Fondsenbeleggers die willen investeren in obligaties uit de opkomende landen, kunnen kiezen tussen producten die beleggen in lokale valuta, producten die focussen op harde valuta, of een mix van beide. Terwijl de fondsen die beleggen in emissies in harde valuta de afgelopen vijf jaar gemiddelde geannualiseerde rendementen van 6 à 7 procent hebben gehaald, is de balans van zowat alle fondsen in lokale valuta negatief.
...

Fondsenbeleggers die willen investeren in obligaties uit de opkomende landen, kunnen kiezen tussen producten die beleggen in lokale valuta, producten die focussen op harde valuta, of een mix van beide. Terwijl de fondsen die beleggen in emissies in harde valuta de afgelopen vijf jaar gemiddelde geannualiseerde rendementen van 6 à 7 procent hebben gehaald, is de balans van zowat alle fondsen in lokale valuta negatief. Dat verschil is bijna volledig te wijten aan het Amerikaanse monetaire beleid. Toen Ben Bernanke, de voorzitter van de Federal Reserve, op 21 mei 2013 aankondigde dat zijn instelling haar soepele monetaire beleid zou beginnen afbouwen, stortten de munten van heel wat groeilanden in. De meeste hebben zich daar nooit echt van hersteld. De Maleisische ringgit noteert bijvoorbeeld nog altijd 30 procent onder het niveau van toen. De Indiase roepie heeft nog een achterstand van bijna 20 procent. Maar dat heeft de beleggers niet ontmoedigd. De grote gespecialiseerde fondsen beheren nog altijd miljarden aan activa. In het verleden zijn er periodes geweest waarin de dollar aan waarde verloor of de groei van de opkomende landen versterkte tegenover die van de ontwikkelde landen. Beleggingen in emissies in lokale valuta waren toen winstgevend. Vandaag doet zich opnieuw zo'n situatie voor. Diana Amoa, een van de beheerders van het fonds JP Morgan - Emerging Markets Local Currency Debt, onderstreept dat haar team "het voorbije jaar optimistisch is geworden over obligaties in lokale valuta". Er zijn heel wat indicaties dat die activaklasse meer potentieel heeft. Amoa wijst in de eerste plaats op het hoge rendement van gemiddeld 6 procent, veel meer dan papier uit de ontwikkelde landen."Tegelijk noteren valuta uit de opkomende landen nog altijd met een zeer hoge korting tegenover hun historische niveaus", vervolgt Amoa. "Toch zijn de economische fundamenten van de meeste groeilanden sterk verbeterd sinds 2013. De tekorten op hun lopende rekening zijn sterk teruggelopen. Ze zijn veel minder afhankelijk van financieringsstromen uit westerse landen en ze zijn beter in staat financiële schokken op te vangen." Ze stelt vast dat de Amerikaanse centrale bank haar beleidswijzigingen beter aankondigt. "De instelling is van plan haar monetaire beleid zeer geleidelijk te normaliseren." Cathy Hepworth, een beheerder van het fonds Nordea 1 - Emerging Markets Bond, blijft inzetten op emissies in harde valuta. Het aandeel van lokale valuta vertegenwoordigt slechts 41 procent van de activa van het fonds, dat is bekroond met vijf Morningstar-sterren. "Wij verwachten geen onaangename verrassingen van de Federal Reserve. Het klimaat zou heel 2018 gunstig moeten blijven voor schuldpapier uit de opkomende landen. Emissies in harde valuta hebben de afgelopen tien jaar meer veerkracht getoond, maar toch denken we dat de beste kansen nu te vinden zijn in de lokale valuta." Hoewel de financiële stromen zich sterk richten op emissies in lokale valuta, blijft hun waardering nog relatief laag tegenover van de historische niveaus. De groei van heel wat landen moet zich versterken, en landen zoals Brazilië en Rusland moeten verder uit het dal kunnen klimmen. De centrale banken van veel opkomende landen moeten daarvan kunnen profiteren om hun basisrente te verlagen. "De reële rentevoeten (de nominale rente min de inflatie) zijn zeer hoog, zeker in vergelijking met de westerse landen", zegt Diana Amoa. Cathy Hepworth is het ermee eens dat de groei in de grote opkomende landen versnelt, maar ze blijft terughoudend over de Chinese markt "die de komende jaren potentieel de meest destabiliserende factor blijft. Wij denken dat de markt in de toekomst positiever wordt en zich niet langer zal afvragen of de Chinese autoriteiten de problemen met de particuliere schulden echt onder controle hebben."Tegelijk onderstreept ze dat het verschil met de Amerikaanse tienjaarsrente aantrekkelijk blijft (rond 3%) en dat de valuta goedkoop blijven, terwijl de inflatie onder controle is en de externe onevenwichtigheden gecorrigeerd zijn. "Latijns-Amerika en Centraal-Europa ogen bijzonder aantrekkelijk." Diana Amoa wijst erop dat de posities van haar fonds vrijwel gelijk zijn verspreid over Latijns-Amerika, Oost-Europa en Azië. "In Latijns-Amerika rekenen we op het grootste stijgingspotentieel. We zien minder kansen op het Aziatische continent, al zijn we opnieuw positiever over China." Ze staat ook gunstig tegenover Oost-Europa. Haar voorkeur gaat uit naar Polen en Hongarije, waar "de economische data indrukwekkend zijn".Het fonds van Cathy Hepworth zet sterk in op landen met een hoger risico, zoals Brazilië, Argentinië en Oekraïne. "Wij waarderen zowel overheidsobligaties als bedrijfsobligaties van goede kwaliteit, met looptijden van vijf tot zeven jaar. Die hebben minder te lijden onder de volatiliteit die de renteverhogingen van de Amerikaanse centrale bank veroorzaakt." Volgens Hepworth profiteert Argentinië van de fiscale hervormingen van de regering. Die moeten de obligatiemarkt ondersteunen tot 2020. "In Brazilië verkiezen we papier van groepen zoals Petrobras, dat in veel opzichten lijkt op een overheidsobligatie. Het rendement ligt wel 0,7 tot 1,7 procent hoger." De opkomende obligatiemarkten kunnen nog volatiel zijn in de komende maanden, vooral in periodes dat de Amerikaanse centrale bank haar basisrente zou kunnen verhogen. "Maar we denken dat die periodes kansen bieden om ons te versterken in die activaklasse", besluit Diana Amoa.Lees ook: Negativisme rond opkomende markten heeft plaatsgemaakt voor rooskleurige perspectieven