Met de miljonairsbelasting, de verhoging van de tarieven van de roerende voorheffing en de verhoging van de beurstaksen worden beleggers anno 2012 zwaarder belast dan andere Belgen. Naast die heel zichtbare belastingverhogingen is de grootste verandering eigenlijk die van de administratieve verplichtingen. Weinigen staan erbij stil, maar we zullen voortaan met z'n allen onze roerende inkomsten moeten aangeven. Door twee belangrijke wijzigingen wordt de gemoedsrust van de belegger in de tang genomen: de afschaffing van het bevrijdende karakter van de roerende voorheffing en de oprichting van het centrale aanspreekpunt.

Voor de oprichting van het centrale aanspreekpunt zijn vanuit een bepaald politiek perspectief nog redelijke argumenten te bedenken, maar dat geldt niet voor de afschaffing van het bevrijdende karakter van de roerende voorheffing. Die maatregel kan worden beschouwd als een rondje (beleggende) burgers pesten.

Als een belegger bankiert bij een Belgische bank, houdt die de roerende voorheffing in als er interesten of dividenden worden uitgekeerd. De bank betaalt die belasting aan de Belgische overheid. De belegger krijgt enkel het nettobedrag op zijn bankrekening gestort. Tot 2011 was de kous daarmee af voor de belegger, de fiscus en de bank. Er hoefde verder niets meer te gebeuren en iedereen was tevreden.

Die tijden zijn voorbij. De belegger moet vanaf volgend jaar op zijn jaarlijkse belastingaangifte al zijn roerende inkomsten aangeven. Dat betekent dat hij op al zijn rekeninguittreksels moet gaan kijken hoeveel interesten en dividenden hij heeft ontvangen. Dat wordt een hele opgave. Zodra hij die informatie heeft verzameld, moeten de brutobedragen via de aangifte worden gemeld. De ingehouden roerende voorheffing moet worden opgegeven bij de verrekenbare voorheffingen. Het spreekt voor zich dat de banken hun klanten daarbij zullen moeten helpen. De fiscus moet de aangiftes controleren.

Een hele administratieve rompslomp dus. Mocht een en ander nuttig zijn, dan zouden we er nog begrip voor kunnen opbrengen. Maar nuttig is die regeling duidelijk niet. Het aangegeven inkomen wordt tegen hetzelfde percentage belast als de roerende voorheffing. De overheid int daardoor geen extra belasting, maar iedereen wordt wel lastiggevallen.

Sommigen zullen stellen dat die maatregelen worden ingevoerd omdat de overheid wil controleren hoeveel beleggers verdienen. Maar ook dat argument raakt kant noch wal. Tegelijk met de afschaffing van het bevrijdende karakter van de roerende voorheffing wordt een centraal aanspreekpunt opgericht. Daar kan de fiscus perfect zien wie wat heeft, want alle interesten en dividenden moeten daar worden gemeld. Ook alle bankrekeningen - zowel de binnenlandse als de buitenlandse - moeten worden aangegeven. Als de fiscus iets wil controleren, kan dat dus.

Tenzij het de regering-Di Rupo echt te doen is om een rondje burgertje pesten, wordt het bevrijdende karakter van de roerende voorheffing het beste zo snel mogelijk weer in ere hersteld. Volg de discussie mee via Twitter @anton_rivus.

Anton van Zantbeek

Advocaat Rivus

Met de miljonairsbelasting, de verhoging van de tarieven van de roerende voorheffing en de verhoging van de beurstaksen worden beleggers anno 2012 zwaarder belast dan andere Belgen. Naast die heel zichtbare belastingverhogingen is de grootste verandering eigenlijk die van de administratieve verplichtingen. Weinigen staan erbij stil, maar we zullen voortaan met z'n allen onze roerende inkomsten moeten aangeven. Door twee belangrijke wijzigingen wordt de gemoedsrust van de belegger in de tang genomen: de afschaffing van het bevrijdende karakter van de roerende voorheffing en de oprichting van het centrale aanspreekpunt.Voor de oprichting van het centrale aanspreekpunt zijn vanuit een bepaald politiek perspectief nog redelijke argumenten te bedenken, maar dat geldt niet voor de afschaffing van het bevrijdende karakter van de roerende voorheffing. Die maatregel kan worden beschouwd als een rondje (beleggende) burgers pesten. Als een belegger bankiert bij een Belgische bank, houdt die de roerende voorheffing in als er interesten of dividenden worden uitgekeerd. De bank betaalt die belasting aan de Belgische overheid. De belegger krijgt enkel het nettobedrag op zijn bankrekening gestort. Tot 2011 was de kous daarmee af voor de belegger, de fiscus en de bank. Er hoefde verder niets meer te gebeuren en iedereen was tevreden. Die tijden zijn voorbij. De belegger moet vanaf volgend jaar op zijn jaarlijkse belastingaangifte al zijn roerende inkomsten aangeven. Dat betekent dat hij op al zijn rekeninguittreksels moet gaan kijken hoeveel interesten en dividenden hij heeft ontvangen. Dat wordt een hele opgave. Zodra hij die informatie heeft verzameld, moeten de brutobedragen via de aangifte worden gemeld. De ingehouden roerende voorheffing moet worden opgegeven bij de verrekenbare voorheffingen. Het spreekt voor zich dat de banken hun klanten daarbij zullen moeten helpen. De fiscus moet de aangiftes controleren.Een hele administratieve rompslomp dus. Mocht een en ander nuttig zijn, dan zouden we er nog begrip voor kunnen opbrengen. Maar nuttig is die regeling duidelijk niet. Het aangegeven inkomen wordt tegen hetzelfde percentage belast als de roerende voorheffing. De overheid int daardoor geen extra belasting, maar iedereen wordt wel lastiggevallen.Sommigen zullen stellen dat die maatregelen worden ingevoerd omdat de overheid wil controleren hoeveel beleggers verdienen. Maar ook dat argument raakt kant noch wal. Tegelijk met de afschaffing van het bevrijdende karakter van de roerende voorheffing wordt een centraal aanspreekpunt opgericht. Daar kan de fiscus perfect zien wie wat heeft, want alle interesten en dividenden moeten daar worden gemeld. Ook alle bankrekeningen - zowel de binnenlandse als de buitenlandse - moeten worden aangegeven. Als de fiscus iets wil controleren, kan dat dus.Tenzij het de regering-Di Rupo echt te doen is om een rondje burgertje pesten, wordt het bevrijdende karakter van de roerende voorheffing het beste zo snel mogelijk weer in ere hersteld. Volg de discussie mee via Twitter @anton_rivus.Anton van ZantbeekAdvocaat Rivus