Met andere woorden, vallen de aandelenkoersen vroeg of laat weer terug naar of onder de bodem van dit jaar of zijn de recente koersstijgingen een voorbode van nieuwe koersstijgingen?

De bovengestelde vraag is volgens Theodoor Gilissen Bankiers van weinig praktische betekenis. Twee voorbeelden maken duidelijk waarom.
1.Tussen 1965 en 1982 varieerden de herstelbewegingen na koersdalingen in de Dow Jones Industrial Average groter dan 20% met stijgingen tussen 30% en 75%.
In 1970 en in 1974 leken de neerwaartse koersuitbraken onder de voorgaande bodems aanvankelijk te duiden op een doorzettende 'bear'markt, maar volgden indrukwekkende rallies. In 1972 leek de koersuitbraak boven de vorige toppen een nieuwe 'bull'markt in te luiden. Het tegendeel bleek waar.

2. Herstelbewegingen groter dan 50% deden zich ook voor in de Japanse aandelenmarkt in de jaren negentig, waarna de koersen terugvielen naar nieuwe dieptepunten. Zelfs de ruime verdubbeling tussen 2003 en 2007 in de Nikkei-225 Index blijkt van voorbijgaande aard.

De stijging van ruim 30% in twee maanden tijd bezorgt menig belegger niet alleen hoogtevrees, maar ook terugkerende angst voor een correctie en impliciet een hervatting van de dalende trend die in 2007 van start ging.

De actuele vrees voor een 'bear'marktrally en hoop op een nieuwe 'bull'markt is het beste te begrijpen door het verleden te bestuderen.

Conclusie. 'Bear'marktrally of 'Bull'marktrally? Een studie naar cycli en koerspatronen in het verleden wijst op een stijgingspotentieel voor aandelen tot in 2010, aldus nog Theodoor Gilissen Bankiers.

Met andere woorden, vallen de aandelenkoersen vroeg of laat weer terug naar of onder de bodem van dit jaar of zijn de recente koersstijgingen een voorbode van nieuwe koersstijgingen?De bovengestelde vraag is volgens Theodoor Gilissen Bankiers van weinig praktische betekenis. Twee voorbeelden maken duidelijk waarom. 1.Tussen 1965 en 1982 varieerden de herstelbewegingen na koersdalingen in de Dow Jones Industrial Average groter dan 20% met stijgingen tussen 30% en 75%. In 1970 en in 1974 leken de neerwaartse koersuitbraken onder de voorgaande bodems aanvankelijk te duiden op een doorzettende 'bear'markt, maar volgden indrukwekkende rallies. In 1972 leek de koersuitbraak boven de vorige toppen een nieuwe 'bull'markt in te luiden. Het tegendeel bleek waar. 2. Herstelbewegingen groter dan 50% deden zich ook voor in de Japanse aandelenmarkt in de jaren negentig, waarna de koersen terugvielen naar nieuwe dieptepunten. Zelfs de ruime verdubbeling tussen 2003 en 2007 in de Nikkei-225 Index blijkt van voorbijgaande aard. De stijging van ruim 30% in twee maanden tijd bezorgt menig belegger niet alleen hoogtevrees, maar ook terugkerende angst voor een correctie en impliciet een hervatting van de dalende trend die in 2007 van start ging.De actuele vrees voor een 'bear'marktrally en hoop op een nieuwe 'bull'markt is het beste te begrijpen door het verleden te bestuderen. Conclusie. 'Bear'marktrally of 'Bull'marktrally? Een studie naar cycli en koerspatronen in het verleden wijst op een stijgingspotentieel voor aandelen tot in 2010, aldus nog Theodoor Gilissen Bankiers.