Deze evolutie weerspiegelt de door IFRS verplicht te boeken waardeverminderingen op de deelnemingen in Pernod Ricard en Iberdrola die in het eerste kwartaal van 2009 werden vastgesteld (EUR -235 miljoen).

Die werden berekend op basis van de koersen per 31 maart 2009. Een deel van die waardeverminderingen zou op 30 juni 2009, op basis van de beurskoersen van dezelfde datum, niet meer verantwoord zijn.

De holding wijst er ook op dat die waardeverminderingen geen invloed hebben op de cash van de vennootschap noch op het aangepast netto-actief van GBL.

Daarenboven gaat de bijdrage van de vennootschappen waarop vermogensmutatie wordt toegepast achteruit van EUR 189 miljoen op 30 juni 2008 tot EUR 76 miljoen eind juni 2009.

De cash earnings bedragen EUR 371 miljoen tegen EUR 510 miljoen over dezelfde periode van 2008. Die schommeling is voornamelijk toe te schrijven aan de vermindering van de liquide middelen ten gevolge van de sinds 2008 gedane investeringen.

Bovendien zijn tijdens de beschouwde periode de rentevoeten aanzienlijk gedaald. GBL ondervond ook de weerslag van lagere dividenden, voornamelijk vanwege Lafarge en Imerys.

Het leeuwenaandeel van de nettodividenden van de deelnemingen, die de cash earnings van GBL vormen, wordt in het eerste halfjaar geïnd.

Voor de rest van het jaar hoopt GBL nog interimdividenden, in hoofdzaak vanwege Total en GDF SUEZ, te ontvangen, die door de bevoegde organen nog moeten worden goedgekeurd.

Het geconsolideerd resultaat is, onder meer wegens de toepassing van de IFRS in een wisselend beursklimaat, sterk aan volatiliteit onderhevig.

Uiteraard wordt het ook beïnvloed door de evolutie van de bijdragen van de geassocieerde ondernemingen (Lafarge, Imerys en ECP) die zelf gebukt gaan onder de wisselvalligheden van een moeilijke economische conjunctuur.

Het aangepast netto-actief van GBL per 30 juni 2009 bedroeg EUR 76,22 per aandeel, hetgeen, na het afknippen van de coupon per aandeel van EUR 2,30, de waarde per 31 december 2008, hetzij EUR 79,39 dicht benadert.

Deze evolutie weerspiegelt de door IFRS verplicht te boeken waardeverminderingen op de deelnemingen in Pernod Ricard en Iberdrola die in het eerste kwartaal van 2009 werden vastgesteld (EUR -235 miljoen). Die werden berekend op basis van de koersen per 31 maart 2009. Een deel van die waardeverminderingen zou op 30 juni 2009, op basis van de beurskoersen van dezelfde datum, niet meer verantwoord zijn. De holding wijst er ook op dat die waardeverminderingen geen invloed hebben op de cash van de vennootschap noch op het aangepast netto-actief van GBL. Daarenboven gaat de bijdrage van de vennootschappen waarop vermogensmutatie wordt toegepast achteruit van EUR 189 miljoen op 30 juni 2008 tot EUR 76 miljoen eind juni 2009.De cash earnings bedragen EUR 371 miljoen tegen EUR 510 miljoen over dezelfde periode van 2008. Die schommeling is voornamelijk toe te schrijven aan de vermindering van de liquide middelen ten gevolge van de sinds 2008 gedane investeringen.Bovendien zijn tijdens de beschouwde periode de rentevoeten aanzienlijk gedaald. GBL ondervond ook de weerslag van lagere dividenden, voornamelijk vanwege Lafarge en Imerys.Het leeuwenaandeel van de nettodividenden van de deelnemingen, die de cash earnings van GBL vormen, wordt in het eerste halfjaar geïnd. Voor de rest van het jaar hoopt GBL nog interimdividenden, in hoofdzaak vanwege Total en GDF SUEZ, te ontvangen, die door de bevoegde organen nog moeten worden goedgekeurd.Het geconsolideerd resultaat is, onder meer wegens de toepassing van de IFRS in een wisselend beursklimaat, sterk aan volatiliteit onderhevig. Uiteraard wordt het ook beïnvloed door de evolutie van de bijdragen van de geassocieerde ondernemingen (Lafarge, Imerys en ECP) die zelf gebukt gaan onder de wisselvalligheden van een moeilijke economische conjunctuur.Het aangepast netto-actief van GBL per 30 juni 2009 bedroeg EUR 76,22 per aandeel, hetgeen, na het afknippen van de coupon per aandeel van EUR 2,30, de waarde per 31 december 2008, hetzij EUR 79,39 dicht benadert.