We worden dezer dagen overspoeld met rapporten en studies die de Amerikaanse munt de hemel in prijzen. De Amerikaanse dollar is 'hot'. We geven maar één voorbeeld, dat de teneur van het overgrote deel van het gepubliceerde materiaal omtrent de 'greenback' weergeeft: 'de dollar blijft nog lange tijd sterk' volgens Jim Leaviss, manager van het M&G Global Macro Bond Fund. Hij heeft in zijn fonds dan ook een sterk overwogen positie in de Amerikaanse dollar.

Twee cruciale argumenten vinden we in die analyses haast altijd terug. Vooreerst de relatieve sterkte van de Amerikaanse economie tegenover de rest van de wereld. Zeker ten opzichte van de eurozone en Japan, maar ook ten opzichte van de groeivertraging in de opkomende landen. Dan is een groeiprognose van 3 à 4% voor de Amerikaanse economie natuurlijk een ondersteunend gegeven.

Daarnaast is er het gedrag van de centrale banken. De Federal Reserve heeft nog maar net een einde gesteld aan de kwantitatieve verruiming van de jongste jaren, de fameuze QE. Dit op een moment dat de Bank of Japan een verruiming van de monetaire expansie aankondigt en de Europese Centrale Bank (ECB) een miniversie van de kwantitatieve versoepeling uitvoert en volgens heel wat experts volgend jaar nog verder zal gaan. Dat contrast pleit duidelijk in het voordeel van de Amerikaanse munt in verhouding tot de Japanse yen (JPY) en de euro (EUR).

Trek de trend niet door

Die elementen verklaren waarom we in een half jaar tijd niet langer 1,40 USD, maar nog maar 1,25 USD nodig hebben voor 1 EUR, en we nu 114 JPY en niet langer 102 JPY zoals deze zomer betalen voor 1 USD. De ervaring leert dat we wel erg voorzichtig moeten blijven om daar meteen een lange termijntendens van te maken. Dat de dollar nu voor jàààaren goed zit, gaat u ons niet horen zeggen. We zouden onze beleggingsportefeuille dan ook nu niet meer drastisch gaan heroriënteren voor langere termijn richting de Amerikaanse dollar.

De realiteit van de valutamarkten laat zich immers zelden voor lange termijn voorspellen. Maar voor de tijd dat het duurt, is het voor een Europese belegger mooi meegenomen. Europese exportbedrijven krijgen een concurrentieel voordeel en kunnen zo de zwakke binnenlandse Europese vraag voor een stuk compenseren. En wie Amerikaanse waarden in portefeuille heeft, krijgt de wisselkoerswinst er (gratis) bij. Al leert de geschiedenis wel dat Wall Street het minder goed doet als de dollar sterk is, want de winstgroei van de Amerikaanse multinationals komt dan onder druk. Voorlopig is van dat minder presteren nog niks te merken, wel integendeel. Maar het kan wel een hint zijn richting volgend jaar. (DR)

We worden dezer dagen overspoeld met rapporten en studies die de Amerikaanse munt de hemel in prijzen. De Amerikaanse dollar is 'hot'. We geven maar één voorbeeld, dat de teneur van het overgrote deel van het gepubliceerde materiaal omtrent de 'greenback' weergeeft: 'de dollar blijft nog lange tijd sterk' volgens Jim Leaviss, manager van het M&G Global Macro Bond Fund. Hij heeft in zijn fonds dan ook een sterk overwogen positie in de Amerikaanse dollar. Twee cruciale argumenten vinden we in die analyses haast altijd terug. Vooreerst de relatieve sterkte van de Amerikaanse economie tegenover de rest van de wereld. Zeker ten opzichte van de eurozone en Japan, maar ook ten opzichte van de groeivertraging in de opkomende landen. Dan is een groeiprognose van 3 à 4% voor de Amerikaanse economie natuurlijk een ondersteunend gegeven. Daarnaast is er het gedrag van de centrale banken. De Federal Reserve heeft nog maar net een einde gesteld aan de kwantitatieve verruiming van de jongste jaren, de fameuze QE. Dit op een moment dat de Bank of Japan een verruiming van de monetaire expansie aankondigt en de Europese Centrale Bank (ECB) een miniversie van de kwantitatieve versoepeling uitvoert en volgens heel wat experts volgend jaar nog verder zal gaan. Dat contrast pleit duidelijk in het voordeel van de Amerikaanse munt in verhouding tot de Japanse yen (JPY) en de euro (EUR). Die elementen verklaren waarom we in een half jaar tijd niet langer 1,40 USD, maar nog maar 1,25 USD nodig hebben voor 1 EUR, en we nu 114 JPY en niet langer 102 JPY zoals deze zomer betalen voor 1 USD. De ervaring leert dat we wel erg voorzichtig moeten blijven om daar meteen een lange termijntendens van te maken. Dat de dollar nu voor jàààaren goed zit, gaat u ons niet horen zeggen. We zouden onze beleggingsportefeuille dan ook nu niet meer drastisch gaan heroriënteren voor langere termijn richting de Amerikaanse dollar. De realiteit van de valutamarkten laat zich immers zelden voor lange termijn voorspellen. Maar voor de tijd dat het duurt, is het voor een Europese belegger mooi meegenomen. Europese exportbedrijven krijgen een concurrentieel voordeel en kunnen zo de zwakke binnenlandse Europese vraag voor een stuk compenseren. En wie Amerikaanse waarden in portefeuille heeft, krijgt de wisselkoerswinst er (gratis) bij. Al leert de geschiedenis wel dat Wall Street het minder goed doet als de dollar sterk is, want de winstgroei van de Amerikaanse multinationals komt dan onder druk. Voorlopig is van dat minder presteren nog niks te merken, wel integendeel. Maar het kan wel een hint zijn richting volgend jaar. (DR)