Cruciaal in de ontwikkeling van deze regio blijft hoe dan ook de ontwikkeling van de economische activiteit in China.

Op het eerste zicht lijkt hier weinig goeds te rapen: voordurende neerwaartse correcties van de groeivoeten, een industriële sector die telkens opnieuw negatief verrast met lager dan verwachte PMI-indicatoren en officiële rentevoeten die op een te hoog niveau blijven om een herstel van industrie toe te laten maar moeilijk kunnen dalen om niet ongewild zuurstof toe te dienen aan de voortsnellende vastgoedprijzen of de voedselinflatie in de hand te werken.

Maar voor wie aandachtig waarneemt zijn er ook hier voorzichtige signalen waar te nemen: de voedselprijzen nemen op de internationale markten opvallend af en dit precies waar nodig om de Chinese voedselprijzen te bedaren, met name bij maïs en soja.

Maar zeker niet onbelangrijk is het recente signaal van de Chinese monetaire overheid dat locale banken nu (gerichte) leningen kunnen verstrekken beneden de bodemrente (die als een percentage wordt bepaald van de officiële rente).

Een zeer vroege, eerste zwaluw, weliswaar maar toch voldoende om hieruit de bereidheid van de Chinese overheid af te leiden om in te grijpen wanneer de economie nog verder weg zou zakken. Hoeveel verder de Chinese overheid het huidige neerwaartse pad nog wil blijven volgen vooraleer in te grijpen, blijft echter een open vraag.

De posities in aandelen worden geleidelijk best terug opgevoerd naar de maximale niveaus die overeenstemmen met het risiconiveau van hun beleggingsprofiel. Accenten worden hierbij best gelegd in Amerikaanse en Duitse aandelen en in specifieke sectoren als biotechnologie, water en toeleveringsbedrijven in de gasexploitatie.

Aziatische aandelen vormen de enige aanwezigheid in de groeilanden. Bedrijfsobligaties zijn tot een minimum teruggevoerd.

Binnen obligatieportefeuilles blijft de voorkeur uitgaan naar "high yield bonds" en "emerging bonds", met een kooptijd tot 5 jaar. De cashposities mogen licht worden opgebouwd ten koste van bedrijfsobligaties en staatsobligaties.

Cruciaal in de ontwikkeling van deze regio blijft hoe dan ook de ontwikkeling van de economische activiteit in China. Op het eerste zicht lijkt hier weinig goeds te rapen: voordurende neerwaartse correcties van de groeivoeten, een industriële sector die telkens opnieuw negatief verrast met lager dan verwachte PMI-indicatoren en officiële rentevoeten die op een te hoog niveau blijven om een herstel van industrie toe te laten maar moeilijk kunnen dalen om niet ongewild zuurstof toe te dienen aan de voortsnellende vastgoedprijzen of de voedselinflatie in de hand te werken. Maar voor wie aandachtig waarneemt zijn er ook hier voorzichtige signalen waar te nemen: de voedselprijzen nemen op de internationale markten opvallend af en dit precies waar nodig om de Chinese voedselprijzen te bedaren, met name bij maïs en soja. Maar zeker niet onbelangrijk is het recente signaal van de Chinese monetaire overheid dat locale banken nu (gerichte) leningen kunnen verstrekken beneden de bodemrente (die als een percentage wordt bepaald van de officiële rente). Een zeer vroege, eerste zwaluw, weliswaar maar toch voldoende om hieruit de bereidheid van de Chinese overheid af te leiden om in te grijpen wanneer de economie nog verder weg zou zakken. Hoeveel verder de Chinese overheid het huidige neerwaartse pad nog wil blijven volgen vooraleer in te grijpen, blijft echter een open vraag. De posities in aandelen worden geleidelijk best terug opgevoerd naar de maximale niveaus die overeenstemmen met het risiconiveau van hun beleggingsprofiel. Accenten worden hierbij best gelegd in Amerikaanse en Duitse aandelen en in specifieke sectoren als biotechnologie, water en toeleveringsbedrijven in de gasexploitatie. Aziatische aandelen vormen de enige aanwezigheid in de groeilanden. Bedrijfsobligaties zijn tot een minimum teruggevoerd. Binnen obligatieportefeuilles blijft de voorkeur uitgaan naar "high yield bonds" en "emerging bonds", met een kooptijd tot 5 jaar. De cashposities mogen licht worden opgebouwd ten koste van bedrijfsobligaties en staatsobligaties.