Het onderlinge wantrouwen tussen de Lidstaten laat het eerste echter niet toe terwijl het tweede wordt tegenwerkt vanuit de nationale politiek en Interne machtsverhoudingen.

De productie verschuift intussen gewoon verder naar de meest efficiënte producent ( want dat is logica van een muntunie ). De huidige maatregelen zijn dan ook slechts een tijdelijke en zeer dure vorm van symptoombestrijding. Om een verdere escalatie te voorkomen zijn effectieve maatregelen nodig die ook middellange termijn de muntunie kunnen ondersteunen.

Besparingen kunnen zinvolle impact krijgen

Dit kan op relatief eenvoudige wijze door een dubbel systeem te voorzien waarmee de financiële markten gestabiliseerd worden en een geleidelijk herstel in competitiviteit wordt gerealiseerd.

Hierdoor zullen de verregaande en pijnlijke besparingen uiteindelijk een zinvolle impact hebben i.p.v. zoals nu de Spaanse ( en Griekse en Portugese ) economie dieper in recessie te duwen.

De financiële stabilisatie wordt bereikt door een formele garantie uit te spreken over de uitgegeven (desnoods een deel ervan ) staatsschuld van de Lidstaten op Europees vlak , ondersteund door Noodfonds aangevuld IMF. De huidige beschikbare middelen van deze fondsen volstaan ruimschoots.

Voor landen als Spanje en Italië dreigt er immers geen default risico ( zoals bij Griekenland ) of er stelt zich geen onoplosbaar liquiditeitsprobleem. Wel is er een terechte vrees voor migratierisico.

D.w.z. dat er verschuivingen van ratings gaan optreden waardoor belangrijke verliezen kunnen optreden die men probeert te anticiperen door versnelde verkopen en hierdoor de gevreesde verliezen zelf zal uitlokken.

Wanneer er een rechtstreekse koppeling bestaat tussen de Staatsschuld en de middelen van het Europese Noodfonds, zal deze vrees voor individuele verschuivingen in ratings grotendeels weggenomen worden ( en verplaatst worden naar het groepsniveau ).

Een aanzet tot oplossing

We mogen hierbij volgens Duchateau echter niet de fout maken die bij het klassieke voorstel voor de invoering een geünifieerde overheidsschuld in Eurozone wordt gemaakt.

Het uitspreken van een dergelijke garantie zonder voorwaarden leidt ertoe dat er geen enkele druk meer zal uitgaan om tot een herstel te komen van budgettaire onevenwichten.

Dit geeft opnieuw aanleiding tot de gevreesde "moral hazard" situatie en is van aard een terecht wantrouwen op te wekken bij de Duitse bevolking die vreest uiteindelijk het gelag te moeten betalen.

Bij de uitwerking van een Europese waarborg is het vandaar belangrijk is dat budgettaire verschillen tot uiting worden gebracht via een objectieve berekening en worden doorgerekend in de vorm van renteverschillen. Grotere budgettekorten en schuldopbouw moeten aanleiding zijn tot hogere rente -maar dit proces mag niet alleen overgelaten worden aan de financiële markten.

Ongetwijfeld zullen er zelfs na de realisatie van onderhavig voorstel op de obligatiemarkten nog verschillen bestaan tussen de rente op de Spaanse en Duitse Overheidschuld , net zoals voor de eurocrisis, maar deze renteverschillen zullen in niet meer op stress-niveau's bevinden waardoor deze landen afgesloten zijn van een normale werking van de kapitaalmarkten.

Anderzijds wordt er binnen de structuur een penalisatie afgesproken die door het betrokken land moet worden afgestaan aan het Europese noodfonds en een objectieve vertaling moet zijn voor de additionele risico's die worden genomen op het vlak van tekorten en schuldopbouw.

Het onderlinge wantrouwen tussen de Lidstaten laat het eerste echter niet toe terwijl het tweede wordt tegenwerkt vanuit de nationale politiek en Interne machtsverhoudingen. De productie verschuift intussen gewoon verder naar de meest efficiënte producent ( want dat is logica van een muntunie ). De huidige maatregelen zijn dan ook slechts een tijdelijke en zeer dure vorm van symptoombestrijding. Om een verdere escalatie te voorkomen zijn effectieve maatregelen nodig die ook middellange termijn de muntunie kunnen ondersteunen. Besparingen kunnen zinvolle impact krijgen Dit kan op relatief eenvoudige wijze door een dubbel systeem te voorzien waarmee de financiële markten gestabiliseerd worden en een geleidelijk herstel in competitiviteit wordt gerealiseerd. Hierdoor zullen de verregaande en pijnlijke besparingen uiteindelijk een zinvolle impact hebben i.p.v. zoals nu de Spaanse ( en Griekse en Portugese ) economie dieper in recessie te duwen. De financiële stabilisatie wordt bereikt door een formele garantie uit te spreken over de uitgegeven (desnoods een deel ervan ) staatsschuld van de Lidstaten op Europees vlak , ondersteund door Noodfonds aangevuld IMF. De huidige beschikbare middelen van deze fondsen volstaan ruimschoots. Voor landen als Spanje en Italië dreigt er immers geen default risico ( zoals bij Griekenland ) of er stelt zich geen onoplosbaar liquiditeitsprobleem. Wel is er een terechte vrees voor migratierisico. D.w.z. dat er verschuivingen van ratings gaan optreden waardoor belangrijke verliezen kunnen optreden die men probeert te anticiperen door versnelde verkopen en hierdoor de gevreesde verliezen zelf zal uitlokken. Wanneer er een rechtstreekse koppeling bestaat tussen de Staatsschuld en de middelen van het Europese Noodfonds, zal deze vrees voor individuele verschuivingen in ratings grotendeels weggenomen worden ( en verplaatst worden naar het groepsniveau ). Een aanzet tot oplossing We mogen hierbij volgens Duchateau echter niet de fout maken die bij het klassieke voorstel voor de invoering een geünifieerde overheidsschuld in Eurozone wordt gemaakt. Het uitspreken van een dergelijke garantie zonder voorwaarden leidt ertoe dat er geen enkele druk meer zal uitgaan om tot een herstel te komen van budgettaire onevenwichten. Dit geeft opnieuw aanleiding tot de gevreesde "moral hazard" situatie en is van aard een terecht wantrouwen op te wekken bij de Duitse bevolking die vreest uiteindelijk het gelag te moeten betalen. Bij de uitwerking van een Europese waarborg is het vandaar belangrijk is dat budgettaire verschillen tot uiting worden gebracht via een objectieve berekening en worden doorgerekend in de vorm van renteverschillen. Grotere budgettekorten en schuldopbouw moeten aanleiding zijn tot hogere rente -maar dit proces mag niet alleen overgelaten worden aan de financiële markten. Ongetwijfeld zullen er zelfs na de realisatie van onderhavig voorstel op de obligatiemarkten nog verschillen bestaan tussen de rente op de Spaanse en Duitse Overheidschuld , net zoals voor de eurocrisis, maar deze renteverschillen zullen in niet meer op stress-niveau's bevinden waardoor deze landen afgesloten zijn van een normale werking van de kapitaalmarkten. Anderzijds wordt er binnen de structuur een penalisatie afgesproken die door het betrokken land moet worden afgestaan aan het Europese noodfonds en een objectieve vertaling moet zijn voor de additionele risico's die worden genomen op het vlak van tekorten en schuldopbouw.