De Europese aandelenindexen zijn in amper drie maanden met 15 à 20 procent gestegen. Dat is niet uniek, maar wel uitzonderlijk. Vooral omdat de beweging eigenlijk al midden oktober werd ingezet en de winsten sindsdien zijn opgelopen tot meer dan 30 procent. De Brusselse beurs kende haar beste jaarstart in zeventien jaar.

De sterke(re) prestatie van de Europese aandelenmarkten was al sinds begin vorig jaar voorspeld. Maar het economisch herstel bleef uit en toen kwam de crisis in Oekraïne. De Europese aandelenbelegger zag amper winst. Maar dit keer werd uitstel geen afstel. Voor een keer passen de Europese puzzelstukjes wel mooi ineen.

De belangrijkste dag van het eerste kwartaal was voor de Europese financiële markten zonder enige discussie donderdag 22 januari. Op die dag kondigde voorzitter Mario Draghi aan dat ook de Europese Centrale Bank van start zou gaan met kwantitatieve versoepeling (QE). Zoals vooraf aangegeven, was dat de 'trigger', het cruciale feit om de Europese beurzen fors hoger te stuwen. Als er nu geen (cyclisch) economisch herstel komt in Europa, dan zal het nooit meer gebeuren, zo redeneren analisten en beleggers.

Minder uitbundig

Terwijl het in Europa feesten geblazen was, kende Wall Street een dof eerste kwartaal. Het waarderingsverschil, het vooruitzicht op een (geleidelijke) ommekeer in de rentepolitiek van de Federal Reserve dit jaar en de sterke dollar wegen op de resultaten van de Amerikaanse multinationals, die nadrukkelijk vertegenwoordigd zijn in de grote indexen.

U kunt er vergif op innemen dat het tweede kwartaal in Europa een stuk minder uitbundig zal zijn dan het eerste kwartaal. De genuanceerde boodschap van de Amerikaanse centrale bank heeft de opmars van de dollar voor even gestopt en we zien de jongste dagen en weken de aanzet tot een terugval op de Europese beurzen. Maar zoals eerder al aangehaald, zou zo'n tussentijdse correctie niet meer dan logisch en gezond zijn.

Nog niet in blessuretijd

De plotse, onverklaarbare en absurde klim van het Dexia-aandeel, de massale instroom van geld in Europese aandelenfondsen, de terugkeer van de particuliere belegger naar de beurs, de aankondiging van flink wat beursintroducties zijn allemaal signalen dat de beurshausse zich in een ver gevorderd stadium bevindt. We denken nog niet in termen van de (gevaarlijke) blessuretijd. Maar in elk geval zijn een grotere selectiviteit en meer aandacht voor waardering geen overbodige luxe.