De zoektocht naar een veilige haven dreef investeerders massaal naar goud en overheidsobligaties. Nu beleggers opnieuw bereid zijn om risico's te nemen, slaagt goud er toch in om goed stand te houden. We zien een aantal belangrijke redenen waarom het neerwaartse potentieel van goud erg beperkt is en de prijs van het metaal de komende jaren nog een flink stuk hoger kan.

Centrale banken zaaien inflatie
Om na de financiële crisis uit het economische moeras te geraken, grijpen vrijwel alle centrale banken ter wereld naar dezelfde recepten, die op termijn onvermijdelijk inflatoire gevolgen zullen hebben. In normale omstandigheden kan er pas sprake zijn van inflatie indien de economie oververhit geraakt en het aanbod de vraag niet meer kan volgen. Door een politiek van goedkoop geld (kunstmatig lage interestvoeten) en het monetiseren van schulden (opkopen van overheidsobligaties door centrale banken) wordt een ander soort inflatie gecreëerd. Inflatie is voor alles een monetair fenomeen dat ontstaat als gevolg van een stijgende geldhoeveelheid. Die sijpelt maar met vertraging door naar de reële economie, onder de vorm van hogere consumentenprijzen. Eens het zover is, zal goud zijn traditionele rol als ultieme koopkrachtbeschermer opnieuw volop kunnen spelen.

De factor China
Enkele maanden geleden liet China weten de voorbije jaren 454 ton goud te hebben gekocht. Tot voor kort werd aangenomen dat de Chinezen maar 600 ton goud in bezit hadden. Door de handelsoverschotten met het buitenland heeft China internationale reserves ter waarde van 1,95 biljoen of 1950 miljard USD opgebouwd. Een aanzienlijk deel daarvan is belegd in Amerikaanse overheidsobligaties. Ook China ziet de bui van inflatie en muntontwaarding hangen en wil een deel van zijn reserves diversifiëren. Reële activa zoals goud en andere grondstoffen zijn daarvoor uitstekend geschikt. Om de financiële markten niet nog verder te ontregelen, kan China bij die diversificatie niet te bruusk tewerk gaan. De Chinese centrale bank liet wel al verstaan dat de goudpositie nog verder zal worden opgebouwd.

Vraag en aanbodAan de aanbodzijde is China sinds 2007 de grootste goudproducent ter wereld, met een productie van 295 ton in 2008. Zuid-Afrika, decennialang het nummer 1, is teruggevallen naar de tweede plaats. Afgezien van China vertoont de wereldwijde goudproductie een dalende trend. In 2008 daalde het aanbod opnieuw met 3% naar het laagste niveau sinds 1996. De totale vraag (juwelen, industrie en investeerders) ligt al meer dan 20 jaar zo'n 1000 ton hoger dan het aanbod uit de mijnproductie. Dat verschil werd tot nog toe gecompenseerd door recyclage van gebruikt goud en verkopen door de centrale banken. Het aanbod van die laatste is de voorbije jaren fors afgenomen. Meer en meer landen (onder andere Argentinië en Rusland) volgen het voorbeeld van China en kopen zelfs goud bij.

Hoge investeringsvraagSteeds meer investeerders, zowel institutionele als particuliere, hebben goud als alternatieve belegging ontdekt. Dat heeft te maken met de zoektocht naar een veilige haven om zich te beschermen tegen inflatie en het systeemrisico. Ook nu de situatie op de financiële markten wat gestabiliseerd lijkt, gaat de aankoop van goud onverminderd voort. De opkomst van trackers of ETF's die een investering in goud vergemakkelijken, speelt daarin ook een belangrijke rol. Tijdens de eerste drie maanden van dit jaar kochten de verschillende ETF's gezamenlijk 465,1 ton goud. Dat is ruim zes keer zoveel als in dezelfde periode een jaar eerder. De grootste tracker, de SPDR Gold Shares (ticker GLD op de NYSE) had op 1 juni maar liefst 1134 ton goud onder beheer. Dat is het equivalent van ongeveer zes maanden mijnproductie.

Inspelen op een hogere goudprijs
Naast de vernoemde trackers is een fysieke aankoop de meest 'pure' vorm om in goud te beleggen. Dat kan zowel onder de vorm van munten (Krugerrand, Maple Leaf, Napoleon ...) als van gouden staven met een gewicht van 100 gram tot 1 kilogram. Bij een fysieke aankoop hebt u het goud effectief in bezit en hoeft u zich geen zorgen te maken over een tegenpartijrisico. Goudmijnaandelen zijn een categorie apart. Het zijn in de eerste plaats aandelen van bedrijven die een operationeel en financieel risico lopen. Veelbelovende projecten kunnen door een gebrek aan financiering of het niet verkrijgen van de nodige vergunningen op een sisser aflopen. Daarnaast zijn er de technische risico's en bij producenten die geografisch niet gediversifieerd zijn, bestaat er ook een valutarisico. Die elementen maken dat goudmijnaandelen niet altijd in dezelfde richting evolueren als de goudprijs zelf. Over afgeleide producten als warrants, opties, turbo's, speeders, minifutures en andere kunnen we kort zijn. Die zijn enkel weggelegd voor gevorderde beleggers die de werking van die producten voor de volle 100% begrijpen en er dus ook de risico's van kennen. Behoort u niet tot die groep - wat overigens niets is om u over te schamen - laat die producten dan links liggen. Het kan u heel wat frustraties en pijnlijke verliezen besparen.

Koen Lauwers

De zoektocht naar een veilige haven dreef investeerders massaal naar goud en overheidsobligaties. Nu beleggers opnieuw bereid zijn om risico's te nemen, slaagt goud er toch in om goed stand te houden. We zien een aantal belangrijke redenen waarom het neerwaartse potentieel van goud erg beperkt is en de prijs van het metaal de komende jaren nog een flink stuk hoger kan.Centrale banken zaaien inflatie Om na de financiële crisis uit het economische moeras te geraken, grijpen vrijwel alle centrale banken ter wereld naar dezelfde recepten, die op termijn onvermijdelijk inflatoire gevolgen zullen hebben. In normale omstandigheden kan er pas sprake zijn van inflatie indien de economie oververhit geraakt en het aanbod de vraag niet meer kan volgen. Door een politiek van goedkoop geld (kunstmatig lage interestvoeten) en het monetiseren van schulden (opkopen van overheidsobligaties door centrale banken) wordt een ander soort inflatie gecreëerd. Inflatie is voor alles een monetair fenomeen dat ontstaat als gevolg van een stijgende geldhoeveelheid. Die sijpelt maar met vertraging door naar de reële economie, onder de vorm van hogere consumentenprijzen. Eens het zover is, zal goud zijn traditionele rol als ultieme koopkrachtbeschermer opnieuw volop kunnen spelen. De factor China Enkele maanden geleden liet China weten de voorbije jaren 454 ton goud te hebben gekocht. Tot voor kort werd aangenomen dat de Chinezen maar 600 ton goud in bezit hadden. Door de handelsoverschotten met het buitenland heeft China internationale reserves ter waarde van 1,95 biljoen of 1950 miljard USD opgebouwd. Een aanzienlijk deel daarvan is belegd in Amerikaanse overheidsobligaties. Ook China ziet de bui van inflatie en muntontwaarding hangen en wil een deel van zijn reserves diversifiëren. Reële activa zoals goud en andere grondstoffen zijn daarvoor uitstekend geschikt. Om de financiële markten niet nog verder te ontregelen, kan China bij die diversificatie niet te bruusk tewerk gaan. De Chinese centrale bank liet wel al verstaan dat de goudpositie nog verder zal worden opgebouwd.Vraag en aanbodAan de aanbodzijde is China sinds 2007 de grootste goudproducent ter wereld, met een productie van 295 ton in 2008. Zuid-Afrika, decennialang het nummer 1, is teruggevallen naar de tweede plaats. Afgezien van China vertoont de wereldwijde goudproductie een dalende trend. In 2008 daalde het aanbod opnieuw met 3% naar het laagste niveau sinds 1996. De totale vraag (juwelen, industrie en investeerders) ligt al meer dan 20 jaar zo'n 1000 ton hoger dan het aanbod uit de mijnproductie. Dat verschil werd tot nog toe gecompenseerd door recyclage van gebruikt goud en verkopen door de centrale banken. Het aanbod van die laatste is de voorbije jaren fors afgenomen. Meer en meer landen (onder andere Argentinië en Rusland) volgen het voorbeeld van China en kopen zelfs goud bij.Hoge investeringsvraagSteeds meer investeerders, zowel institutionele als particuliere, hebben goud als alternatieve belegging ontdekt. Dat heeft te maken met de zoektocht naar een veilige haven om zich te beschermen tegen inflatie en het systeemrisico. Ook nu de situatie op de financiële markten wat gestabiliseerd lijkt, gaat de aankoop van goud onverminderd voort. De opkomst van trackers of ETF's die een investering in goud vergemakkelijken, speelt daarin ook een belangrijke rol. Tijdens de eerste drie maanden van dit jaar kochten de verschillende ETF's gezamenlijk 465,1 ton goud. Dat is ruim zes keer zoveel als in dezelfde periode een jaar eerder. De grootste tracker, de SPDR Gold Shares (ticker GLD op de NYSE) had op 1 juni maar liefst 1134 ton goud onder beheer. Dat is het equivalent van ongeveer zes maanden mijnproductie. Inspelen op een hogere goudprijs Naast de vernoemde trackers is een fysieke aankoop de meest 'pure' vorm om in goud te beleggen. Dat kan zowel onder de vorm van munten (Krugerrand, Maple Leaf, Napoleon ...) als van gouden staven met een gewicht van 100 gram tot 1 kilogram. Bij een fysieke aankoop hebt u het goud effectief in bezit en hoeft u zich geen zorgen te maken over een tegenpartijrisico. Goudmijnaandelen zijn een categorie apart. Het zijn in de eerste plaats aandelen van bedrijven die een operationeel en financieel risico lopen. Veelbelovende projecten kunnen door een gebrek aan financiering of het niet verkrijgen van de nodige vergunningen op een sisser aflopen. Daarnaast zijn er de technische risico's en bij producenten die geografisch niet gediversifieerd zijn, bestaat er ook een valutarisico. Die elementen maken dat goudmijnaandelen niet altijd in dezelfde richting evolueren als de goudprijs zelf. Over afgeleide producten als warrants, opties, turbo's, speeders, minifutures en andere kunnen we kort zijn. Die zijn enkel weggelegd voor gevorderde beleggers die de werking van die producten voor de volle 100% begrijpen en er dus ook de risico's van kennen. Behoort u niet tot die groep - wat overigens niets is om u over te schamen - laat die producten dan links liggen. Het kan u heel wat frustraties en pijnlijke verliezen besparen.Koen Lauwers