Frédéric Buzaré (Dexia AM): "Hoewel de economische terugval verschilt van die van 2004, reageren de aandelen op dezelfde manier. Tot nu toe leek de situatie in 2010 trouwens sprekend op die van 2004. Het enige verschil was de hogere volatiliteit. De aantrekkelijke waarderingen kunnen wellicht verklaren waarom de aandelenmarkten zo goed stand blijven houden, ook al ligt de groei heel wat lager en is er sprake van een onevenwichtige economische heropleving."

Verwarrend en storend is wel dat beleggers op geregelde tijdstippen van het ene uiterste naar het andere overhellen. Ze gaan ofwel voluit voor risicoappetijt, ofwel voluit voor risicoaversie, en niemand in de markt lijkt op dat ogenblik voor enig tegengewicht te kunnen zorgen.

Buzaré: "Betekent dit dat de aandelenmarkten minder intelligent of vooruitziend zijn dan de obligatiemarkten? In de huidige onzekere omstandigheden lijkt één ding vast te staan: veel grote beleggers wachten op een sterker signaal van de FED vooraleer ze opnieuw geld stoppen in aandelenbeleggingen. Waarom zouden ze nu kopen of risicovolle beleggingen verkopen als ze verwachten dat de FED binnen afzienbare tijd de grote middelen zal inzetten? Iedereen lijkt bevreesd voor een langere periode van deflatie, maar tegelijk lijkt niemand echt te geloven dat het zo ver zal komen. Daarom kunnen we de hele situatie een "chicken game" noemen: een spelletje waarin het erop aankomt te zien wie eerst opgeeft. Meer dan ooit is een juiste timing van cruciaal belang. Wellicht ligt ook daarin de verklaring voor de raadselachtige kloof tussen de aandelen- en de obligatiemarkten."

Frédéric Buzaré (Dexia AM): "Hoewel de economische terugval verschilt van die van 2004, reageren de aandelen op dezelfde manier. Tot nu toe leek de situatie in 2010 trouwens sprekend op die van 2004. Het enige verschil was de hogere volatiliteit. De aantrekkelijke waarderingen kunnen wellicht verklaren waarom de aandelenmarkten zo goed stand blijven houden, ook al ligt de groei heel wat lager en is er sprake van een onevenwichtige economische heropleving." Verwarrend en storend is wel dat beleggers op geregelde tijdstippen van het ene uiterste naar het andere overhellen. Ze gaan ofwel voluit voor risicoappetijt, ofwel voluit voor risicoaversie, en niemand in de markt lijkt op dat ogenblik voor enig tegengewicht te kunnen zorgen. Buzaré: "Betekent dit dat de aandelenmarkten minder intelligent of vooruitziend zijn dan de obligatiemarkten? In de huidige onzekere omstandigheden lijkt één ding vast te staan: veel grote beleggers wachten op een sterker signaal van de FED vooraleer ze opnieuw geld stoppen in aandelenbeleggingen. Waarom zouden ze nu kopen of risicovolle beleggingen verkopen als ze verwachten dat de FED binnen afzienbare tijd de grote middelen zal inzetten? Iedereen lijkt bevreesd voor een langere periode van deflatie, maar tegelijk lijkt niemand echt te geloven dat het zo ver zal komen. Daarom kunnen we de hele situatie een "chicken game" noemen: een spelletje waarin het erop aankomt te zien wie eerst opgeeft. Meer dan ooit is een juiste timing van cruciaal belang. Wellicht ligt ook daarin de verklaring voor de raadselachtige kloof tussen de aandelen- en de obligatiemarkten."