Het onderliggende resultaat voor belastingen bedroeg Eur 455 mln (was minus Eur 849 mln vorig jaar) met de bank op Eur 184 mln (was Eur 664 mln) en verzekeringen Eur 272 mln (was minus Eur 1.513 mln).

Het nettoresultaat kwam uit op Eur 1.434 mln (was Eur 1.186 mln) en onderliggend Eur 373 mln (was minus Eur 785 mln), per aandeel netto Eur 0,38 (was Eur 0,31).

Voor het gehele jaar bedroeg de winst per aandeel Eur 1,08 (was Eur 1,52).

De rentemarge daalde naar 1,33% (was 1,34% derde kwartaal). De kosten/inkomstenratio bleef op een (te) hoog niveau voor de bank liggen op 75,7% (hele jaar 62,5%). De risicokosten bedroegen 84 basispunten in het kwartaal tegen 73 voor het jaar.

De Core Tier I ratio steeg naar 11,9% over het jaar (was 9,4%). Voor de verzekeringstak verbeterde de investment marge naar 132 basispunten (was 130 in het derde kwartaal).

Voor de bank is het onderliggende rendement 5,9% op het jaar (0,3% voor het kwartaal) en voor de verzekeraar 1,8% (5,1% voor het kwartaal). De resultaten ontwikkeling geeft de noodzaak weer voor aanvullende kostenbesparingen, grotendeels op personeel.

De versterkte balans biedt daarbij op lange termijn perspectief. De rating is volgens Theodoor Gilissen Bankiers daarom houden.

Het onderliggende resultaat voor belastingen bedroeg Eur 455 mln (was minus Eur 849 mln vorig jaar) met de bank op Eur 184 mln (was Eur 664 mln) en verzekeringen Eur 272 mln (was minus Eur 1.513 mln). Het nettoresultaat kwam uit op Eur 1.434 mln (was Eur 1.186 mln) en onderliggend Eur 373 mln (was minus Eur 785 mln), per aandeel netto Eur 0,38 (was Eur 0,31). Voor het gehele jaar bedroeg de winst per aandeel Eur 1,08 (was Eur 1,52). De rentemarge daalde naar 1,33% (was 1,34% derde kwartaal). De kosten/inkomstenratio bleef op een (te) hoog niveau voor de bank liggen op 75,7% (hele jaar 62,5%). De risicokosten bedroegen 84 basispunten in het kwartaal tegen 73 voor het jaar. De Core Tier I ratio steeg naar 11,9% over het jaar (was 9,4%). Voor de verzekeringstak verbeterde de investment marge naar 132 basispunten (was 130 in het derde kwartaal). Voor de bank is het onderliggende rendement 5,9% op het jaar (0,3% voor het kwartaal) en voor de verzekeraar 1,8% (5,1% voor het kwartaal). De resultaten ontwikkeling geeft de noodzaak weer voor aanvullende kostenbesparingen, grotendeels op personeel. De versterkte balans biedt daarbij op lange termijn perspectief. De rating is volgens Theodoor Gilissen Bankiers daarom houden.