Dit cijfer is volgens professor Stefan Duchateau de laatste voorlopende indicator op het totale ISM-cijfer van vandaag. Precies het zeer zwakke vertoon van deze laatste conjunctuurprognose vormde in de afgelopen maanden de onderbouw voor scenario van volgehouden monetaire stimulansen.

Wanneer ook deze indicator op "goed weer" komt te staan, dan lijkt her erop dat de monetaire overheden wat meer op de rem dreigen te gaan staan.

De impact hiervan op de economische groei is vrij volgens Duchateau onzeker, maar de gevolgen voor de rentevoeten zijn manifest duidelijk.

Door zijn doortastende optreden heeft de Amerikaanse overheid immers via rechtstreekse aankopen van massale obligatiepakketten, de obligatierente kunstmatig erg laag gehouden.

Door te abrupt deze politiek stop te zetten, dreigt de rente zich over een korte periode terug te herstellen op een "normaler peil", dat alleszins meer in overeenstemming ligt met de lange termijnperspectieven van de Amerikaanse economie.

Of in concrete termen gesteld : De reële rente zou zich dan eerder rond de twee procent moeten gaan instellen en dat is een substantieel verschil met de huidige nul-rente.

Dit brengt het doembeeld van de obligatiemarken in 1994 meteen terug op de agenda.

De situatie is echter niet vergelijkbaar omwille van de substantiële verschillen in inflatie en economische groei maar toch voldoende om verregaande terughoudendheid te veroorzaken.

De aandelenbeurzen bieden voldoende buffers voor een dergelijk scenario ( gelet op hun redelijke waardering en de opwaartse trend in bedrijfsresultaten).

De obligatiemarkten (nu al met de slechtste maandprestatie sedert in 3 jaar) bieden volgens professor Stefan Duchateau slechts een zeer dunne verdedigingslijn.

Looptijdverkorting op Amerikaans obligatiepapier lijkt daarom aangewezen. Ook Europese obligaties zullen in analogie met de Amerikaanse, met enkele moeilijke weken te kampen krijgen.

De lethargische economische groei en lage inflatie in Europa laten echter toe deze evolutie afwachtend te benaderen

Dit cijfer is volgens professor Stefan Duchateau de laatste voorlopende indicator op het totale ISM-cijfer van vandaag. Precies het zeer zwakke vertoon van deze laatste conjunctuurprognose vormde in de afgelopen maanden de onderbouw voor scenario van volgehouden monetaire stimulansen. Wanneer ook deze indicator op "goed weer" komt te staan, dan lijkt her erop dat de monetaire overheden wat meer op de rem dreigen te gaan staan. De impact hiervan op de economische groei is vrij volgens Duchateau onzeker, maar de gevolgen voor de rentevoeten zijn manifest duidelijk. Door zijn doortastende optreden heeft de Amerikaanse overheid immers via rechtstreekse aankopen van massale obligatiepakketten, de obligatierente kunstmatig erg laag gehouden. Door te abrupt deze politiek stop te zetten, dreigt de rente zich over een korte periode terug te herstellen op een "normaler peil", dat alleszins meer in overeenstemming ligt met de lange termijnperspectieven van de Amerikaanse economie. Of in concrete termen gesteld : De reële rente zou zich dan eerder rond de twee procent moeten gaan instellen en dat is een substantieel verschil met de huidige nul-rente. Dit brengt het doembeeld van de obligatiemarken in 1994 meteen terug op de agenda. De situatie is echter niet vergelijkbaar omwille van de substantiële verschillen in inflatie en economische groei maar toch voldoende om verregaande terughoudendheid te veroorzaken. De aandelenbeurzen bieden voldoende buffers voor een dergelijk scenario ( gelet op hun redelijke waardering en de opwaartse trend in bedrijfsresultaten). De obligatiemarkten (nu al met de slechtste maandprestatie sedert in 3 jaar) bieden volgens professor Stefan Duchateau slechts een zeer dunne verdedigingslijn. Looptijdverkorting op Amerikaans obligatiepapier lijkt daarom aangewezen. Ook Europese obligaties zullen in analogie met de Amerikaanse, met enkele moeilijke weken te kampen krijgen. De lethargische economische groei en lage inflatie in Europa laten echter toe deze evolutie afwachtend te benaderen