De beurskoers van de tweede grootste Europese oliemaatschappij zet zijn val verder nadat bekend werd dat de groep een boete moet betalen van 4,5 miljard dollar om de strafvervolging in de VS in de minne te regelen. De boete is een gevolg van de milieuramp die veroorzaakt werd nadat in 2010 het boorplatform Deepwater Horizon in de Golf van Mexico ontplofte.

BP is momenteel de goedkoopst genoteerde groep in de top 5 van private oliemaatschappijen als men kijkt naar de totale beurskapitalisatie in verhouding tot de reserves, productie en winsten. De olie- en gasreserves zijn op die manier bij BP gewaardeerd op 7,07 dollar per vat tegenover 14,41 dollar bij Royal Dutch Shell en 16,42 dollar bij Exxon. Deze twee oliereuzen worden het vaakst genoemd als mogelijke overnemers van BP.

Het management van de Britse groep wil zich echter niet zomaar naar de slachtbank laten leiden. Via een nieuw inkoopplan van eigen aandelen ter waarde van 3,7 miljard Britse pond wil de groep zijn beurskoers opkrikken. Het officieel goedkeuren van het plan kan echter nog even op zich laten wachten. Mogelijk komt er immers nog een schikking van de burgerrechtelijke vervolging voor de milieuschade vóór de start van het proces op 25 februari 2013.