1. Politieke omgeving

Politiek is de voornaamste kracht achter de macro-economische veranderingen. Het zijn de politieke kronkels die nieuwe marktparadigma's doen ontstaan, 'for better or worse'.

Binnen de tweede categorie vermeldt Jacobsen de kwantitatieve, monetaire versoepeling die rond augustus 2010 in Jackson Hole is ingezet door Ben Bernanke, de voorzitter van de Amerikaanse Federal Reserve.

Of nog de Long Term Refinancing Operation, opgestart door de ECB in december 2011. Nogmaals, het waren typische antwoorden op fase 1 (ontkenning) van de initiële crisis, ontstaan uit het losbarsten van de krediet-bubble.

Zowel politici als bankiers beweerden toen de oplossingen te kennen: budgettaire pacten, firewalls, noodlandingen ... In de werkelijkheid heeft men hier slechts te maken met verschillende nuances van eenzelfde idee: een solvabiliteitscrisis oplossen door liquiditeiten.

Ironisch genoeg hebben deze verschillende 'oplossingen' het probleem alleen maar acuter gemaakt: teveel schuld! We naderen op koerssnelheid het einde van het spel, waar onze gescheurde zakken en onze onmogelijkheid om tot een bijkomende fiscale of monetaire stimulus te komen ertoe zullen leiden dat de gevoerde beleidsvoerders de deur wordt gewezen.

Binnen de Europese Unie staat Duitsland op een kruising en moet het een keuze maken: nu betalen door de balans open te trekken of later betalen wanneer het land geïsoleerd geraakt met valuta van onhoudbare kracht ten opzichte van haar buurlanden.

Risicograad: 8

2. Onderliggende economische omgeving.

In Europa bereikt de werkloosheid een recordniveau van 10,9% van de actieve bevolking en bij de jongeren loopt dat cijfer op tot 22% (het overtreft zelfs 50% in Spanje).

Volgens de consensus zou de groei met 0,4% samentrekken in Europa, in vergelijking met +2,3% in de Verenigde Staten en +2,3% in de rest van de wereld.

Risicograad: 10

3. Waarderingen

De aandelenmarkt wordt verkeerd als barometer beschouwd voor de algemene economie en het risico. Op een moment waarop centrale banken massief liquiditeiten injecteren binnen de economie en een politiek in stand houden van bodemrentevoeten is de aandelenmarkt een bijzonder bedrieglijke indicator.

Binnen de ontkenningsfase en aan het begin van de protestfase bevindt de markt zich in een stijgende trend ten gevolge van een samenloop tussen fiscale stimuli en monetaire expansie. Bijgevolg zitten de markten slechts 5 à 10% onder hun hoogtepunt.

Risicograad: 5

Het goede nieuws is dat - wanneer zowel de economische omgeving als de politieke situatie een dieptepunt bereiken - het niet erger kan worden!

Het betekent ook dat de zowat 4 jaar van fase 1 en 2 ten einde lopen. Naar de mening van Jacobsen zou de eindfase zo'n 6 a 18 maanden kunnen duren, waarna wij opnieuw in een omgeving zouden moeten terechtkomen van lage schuldgraden.

Wat zal gebeuren tussen nu en de laatste fase is de hamvraag. De voornaamste hoop is dat men binnen deze tijdspanne een oplossing kan vinden en kan rekenen op de individuen en hun capaciteit om rationeel op te treden.

1. Politieke omgeving Politiek is de voornaamste kracht achter de macro-economische veranderingen. Het zijn de politieke kronkels die nieuwe marktparadigma's doen ontstaan, 'for better or worse'. Binnen de tweede categorie vermeldt Jacobsen de kwantitatieve, monetaire versoepeling die rond augustus 2010 in Jackson Hole is ingezet door Ben Bernanke, de voorzitter van de Amerikaanse Federal Reserve. Of nog de Long Term Refinancing Operation, opgestart door de ECB in december 2011. Nogmaals, het waren typische antwoorden op fase 1 (ontkenning) van de initiële crisis, ontstaan uit het losbarsten van de krediet-bubble. Zowel politici als bankiers beweerden toen de oplossingen te kennen: budgettaire pacten, firewalls, noodlandingen ... In de werkelijkheid heeft men hier slechts te maken met verschillende nuances van eenzelfde idee: een solvabiliteitscrisis oplossen door liquiditeiten. Ironisch genoeg hebben deze verschillende 'oplossingen' het probleem alleen maar acuter gemaakt: teveel schuld! We naderen op koerssnelheid het einde van het spel, waar onze gescheurde zakken en onze onmogelijkheid om tot een bijkomende fiscale of monetaire stimulus te komen ertoe zullen leiden dat de gevoerde beleidsvoerders de deur wordt gewezen. Binnen de Europese Unie staat Duitsland op een kruising en moet het een keuze maken: nu betalen door de balans open te trekken of later betalen wanneer het land geïsoleerd geraakt met valuta van onhoudbare kracht ten opzichte van haar buurlanden. Risicograad: 82. Onderliggende economische omgeving. In Europa bereikt de werkloosheid een recordniveau van 10,9% van de actieve bevolking en bij de jongeren loopt dat cijfer op tot 22% (het overtreft zelfs 50% in Spanje). Volgens de consensus zou de groei met 0,4% samentrekken in Europa, in vergelijking met +2,3% in de Verenigde Staten en +2,3% in de rest van de wereld. Risicograad: 103. Waarderingen De aandelenmarkt wordt verkeerd als barometer beschouwd voor de algemene economie en het risico. Op een moment waarop centrale banken massief liquiditeiten injecteren binnen de economie en een politiek in stand houden van bodemrentevoeten is de aandelenmarkt een bijzonder bedrieglijke indicator. Binnen de ontkenningsfase en aan het begin van de protestfase bevindt de markt zich in een stijgende trend ten gevolge van een samenloop tussen fiscale stimuli en monetaire expansie. Bijgevolg zitten de markten slechts 5 à 10% onder hun hoogtepunt. Risicograad: 5 Het goede nieuws is dat - wanneer zowel de economische omgeving als de politieke situatie een dieptepunt bereiken - het niet erger kan worden! Het betekent ook dat de zowat 4 jaar van fase 1 en 2 ten einde lopen. Naar de mening van Jacobsen zou de eindfase zo'n 6 a 18 maanden kunnen duren, waarna wij opnieuw in een omgeving zouden moeten terechtkomen van lage schuldgraden. Wat zal gebeuren tussen nu en de laatste fase is de hamvraag. De voornaamste hoop is dat men binnen deze tijdspanne een oplossing kan vinden en kan rekenen op de individuen en hun capaciteit om rationeel op te treden.