De beleggers gaan zich focussen op de Amerikaanse werkloosheidscijfers, maar uiteraard is de Europese begrotingscrisis nooit ver weg.

Spanje staat in het centrum van de belangstelling, maar we mogen uiteraard Griekenland niet vergeten.

Veel onzekerheid rond Griekenland de afgelopen dagen, en een grotere kans op het uittreden van Griekenland uit de eurozone. Maar wie zou daar voordeel bij hebben? De Grieken zelf in ieder geval niet, want de schulden luiden in euro's en het land zal moeilijk toegang tot de kapitaalmarkten krijgen.

Omdat Griekenland nog een begrotingstekort heeft betekent dit nog grotere financieringsproblemen. Een lagere valutakoers zal de concurrentiepositie pas op langere termijn verbeteren en de vraag is ook welke landen zaken zullen willen blijven doen met een land waar ze schuldeiser van zijn.

Zijn problemen voor Europese landen kleiner dan een jaar geleden?

Voor de Europese landen leken de problemen misschien kleiner dan een jaar geleden omdat de banken nu veel kleinere posities in Griekse leningen hebben.

Inmiddels zijn daar echter andere afhankelijkheden voor teruggekomen. De ECB, het IMF en de Europese Unie hebben voor €194 mrd (73%) aan Griekse schulden in handen.

Daarnaast is de liquiditeitsverstrekking van de ECB niet geheel zonder risico's. De ECB verdeelt de liquiditeiten door middel van het zogenoemde Target 2 systeem, dat staat voor transeuropan automated Real-time gross settlement system, het betalingssysteem tussen de 17 centrale banken van Europa.

Eind 2011 was € 100 mrd uitgeleend aan Griekse instellingen. Dit hoeft geen probleem te zijn indien Griekenland in de eurozone blijft. Maar als een land de eurozone zou verlaten zou op deze bedragen afgeschreven moeten worden.

Daarom blijft Griekenland volgens Theodoor Gilissen Bankiers de markten ook nu nog overheersen en is een snelle oplossing helaas nog steeds niet voorhanden.

De beleggers gaan zich focussen op de Amerikaanse werkloosheidscijfers, maar uiteraard is de Europese begrotingscrisis nooit ver weg. Spanje staat in het centrum van de belangstelling, maar we mogen uiteraard Griekenland niet vergeten. Veel onzekerheid rond Griekenland de afgelopen dagen, en een grotere kans op het uittreden van Griekenland uit de eurozone. Maar wie zou daar voordeel bij hebben? De Grieken zelf in ieder geval niet, want de schulden luiden in euro's en het land zal moeilijk toegang tot de kapitaalmarkten krijgen. Omdat Griekenland nog een begrotingstekort heeft betekent dit nog grotere financieringsproblemen. Een lagere valutakoers zal de concurrentiepositie pas op langere termijn verbeteren en de vraag is ook welke landen zaken zullen willen blijven doen met een land waar ze schuldeiser van zijn.Zijn problemen voor Europese landen kleiner dan een jaar geleden? Voor de Europese landen leken de problemen misschien kleiner dan een jaar geleden omdat de banken nu veel kleinere posities in Griekse leningen hebben. Inmiddels zijn daar echter andere afhankelijkheden voor teruggekomen. De ECB, het IMF en de Europese Unie hebben voor €194 mrd (73%) aan Griekse schulden in handen. Daarnaast is de liquiditeitsverstrekking van de ECB niet geheel zonder risico's. De ECB verdeelt de liquiditeiten door middel van het zogenoemde Target 2 systeem, dat staat voor transeuropan automated Real-time gross settlement system, het betalingssysteem tussen de 17 centrale banken van Europa. Eind 2011 was € 100 mrd uitgeleend aan Griekse instellingen. Dit hoeft geen probleem te zijn indien Griekenland in de eurozone blijft. Maar als een land de eurozone zou verlaten zou op deze bedragen afgeschreven moeten worden. Daarom blijft Griekenland volgens Theodoor Gilissen Bankiers de markten ook nu nog overheersen en is een snelle oplossing helaas nog steeds niet voorhanden.