Immers het maakt een eind aan de discussie of men in aandelen moet investeren of in obligaties. Via een convertibel belegt men immers in beide. De belegger koopt immers een obligatie en heeft dan ook de voordelen hiervan namelijk een vaste aflossing en een jaarlijkse rente.

Echter als de aandelen van het bedrijf stijgen kan hij zijn obligatie omzetten in aandelen. Daarmee het voordeel van aandelen behalend namelijk koerswinst. 2012 was geen slecht jaar voor convertibels. Volgens Barclays is het gemiddelde rendement voor Europese beleggers 16,3% geweest.

Sinds de zomer van vorig jaar is er volgens W. Steentjes echter wel wat meer aan het gebeuren in de converteerbare obligatiemarken. Het aantal nieuwe emissies is meer dan verdubbeld sinds 2011 van € 7,5 mld naar € 17,7 mld. Dat bedrag lijkt dit jaar met gemak te worden doorbroken.

Arcelor Mittal heeft afgelopen week een converteerbare lening uitgegeven die € 1,7 md groot was. De lening die genoteerd is in
dollar was zelfs $ 500 mln groter dan het bedrijf (of beter de begeleidende banken) hadden ingeschat. Overigens is de lening geen vrijwillige converteerbare lening maar een verplichte.

Beleggers moeten dus onder bepaalde voorwaarden de aandelen kopen. Dat is anders bij de lening van het Spaanse ingenieursbureau Abengoa. De zesjarige lening heeft een rente van 6,25% en mag dus worden omgezet in aandelen. Abengoa wilde € 250 mln lenen.

De vraag van investeerders was maar liefst €1 mld. Het Spaanse bedrijf kon zodoende de lening verhogen naar € 400 mln. Dergelijk succes zullen meer bedrijven naar deze markt trekken.Natuurlijk had Abengoa de wind in de zeilen door de eveneens succesvolle Spaanse obligatieveiling.

Immers het maakt een eind aan de discussie of men in aandelen moet investeren of in obligaties. Via een convertibel belegt men immers in beide. De belegger koopt immers een obligatie en heeft dan ook de voordelen hiervan namelijk een vaste aflossing en een jaarlijkse rente. Echter als de aandelen van het bedrijf stijgen kan hij zijn obligatie omzetten in aandelen. Daarmee het voordeel van aandelen behalend namelijk koerswinst. 2012 was geen slecht jaar voor convertibels. Volgens Barclays is het gemiddelde rendement voor Europese beleggers 16,3% geweest. Sinds de zomer van vorig jaar is er volgens W. Steentjes echter wel wat meer aan het gebeuren in de converteerbare obligatiemarken. Het aantal nieuwe emissies is meer dan verdubbeld sinds 2011 van € 7,5 mld naar € 17,7 mld. Dat bedrag lijkt dit jaar met gemak te worden doorbroken. Arcelor Mittal heeft afgelopen week een converteerbare lening uitgegeven die € 1,7 md groot was. De lening die genoteerd is in dollar was zelfs $ 500 mln groter dan het bedrijf (of beter de begeleidende banken) hadden ingeschat. Overigens is de lening geen vrijwillige converteerbare lening maar een verplichte. Beleggers moeten dus onder bepaalde voorwaarden de aandelen kopen. Dat is anders bij de lening van het Spaanse ingenieursbureau Abengoa. De zesjarige lening heeft een rente van 6,25% en mag dus worden omgezet in aandelen. Abengoa wilde € 250 mln lenen. De vraag van investeerders was maar liefst €1 mld. Het Spaanse bedrijf kon zodoende de lening verhogen naar € 400 mln. Dergelijk succes zullen meer bedrijven naar deze markt trekken.Natuurlijk had Abengoa de wind in de zeilen door de eveneens succesvolle Spaanse obligatieveiling.