Dat deze stimulerende politiek overigens niet zonder gevaar is, is open deuren intrappen. Het gevaar van niet-interventie is immers veel groter. Overal, behalve in China ...

Het zal de belegger intussen niet ontgaan zijn dat de meeste officiële rentevoeten hun absolute nulpunt hebben bereikt in een ultieme poging om het krediet zo goedkoop te maken, dat ook de meest terughoudende investeerders niet meer aan de verleiding zullen kunnen weerstaan om hun investeringsplannen op te drijven en hiermee de economische groei de nodige impulsen te geven.

De rentevoeten van de tweede grootste economie, blijft echter opgezadeld met een relatief hoge korte termijnrente van 6%, ondanks onmiskenbare tekenen dat ook de lokale industriële groei begint te kraken onder de globale terugval van de vraag.

Zelfs een louter symbolische daling van deze rentetarieven zou volgens Duchateau volstaan om een wereldwijde adrenaline opstoot te veroorzaken.

Maar uit de commentaren van de Chinese leiders valt nergens af te leiden dat men een dergelijke stap zelfs maar zou overwegen (en deze houding lijkt niet te zijn ingegeven door een speltheoretische benadering om de verrassing zo groot mogelijk te maken wanneer de rentebeweging zich dan toch zou voordoen).

Rentebewegingen in China worden immers steeds ingeleid door wijzigingen in de reservecoëfficiënten van de lokale banken (de reserve requirement ratios), die echter geen krimp geven.

Dat deze stimulerende politiek overigens niet zonder gevaar is, is open deuren intrappen. Het gevaar van niet-interventie is immers veel groter. Overal, behalve in China ... Het zal de belegger intussen niet ontgaan zijn dat de meeste officiële rentevoeten hun absolute nulpunt hebben bereikt in een ultieme poging om het krediet zo goedkoop te maken, dat ook de meest terughoudende investeerders niet meer aan de verleiding zullen kunnen weerstaan om hun investeringsplannen op te drijven en hiermee de economische groei de nodige impulsen te geven. De rentevoeten van de tweede grootste economie, blijft echter opgezadeld met een relatief hoge korte termijnrente van 6%, ondanks onmiskenbare tekenen dat ook de lokale industriële groei begint te kraken onder de globale terugval van de vraag. Zelfs een louter symbolische daling van deze rentetarieven zou volgens Duchateau volstaan om een wereldwijde adrenaline opstoot te veroorzaken. Maar uit de commentaren van de Chinese leiders valt nergens af te leiden dat men een dergelijke stap zelfs maar zou overwegen (en deze houding lijkt niet te zijn ingegeven door een speltheoretische benadering om de verrassing zo groot mogelijk te maken wanneer de rentebeweging zich dan toch zou voordoen). Rentebewegingen in China worden immers steeds ingeleid door wijzigingen in de reservecoëfficiënten van de lokale banken (de reserve requirement ratios), die echter geen krimp geven.