Dat bleek eens te meer tijdens de maandagsessie, toen de koersen als jo-jo's heen en weer dansten. Vandaag wordt de index van de aankoopmanagers in de dienstensector bekendgemaakt, maar de aandacht van de beleggers gaat op de eerste plaats natuurlijk uit naar de Europese begrotingscrisis.

Gevaar voor deflatie wordt groter door gebruik kwantitatieve middelen

Centrale banken gebruiken tegenwoordig liever kwantitatieve middelen (zoals 'Quantitative Easing' in de Verenigde Staten en de 'Long term refinancing operation' - LTRO - in Europa om in te grijpen in de markt dan aanpassingen in de kortetermijnrente.

Dat heeft verregaande consequenties voor groeiverwachtingen, de houding ten aanzien van kredietrisico en vooral het gedrag van beleggers.

De cultuur van risico's nemen met krediet verandert volgens Luke Spajic van PIMCO nu de rente zo dicht bij de nul ligt. Bij de centrale banken groeit de angst voor kredietvernietiging vanwege het voortdurende gevaar van deflatie.

Het gevaar van deflatie wordt groter als er vervolgens een tendens ontstaat om minder risico te nemen, de kasgelden toenemen en er een houding groeit van afwachten.

Dat bleek eens te meer tijdens de maandagsessie, toen de koersen als jo-jo's heen en weer dansten. Vandaag wordt de index van de aankoopmanagers in de dienstensector bekendgemaakt, maar de aandacht van de beleggers gaat op de eerste plaats natuurlijk uit naar de Europese begrotingscrisis. Gevaar voor deflatie wordt groter door gebruik kwantitatieve middelen Centrale banken gebruiken tegenwoordig liever kwantitatieve middelen (zoals 'Quantitative Easing' in de Verenigde Staten en de 'Long term refinancing operation' - LTRO - in Europa om in te grijpen in de markt dan aanpassingen in de kortetermijnrente. Dat heeft verregaande consequenties voor groeiverwachtingen, de houding ten aanzien van kredietrisico en vooral het gedrag van beleggers. De cultuur van risico's nemen met krediet verandert volgens Luke Spajic van PIMCO nu de rente zo dicht bij de nul ligt. Bij de centrale banken groeit de angst voor kredietvernietiging vanwege het voortdurende gevaar van deflatie. Het gevaar van deflatie wordt groter als er vervolgens een tendens ontstaat om minder risico te nemen, de kasgelden toenemen en er een houding groeit van afwachten.