Welke munt is dit jaar het meest gestegen tegenover de euro? De dollar? De Zwitserse frank? Nee, de Russische roebel, met een stijging van 25 procent. De roebel is ook hard gestegen tegenover de dollar. De oorzaak ligt dus bij de sterkte van de roebel, meer dan bij de zwakte van de andere munten. Die evolutie lijkt paradoxaal in het licht van het bombardement aan economische sancties dat Rusland over zich heen kreeg. Maar er is een perfect logische verklaring voor.

Kort na de Russische invasie nam de roebel een duikvlucht. De Russische autoriteiten hebben de druk op de roebel agressief gepareerd door een salvo van noodmaatregelen. Exportbedrijven werden verplicht een stuk van hun deviezenreserves om te zetten in roebel. De centrale bank katapulteerde de rente in één ruk van 9,5 naar 20 procent, sloot de aandelenmarkt en voerde strenge kapitaalcontroles in. Die maatregelen hielpen de val te stuiten, maar kunnen het herstel van de roebel niet alleen verklaren.

De centrale bank kondigde eind maart aan onbeperkt goud te kopen van de Russische banken tegen een vaste prijs van 5.000 roebel (52 dollar) per gram. Door de bereidheid van de centrale bank om goud op te kopen tegen een vaste prijs in roebel creëerde ze de facto een gouden standaard, zoals de wereld er een had tot 1971. Dezelfde week eiste Rusland dat de aankopen van gas door onvriendelijke landen in roebel zouden gebeuren, waardoor de roebel niet alleen aan goud werd gekoppeld, maar ook aan grondstoffen. De roebel ging door het dak, zodat de centrale bank zich al op 7 april genoodzaakt zag voortaan goud op te kopen tegen een genegotieerde prijs. Mede door de exploderende grondstoffenprijzen, waarvan Rusland zelf het vuur aan de lont heeft gestoken, rijft het land nu elke maand voor 20 miljard dollar gas- en olie-inkomsten binnen, in roebel. Tegelijk is de import ingestort, waardoor Rusland per saldo een enorm overschot op zijn handelsbalans neerzet.

De roebel, de sterkste munt ter wereld.

De koppeling van de roebel aan goud en grondstoffen is niet tijdelijk. Nikolaj Patroesjev, de secretaris van de Veiligheidsraad van de Russische Federatie, zei in een interview dat Russische deskundigen werken aan een nieuw monetair systeem met twee circuits, waarbij de waarde van de roebel zou worden bepaald én gewaarborgd door goud en grondstoffen. Rusland grijpt daarmee terug naar een idee dat Keynes verdedigde op de Bretton Woods-conferentie van 1944, die de naoorlogse monetaire wereldorde moest uittekenen. Hij pleitte voor de invoering van een supranationale munt, de bancor, waarin de internationale handel zou worden afgewikkeld. De waarde zou worden gekoppeld aan dertig grondstoffen, waaronder goud. Het voorstel werd afgeschoten door de Amerikanen en Bretton Woods baarde een nieuwe gouden standaard. In 1971 knipte president Nixon de band tussen de dollar en goud door en sindsdien leven we in een wereld van fiatgeld, waarbij geld niet langer door harde activa wordt gewaarborgd, maar door het vertrouwen in de overheid.

De terugkeer naar een gouden standaard is voor Rusland, dat een verwaarloosbare staatsschuld torst, ook een verzet tegen een wereld van fiatgeld waar de dollar koning is en die heeft geleid tot een wereldwijde schuldexplosie. Een munt waarvan de wisselkoers wordt afgestemd op zijn ware koopkracht, het is eens wat anders dan de gebakken lucht van crypto. Het maakt van de roebel potentieel de sterkste munt ter wereld. Die sterkte mag dan deels artificieel zijn omdat er geen vrije markt meer is in de handel in roebel, ze is ook gegrond in een terugkeer naar een monetair systeem waarin geld niet zomaar uit het niets kan worden gecreëerd.

Welke munt is dit jaar het meest gestegen tegenover de euro? De dollar? De Zwitserse frank? Nee, de Russische roebel, met een stijging van 25 procent. De roebel is ook hard gestegen tegenover de dollar. De oorzaak ligt dus bij de sterkte van de roebel, meer dan bij de zwakte van de andere munten. Die evolutie lijkt paradoxaal in het licht van het bombardement aan economische sancties dat Rusland over zich heen kreeg. Maar er is een perfect logische verklaring voor. Kort na de Russische invasie nam de roebel een duikvlucht. De Russische autoriteiten hebben de druk op de roebel agressief gepareerd door een salvo van noodmaatregelen. Exportbedrijven werden verplicht een stuk van hun deviezenreserves om te zetten in roebel. De centrale bank katapulteerde de rente in één ruk van 9,5 naar 20 procent, sloot de aandelenmarkt en voerde strenge kapitaalcontroles in. Die maatregelen hielpen de val te stuiten, maar kunnen het herstel van de roebel niet alleen verklaren. De centrale bank kondigde eind maart aan onbeperkt goud te kopen van de Russische banken tegen een vaste prijs van 5.000 roebel (52 dollar) per gram. Door de bereidheid van de centrale bank om goud op te kopen tegen een vaste prijs in roebel creëerde ze de facto een gouden standaard, zoals de wereld er een had tot 1971. Dezelfde week eiste Rusland dat de aankopen van gas door onvriendelijke landen in roebel zouden gebeuren, waardoor de roebel niet alleen aan goud werd gekoppeld, maar ook aan grondstoffen. De roebel ging door het dak, zodat de centrale bank zich al op 7 april genoodzaakt zag voortaan goud op te kopen tegen een genegotieerde prijs. Mede door de exploderende grondstoffenprijzen, waarvan Rusland zelf het vuur aan de lont heeft gestoken, rijft het land nu elke maand voor 20 miljard dollar gas- en olie-inkomsten binnen, in roebel. Tegelijk is de import ingestort, waardoor Rusland per saldo een enorm overschot op zijn handelsbalans neerzet. De koppeling van de roebel aan goud en grondstoffen is niet tijdelijk. Nikolaj Patroesjev, de secretaris van de Veiligheidsraad van de Russische Federatie, zei in een interview dat Russische deskundigen werken aan een nieuw monetair systeem met twee circuits, waarbij de waarde van de roebel zou worden bepaald én gewaarborgd door goud en grondstoffen. Rusland grijpt daarmee terug naar een idee dat Keynes verdedigde op de Bretton Woods-conferentie van 1944, die de naoorlogse monetaire wereldorde moest uittekenen. Hij pleitte voor de invoering van een supranationale munt, de bancor, waarin de internationale handel zou worden afgewikkeld. De waarde zou worden gekoppeld aan dertig grondstoffen, waaronder goud. Het voorstel werd afgeschoten door de Amerikanen en Bretton Woods baarde een nieuwe gouden standaard. In 1971 knipte president Nixon de band tussen de dollar en goud door en sindsdien leven we in een wereld van fiatgeld, waarbij geld niet langer door harde activa wordt gewaarborgd, maar door het vertrouwen in de overheid. De terugkeer naar een gouden standaard is voor Rusland, dat een verwaarloosbare staatsschuld torst, ook een verzet tegen een wereld van fiatgeld waar de dollar koning is en die heeft geleid tot een wereldwijde schuldexplosie. Een munt waarvan de wisselkoers wordt afgestemd op zijn ware koopkracht, het is eens wat anders dan de gebakken lucht van crypto. Het maakt van de roebel potentieel de sterkste munt ter wereld. Die sterkte mag dan deels artificieel zijn omdat er geen vrije markt meer is in de handel in roebel, ze is ook gegrond in een terugkeer naar een monetair systeem waarin geld niet zomaar uit het niets kan worden gecreëerd.