Reynderstaks of obligatietaks

De Reynderstaks is eigenlijk een roerende voorheffing van momenteel 27 procent die je betaalt op de meerwaarde van cashfondsen, obligatiefondsen en de meeste gemengde fondsen. Die taks betaal je pas op de meerwaarde (van het cash en obligatiegedeelte) als je het fonds verkoopt. Enkel de gemengde fondsen die voor meer dan 75 procent in aandelen beleggen, zijn nog volledig vrijgesteld van deze Reynderstaks, maar dat is een kleine minderheid.

In de praktijk komt het er dus meestal op neer dat de meerwaarde van gemengde fondsen bij verkoop gedeeltelijk belast wordt. Het speelt daarbij geen rol of het gaat om een kapitalisatiefonds of een distributiefonds. Bij distributiefondsen zal de meerwaarde meestal kleiner zijn, omdat een deel van de winst uitgekeerd werd via een dividend, waarop je natuurlijk ook 27 procent roerende voorheffing betaalt.

Binnenkort van 27 naar 30 procent

Vanaf 1 januari 2017 zal de roerende voorheffing en dus de Reynderstaks op de meerwaarde van obligatie- en de meeste gemengde fondsen stijgen van 27 naar 30 procent. Maar is het nu sowieso interessant om je obligatiefonds of gemengde fonds te verkopen, nu het nog kan tegen 27 procent?

Veel hangt natuurlijk af hoeveel die belaste meerwaarde bedraagt van je fonds, als je zou verkopen. Om zuiver fiscale redenen zouden we dat doorgaans niet doen. Want wie nu verkoopt, zal later terug moeten instappen in een fonds en instapkosten betalen (1 à 3%). Bij de verkoop van een kapitalisatiefonds betaal je bovendien nog eens 1,32 procent uitstaptaks op de waarde van het fonds.

Wanneer wel uitstappen?

Wie van plan was om uit een obligatie- of gemengde fonds te stappen of daaraan dacht, moet zeker overwegen om voor 1 januari te verkopen zolang de taks nog 27 procent is. Ga ook eens samen met je bankier na welke van deze fondsen het de laatste tijd minder goed deden of minder goede vooruitzichten hebben (stijgende rente), zodat je ze eventueel nog voor 1 januari kan verkopen.