Dat is grotendeels een erfenis van het bewind van François Mitterand in de jaren 80.

Onder het meer liberale bestuur van de presidenten Chirac en Sarkozy werden voorzichtige stapjes gezet om de arbeidsmarkt flexibeler te maken, maar deze stootten op sterke weerstand van de Franse vakbonden.

Uit een McKinseyrapport (French employment 2020) kwamen een aantal belangrijke aandachtspunten naar voren: ouderen moeten actiever geïntegreerd worden in de arbeidsmarkt, de arbeidsflexibiliteit moet verhogen (o.a. door een aanpassing - lees verlaging - van het minimumloon), de vaardigheden van jongeren moeten beter aangepast worden aan de marktomstandigheden, en de mismatch tussen vraag en aanbod moet worden aangepakt.

Zo meent McKinsey dat Frankrijk tegen 2020 meer dan 2 miljoen goed opgeleide werknemers tekort zal hebben, terwijl er weinig vraag zal zijn naar de vele laaggeschoolden.

Wat gaat Hollande doen?

Voorlopig is het nog onduidelijk hoe Hollande deze uitdagingen zal aanpakken. Positief is dat hij meer kapitaal naar innovatie wil kanaliseren, onder meer via de Europese investeringsbank.

Ook zijn voorstel om 60.000 nieuwe leerkrachten aan te werven is een stap in de goede richting, al valt nog te bezien in welk mate dat de begroting zal beïnvloeden.

Zijn voorstel om de lonen opnieuw aan een index te koppelen en om de minimumlonen te verhogen met 2% zijn echter ronduit

negatief voor de concurrentiekracht van de Franse bedrijven. De minimumlonen liggen nu al op 48% van het gemiddelde

Franse loon, het hoogste van Europa.

Het terugwinnen van concurrentiekracht wordt een werk van lange adem, en Hollande vermijdt dan ook best de vergissing van zijn vroegere 'kopman' François Mitterand.

Deze kampte met gelijkaardige financiële en economische problemen toen hij president werd in de vroege jaren 80. Het beleid van Mitterand toen vertoont sterke gelijkenissen met het programma van Hollande, die in die tijd actief was als economisch adviseur van de Franse president.

De resultaten van het beleid van Mitterand I waren echter rampzalig en het beleid werd in 1983-84 volledig omgekeerd en meer op 'Duitse leest' geschoeid.

Dat is grotendeels een erfenis van het bewind van François Mitterand in de jaren 80. Onder het meer liberale bestuur van de presidenten Chirac en Sarkozy werden voorzichtige stapjes gezet om de arbeidsmarkt flexibeler te maken, maar deze stootten op sterke weerstand van de Franse vakbonden. Uit een McKinseyrapport (French employment 2020) kwamen een aantal belangrijke aandachtspunten naar voren: ouderen moeten actiever geïntegreerd worden in de arbeidsmarkt, de arbeidsflexibiliteit moet verhogen (o.a. door een aanpassing - lees verlaging - van het minimumloon), de vaardigheden van jongeren moeten beter aangepast worden aan de marktomstandigheden, en de mismatch tussen vraag en aanbod moet worden aangepakt. Zo meent McKinsey dat Frankrijk tegen 2020 meer dan 2 miljoen goed opgeleide werknemers tekort zal hebben, terwijl er weinig vraag zal zijn naar de vele laaggeschoolden. Wat gaat Hollande doen? Voorlopig is het nog onduidelijk hoe Hollande deze uitdagingen zal aanpakken. Positief is dat hij meer kapitaal naar innovatie wil kanaliseren, onder meer via de Europese investeringsbank. Ook zijn voorstel om 60.000 nieuwe leerkrachten aan te werven is een stap in de goede richting, al valt nog te bezien in welk mate dat de begroting zal beïnvloeden. Zijn voorstel om de lonen opnieuw aan een index te koppelen en om de minimumlonen te verhogen met 2% zijn echter ronduit negatief voor de concurrentiekracht van de Franse bedrijven. De minimumlonen liggen nu al op 48% van het gemiddelde Franse loon, het hoogste van Europa. Het terugwinnen van concurrentiekracht wordt een werk van lange adem, en Hollande vermijdt dan ook best de vergissing van zijn vroegere 'kopman' François Mitterand. Deze kampte met gelijkaardige financiële en economische problemen toen hij president werd in de vroege jaren 80. Het beleid van Mitterand toen vertoont sterke gelijkenissen met het programma van Hollande, die in die tijd actief was als economisch adviseur van de Franse president. De resultaten van het beleid van Mitterand I waren echter rampzalig en het beleid werd in 1983-84 volledig omgekeerd en meer op 'Duitse leest' geschoeid.