Het analistenteam van ING heeft het universum van aandelen die zij opvolgen in december al gescreend om de risico's die gepaard gaan met de brexit bloot te leggen. Ze hebben gekeken naar de directe blootstelling van bedrijven aan het Verenigd Koninkrijk. Hoeveel procent van hun omzet of opbrengsten behalen de bedrijven uit de Benelux in het Verenigd Koninkrijk?

De analisten van ING hebben een lijstje samengesteld van zeven bedrijven die het meest blootgesteld zijn aan de brexit, waaronder vijf Nederlandse en twee Belgische aandelen. Het gaat om de Nederlandse bouwgroepen BAM en VolkerWessels, de bouwer van fundamenten voor offshore windparken, olie en gasboortorens SIF Group, het advies en ingenieursbureau Arcadis, het fietsenbedrijf Accell en de biovoedingspecialist Wessanen.

© ING

In België gaat het om de tapijtenproducent Balta, de schuimspecialist Recticel en de chemiegroep Tessenderlo. Balta kwam in juni 2017 naar de beurs, een jaar nadat de Britten zich in een referendum uitspraken tegen het lidmaatschap van Europa. Je zou dus kunnen zeggen dat beleggers wisten waaraan ze begonnen, maar sindsdien ging de koers van de tapijtenboer alleen maar bergaf. Het aandeel van het VK in de omzet wordt door ING geschat op 20 procent, vooral door de verkoop aan particulieren. De Britten zijn zowat de laatsten die kamerbreed tapijt in hun huis leggen. In de rest van Europa moet de tapijtmarkt het vooral hebben van hotels en kantoren. In het jaarverslag van Balta van 2017 was dat nog meer dan 22 procent van de omzet. Het VK was goed voor iets meer dan de helft van de 'residentiële' verkoop van Balta (31% van de omzet), maar de Britten vervangen hun tapijten ook niet meer. De verkoop in het VK is al een tijdje aan het sputteren. Nadat de bedrijfskasstroom halveerde in het derde kwartaal van 2018 maakte Balta bekend dat er een strategische oefening werd gestart, waarbij het geen taboe was om een divisie af te stoten bijvoorbeeld het residentiële segment.

Balta maakt bijna alle producten die het verkoopt in het VK in België. Schommelingen van het pond versus de euro hebben een impact op de winst van Balta. Door de omrekening naar euro holt een zwakkere pond de winst uit. Bovendien zijn de kosten in duurdere euro's en de opbrengsten in goedkopere ponden, waardoor de productiekosten moeilijker door te rekenen zijn. Een derde van de blootstelling aan het pond zou volgens ING gedekt zijn door indekkingscontracten en prijsmechanismes. Een deel van de verkoop in het VK wordt bijvoorbeeld in euro gefactureerd. Op het niveau van de bedrijfskasstroom is de impact iets kleiner, omdat de marges in de residentiële divisie kleiner zijn dan in andere divisies (6% t.o.v. 11% marge voor de hele groep). De analisten van ING schatten dat 13 procent van de bedrijfskasstroom blootgesteld is aan het pond.

Alle divisies van Recticel, behalve de matrassenafdeling, verkopen in het VK. Goed voor in totaal 10 à 11 procent van de omzet en de bedrijfskasstroom. Voor de isolatiedivisie, met de hoogste marges (15% versus 7% voor de ganse groep). Recticel heeft in tegenstelling tot Balta fabrieken in het VK, wat de impact enigszins verzacht, maar de grondstoffen worden gekocht in euro. Het bedrijf dekt zich wel in tegen dat laatste. Bij Tessenderlo spreken we slechts over 5 procent 'Britse' omzet en bedrijfskasstroom.

De analisten merken ook op dat de koers van de Belgische holding Ackermans & van Haaren in de maanden na de brexit stevig onder druk stond. Het aandeel is wellicht in hoofdzaak onrechtstreeks gevoelig voor de brexit, want het is een conjunctuurgevoelig aandeel. Voornamelijk via de baggeraar DEME en de bouw- en de bankactiviteiten zal een eventuele groeivertraging door een no deal- of harde brexit Ackermans pijn doen. Er is ook een kleine rechtstreekse blootstelling. Dochter Bank Delen deed in 2011 namelijk een overname in het VK. De private bank verwierf meer dan 73 procent in de Britse vermogensbeheerder JM Finn. De analisten van ING schatten dat Bank Delen goed is voor 28 procent van de nettowinst van Ackermans. Het VK is echter slechts goed voor 7 procent van de nettowinst van Bank Delen en dat komt overeen met 2 procent van de nettowinst van Ackermans. Er is een groot verschil met de rechtstreekse blootstelling van Balta bijvoorbeeld, want Finn 'maakt' geen producten in België en heeft geen productiekosten in euro.

Het lijstje van ING is niet volledig en bevat enkel bedrijven waar er meer dan 5 procent van de bedrijfskasstroom op het spel staat. Ontex bijvoorbeeld verkoopt ook hygiënische verbanden in ziekenhuizen in het VK, maar staat niet in de lijst van ING met meest kwetsbare bedrijven. Het VK en Ierland zijn een van de drie belangrijkste markten voor de divisie 'health care', die goed is voor 19 procent van de groepsomzet. Het bedrijf heeft zich ook ingedekt tegen wisselkoersschommelingen. Ontex zelf schreef in zijn jongste jaarverslag dat een versterking van de euro met 10 procent, minder dan 1 miljoen euro op een totale winst van 128 miljoen euro scheelt.

Een kleiner aandeel als Lotus Bakeries wordt niet door ING gevolgd, maar haalt net als Balta naar schatting een vijfde van zijn omzet in het VK. Ook Deceunick, Agfa-Gevaert, Ageas, Sioen en Van de Velde hebben een link met het VK. En de specialist in zorgvastgoed Aedifica deed nog maar net een grote investering in het VK.