sector te kampen met grote uitdagingen. Denk alleen maar aan kwikvervuiling, of aan mensenrechtenschendingen als uitbuiting en kinderarbeid.

Verantwoord goud?

Onvermijdelijk stelt zich dan ook de vraag of investeren in goud wel zo verantwoord is, temeer omdat de praktische waarde van goud, afgezien van beperkt gebruik in de elektronica-industrie en de tandzorg, zeer beperkt is. Zowel op nationaal als op internationaal vlak zien we een toenemend aantal initiatieven die zich richten op het verduurzamen van de goudproductie en -handel. Zo treedt volgend jaar nieuwe EU-wetgeving invoegen omtrent de invoer van conflictmineralen. Daarnaast bestaat er ook een veelheid aan niet-bindende initiatieven, zoals Fairtrade goud of het convenant verantwoord goud dat de Nederlandse overheid afsloot met het bedrijfsleven en met middenveldorganisaties.

Vooralsnog blijft de impact van deze initiatieven echter beperkt. Goud heeft een zeer hoge waarde-volumeverhouding, en kan gemakkelijk versmolten (en dus gemengd) worden. Daarnaast is de controle op goudsmokkel, bv. via commerciële vluchten, zwak of zelfs onbestaand. Tot slot bestaat de goudketen, zeker in het geval van artisanaal gewonnen goud, uit een veelheid van vaak schimmige tussenpersonen. Dit alles zorgt ervoor dat de herkomst van goud extreem moeilijk te achterhalen is, en dat 'vuil goud' nog al te gemakkelijk haar weg vindt naar de globale markt.

De goudprijs is dit jaar gestegen met liefst dertig procent. Eerder deze maand werd voor het eerst de magische kaap van 2000 dollar per troy ounce goud gerond, of omgerekend ongeveer 56 euro per gram. Goud wordt traditioneel gezien als een veilige haven in tijden van crisis. Ook dit keer doet een combinatie van economische onzekerheid, politieke spanningen, niet-aflatende stromen aan vers geld, en een verzwakte dollar, beleggers teruggrijpen naar het edelmetaal. De expansie van de goudmarkt is geen nieuw fenomeen. Sinds de ontmanteling van het Bretton Woods systeem (dat de goudprijs koppelde aan de dollar), de geleidelijke liberalisering van de goudmarkt, en de crisis van 2008-2009, is de globale goudvraag spectaculair gestegen. Naast toegenomen interesse vanwege beleggers, is ook de vraag vanuit China en India -twee landen met een diepgewortelde culturele affiniteit met goud- sterk gegroeid.Toenemende vraag en dito prijstoenames stimuleren ook de groei van de mijnbouwindustrie. Ondanks de aandacht voor gerecycleerd goud, bestaat het globale goudaanbod nog steeds voor driekwart uit nieuw gemijnd goud. Voor het grootste deel van de vorige eeuw werd de globale goudproductie gedomineerd door Zuid-Afrika. De laatste decennia zagen we echter de opkomst van nieuwe goudproducenten als China, Peru, en Indonesië. De globalisering van de mijnbouw heeft vooral in de kaart gespeeld van multinationale bedrijven als Newmont Goldcorp en Anglogold Ashanti, hoewel we de laatste jaren ook een toenemend belang zien van (met name Chinese) staatsbedrijven.Naast de industriële mijnbouw hebben vele nieuwe mijnbouwlanden echter ook een sterke opmars gekend van artisanale goudmijnbouw: arbeidsintensieve mijnbouwactiviteiten, die veelal plaatsvinden zonder de nodige vergunningen. Dit is geen marginaal fenomeen. Afhankelijk van de schattingen zou de artisanale mijnbouw wereldwijd tot veertig miljoen mensen tewerkstellen, en zou ze verantwoordelijk zijn voor ongeveer een vijfde van de totale goudproductie. Op korte termijn was de goudmijnbouw geenszins immuun voor de gevolgen van de pandemie. Terwijl industriële mijnbouwprojecten wereldwijd werden stilgelegd, waren artisanale mijnbouwers in landen als Peru of de Filipijnen door overheidsmaatregelen niet meer in staat om de mijnen te bereiken, of om hun goud aan een eerlijke prijs te verkopen. Op middellange termijn zijn de uitzichten positiever, en zal een hogere goudprijs de winstmarges van mijnbouwers -industrieel én artisanaal- spectaculair doen stijgen.Nog meer dan in andere sectoren dienen we bij goudmijnbouw echter ook rekening te houden met de sociale en ecologische gevolgen. De mijnbouwindustrie heeft reeds decennia te kampen met toenemende kritiek omwille van een lange reeks schandalen, gaande van de onteigening van lokale gemeenschappen in het amazonewoud, tot desastreuze dambreuken in Roemenië of de Filipijnen. En terwijl de artisanale goudmijnbouw een cruciale inkomstenbron is voor tientallen miljoenen mensen, heeft ook deze sector te kampen met grote uitdagingen. Denk alleen maar aan kwikvervuiling, of aan mensenrechtenschendingen als uitbuiting en kinderarbeid. Onvermijdelijk stelt zich dan ook de vraag of investeren in goud wel zo verantwoord is, temeer omdat de praktische waarde van goud, afgezien van beperkt gebruik in de elektronica-industrie en de tandzorg, zeer beperkt is. Zowel op nationaal als op internationaal vlak zien we een toenemend aantal initiatieven die zich richten op het verduurzamen van de goudproductie en -handel. Zo treedt volgend jaar nieuwe EU-wetgeving invoegen omtrent de invoer van conflictmineralen. Daarnaast bestaat er ook een veelheid aan niet-bindende initiatieven, zoals Fairtrade goud of het convenant verantwoord goud dat de Nederlandse overheid afsloot met het bedrijfsleven en met middenveldorganisaties. Vooralsnog blijft de impact van deze initiatieven echter beperkt. Goud heeft een zeer hoge waarde-volumeverhouding, en kan gemakkelijk versmolten (en dus gemengd) worden. Daarnaast is de controle op goudsmokkel, bv. via commerciële vluchten, zwak of zelfs onbestaand. Tot slot bestaat de goudketen, zeker in het geval van artisanaal gewonnen goud, uit een veelheid van vaak schimmige tussenpersonen. Dit alles zorgt ervoor dat de herkomst van goud extreem moeilijk te achterhalen is, en dat 'vuil goud' nog al te gemakkelijk haar weg vindt naar de globale markt.