Nog maar een jaar geleden was het modewoord van economen 'gesynchroniseerde groei'. Daarmee duidden ze het gezamenlijke groeien van alle belangrijke economieën in de wereld aan. Dat fenomeen hadden we al enige tijd niet meer gekend. Begin dit jaar was er zelfs hoop dat we vertrokken waren voor een langere periode van gematigde wereldwijde groei.

Maar vandaag is dat toch wel bijgesteld, op een negatieve manier. Het momentum voor de verschillende economieën is toch weer ongelijk geëvolueerd. Terwijl de Amerikaanse economie - deels door de drastische daling van de vennootschapsbelasting die president Donald Trump in gang heeft gezet - stevig is blijven doorgroeien, zien we alle andere belangrijke economieën een steeds duidelijkere vertraging. Een aantal groeilanden is zelfs in nauwe schoentjes terecht gekomen.

Het is niet het moment om op koopjesjacht te gaan, integendeel.

De economische tekenen richting 2019 evolueren ongunstig. De prestatie van de conjunctuurgevoelige aandelen tijdens de afgelopen weken en maanden suggereren een forsere groeivertraging dan macro-economen voorlopig hadden verwacht. De gevolgen daarvan kunnen sterker zijn dan gemiddeld bij vorige groeivertragingen, en wel om twee redenen.

Vooreerst omdat centrale banken minder munitie hebben dan gebruikelijk. Enkel de Amerikaanse centrale bank is er de jongste jaren in geslaagd de rente te verhogen, maar ze heeft maar half zoveel ruimte om de rente te verlagen dan gemiddeld voorheen. De Europese en Japanse centrale bank hebben géén ruimte tot renteverlaging. De centrale banken zouden weer meer kunnen gebruikmaken van het wapen van de kwantitatieve versoepeling (QE), maar de vraag is of dat nog evenveel effect heeft als voorheen. Bovendien zijn de balansen van de centrale banken al enorm opgeblazen.

Daarnaast ligt ook de munitie van de overheden ver onder het historische gemiddelde. Ze hebben flink wat extra schulden aangegaan om de financiële crisis van tien jaar geleden te bezweren en zijn er sindsdien, op enkele uitzonderingen na, niet of nauwelijks in geslaagd hun schulden weer af te bouwen. Fiscale stimuli en extra overheidsinvesteringen blijven mogelijk, maar Italië bewijst dat dit snel kan botsen op paniekreacties vanuit de financiële markten.

Opgeruimd staat netjes

Dat heeft gevolgen voor de beleggingsstrategie. Dit jaar zagen we al teleurstellende beursprestaties in Europa en Azië, deels onder invloed van de vertragende economie. Als de Amerikaanse economie eveneens tekenen van vertraging gaat tonen, wordt ook op Wall Street een forsere correctie volgens ons onvermijdelijk. Het kan zelfs de sterkste terugval van het decennium worden, waarbij de afgelopen jaren ook naar boven gecatapulteerde techgiganten in de klappen delen.

De strategie voor de voorbeeldportefeuille is dan ook niet op koopjesjacht te gaan, maar van herstelbewegingen gebruik te maken om aandelenposities verder af te bouwen. Naar de oorlog ga je met de sterkste soldaten, en niet met de zwakste troepen. Vandaar dat we de aandelen die onlangs al serieuze tekenen van zwakte hadden getoond, als eerste afbouwen.